De voorzitter opent de vergadering om 20 uur en wenst iedereen het allerbeste in 2026; er zijn 3 verontschuldigingen nl. schepen Van Staeyen S. en Willems R. en de heer Smets P..
De voorzitter wenst namens de gemeenteraad schepen Rudy Willems veel sterkte bij het overlijden van zijn moeder en wenst de heer Bart Oorts een gelukkige verjaardag.
Ook dhr. Cools B. maakt de wederzijdse wensen van zijn fractie over en heeft nog enkele vragen en bemerkingen:
De voorzitter antwoordt dat de varia voor de besloten zitting gepland staat en hij geen toelating geeft voor het maken van opnames. Wanneer de akte met registratierelaas m.b.t. de Zandheide raadpleegbaar is, zal deze bezorgd worden en het verslag van vorige maand zal aangepast worden zoals voorgesteld alvorens het wordt goedgekeurd.
De gemeenteraad,
Gelet op zijn beslissing van 26 november 2020 waarbij een gebruiksovereenkomst tussen de gemeente Zandhoven en de heer en mevrouw Saciri – Begeshi m.b.t perceel voortuin bij de woning Veldstraat 2A werd goedgekeurd voor een periode van 3 jaar.
Overwegende dat in artikel 4 van voormelde gebruiksovereenkomst stond vermeld dat “Na afloop van deze gebruiksovereenkomst zal de gebruiker tot en met 31 januari 2024 beschikken over het recht om als eerste te onderhandelen met het gemeentebestuur van Zandhoven over de aankoop van het beschreven goed.”
Gelet op de e-mail van 15 januari 2024 van de heer en mevrouw Saciri – Begeshi waarin zij meedelen dat zij het voormeld perceel voortuin niet wensen aan te kopen;- dat zij wel graag het huidige gebruik als voortuin willen verderzetten tegen dezelfde voorwaarden.
Gelet op zijn beslissing van 25 januari 2024 waarbij de gebruiksovereenkomst m.b.t perceel voortuin bij de woning Veldstraat 2A werd hernieuwd;- dat in de gebruiksovereenkomst een vergoeding van 25 euro per maand was opgenomen.
Gelet op het schrijven van 6 oktober 2025 van de heer en mevrouw Saciri met de vraag om geen vergoeding meer te moeten betalen voor het gebruik van de voortuin.
Overwegende dat de heer en mevrouw Saciri het onderhoud van de tuin op zich nemen.
Overwegende dat in andere gebruiksovereenkomsten met betrekking tot gebruik van percelen in eigendom van de gemeente ook geen vergoeding is opgenomen;- dat er bijgevolg akkoord kan gegaan worden om geen vergoeding meer te betalen voor het gebruik van het perceel vanaf 2026.
Overwegende dat het om voormelde reden aangewezen is om een nieuwe gebruiksovereenkomst m.b.t voormeld perceel af te sluiten;- dat aan deze gebruiksovereenkomst, op ieder ogenblik, een einde gesteld moet kunnen worden;- dat het evenwel billijk lijkt een opzegtermijn te voorzien van drie maanden;- dat de opzeg derhalve drie maanden op voorhand zal gegeven worden moeten worden en dit bij aangetekende brief.
Gelet op de tussenkomst van dhr. Cools B. die voorstelt om de gelden terug te betalen die de voorbije jaren reeds betaald werden, en dit zo gelijk te stellen met alle gelijkaardige situaties waarbij een gedeelte openbaar domein gratis gebruikt wordt in ruil voor het onderhoud.
Overwegende dat het noodzakelijk is over het amendement van dhr. Cools B. te beraadslagen en het ter stemming voor te leggen.
De voorzitter legt daarop de door dhr. Cools B. ingediende amendement ter stemming aan de raad voor.
De stemming geeft de volgende uitslag:
Aantal stemmen ten gunste van het amendement: 4
Aantal stemmen tegen het amendement: 16
Aantal onthoudingen: 0
Volgens onderstaand stemgedrag:
| Publieke stemming: Met 4 stemmen voor (Conny Van den Heuvel, Johan Steylaerts, Dieter Stulens, Bram Cools), 16 stemmen tegen (Luc Van Hove, Paula Henderickx, Mieke Maes, Hans Soetemans, Jelle Lauwereys, Maria Van Rompaey, Raf Kenis, Jan Valckx, Els Smits, Lies Verstraeten, Bart Oorts, Els Struyfs, Hans Lambert, Jef Leirs, Wouter Van Deuren, Patrick Ven) |
Het amendement van dhr. Cools B. is derhalve verworpen.
Overwegende dat het noodzakelijk is om te stemmen over de aanpassing aan de gebruiksovereenkomst m.b.t. Veldstraat 2 A.
Gelet op het ontwerp van gebruiksovereenkomst dat wordt voorgelegd.
Overwegende dat de bedingen, vastgesteld in deze overeenkomst, door de gebruikers en de gemeente aanvaard kunnen worden.
Overwegende dat het noodzakelijk is personen aan te stellen, die bij het onderteken van de bedoelde gebruiksovereenkomst, de gemeente zullen vertegenwoordigen en die gemachtigd zijn om namens de gemeente rechtsgeldig te handelen.
Gelet op artikel 41, 5° van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 1.
Goedkeuring te verlenen aan de navolgende gebruiksovereenkomst tussen de gemeente Zandhoven en de heer Saciri Denis en mevrouw Begeshi Merita (Veldstraat 2A - 2240 Zandhoven), die ingaat op 1 januari 2026:
| GEBRUIKSOVEREENKOMST |
||
|
|
Tussen de ondergetekenden: |
|
|
|
1) |
Het gemeentebestuur van Zandhoven, vertegenwoordigd door de heer Hans Soetemans, voorzitter gemeenteraad en mevrouw Annick Smeets, algemeen directeur; hierna ‘gemeentebestuur’ genoemd enerzijds |
|
|
en |
|
|
|
2) |
De heer Saciri Denis, geboren te Kragujevac op 10 oktober 1998 en mevrouw Begeshi Merita, geboren te Vucitrin op 8 september 1995, beiden wonende te 2240 Zandhoven, Veldstraat 2A; hierna ‘gebruiker’ genoemd anderzijds |
|
|
wordt het volgende overeengekomen: |
|
|
|
Artikel 1. Het gemeentebestuur van Zandhoven verleent de toelating aan de heer Saciri Denis en mevrouw Begeshi Merita, voormeld om het perceel grond, zoals in het rood staat aangeduid op het kadastraal plan en grenst aan het perceel ten kadaster gekend afdeling 1, sectie B nr. 304R, verder te gebruiken als voortuin. Het betreft een strook grond van ongeveer 125m². Artikel 2. Voor het gebruik van voormeld perceel wordt door de gebruiker geen vergoeding betaald aan het gemeentebestuur. Artikel 3. De gebruiker verbindt zich ertoe om de bedoelde strook grond enkel te gebruiken als voortuin en om deze netjes te onderhouden; het is ook verboden om constructies, beplantingen of andere elementen te plaatsen hoger dan 1,20m, zodat zij geen belemmering kunnen vormen voor de verkeersveiligheid in de straat. Alle kosten met betrekking tot gebruik en onderhoud zijn ten laste van de gebruiker. Artikel 4. Deze gebruiksovereenkomst wordt aangegaan voor een periode van onbepaalde duur. Indien de gebruiker wenst over te gaan tot aankoop van het hierboven bij a) beschreven goed, voormeld perceel zal verkocht worden aan de officiële schattingsprijs, alle kosten verbonden aan deze aankoop zijn ten laste van de gebruiker. Artikel 5. Beide partijen kunnen te allen tijde een einde stellen aan deze gebruiksovereenkomst door middel van een aangetekende brief. De gebruiker dient, drie maanden na de verzending van voormelde aangetekende brief, de betrokken strook grond in zijn oorspronkelijke staat te herstellen. |
|
Artikel 2.
De gemeenteraadsbeslissing van 25 januari 2024 waarbij de gebruiksovereenkomst m.b.t het perceel voortuin bij de woning Veldstraat 2A werd hernieuwd, wordt volledig ingetrokken.
Artikel 3.
De heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter van de gemeenteraad en algemeen directeur, worden afgevaardigd om de gemeente Zandhoven bij het afsluiten van de ‘gebruiksovereenkomst voortuin Veldstraat 2A’ te vertegenwoordigen en namens de gemeente rechtsgeldig te handelen.
Artikel 4.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat, de heer en mevrouw Saciri - Begeshi (Veldstraat 2A – 2240 Zandhoven) en de dienst Financiën bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Overwegende dat de gemeente Zandhoven eigenaar is van een strook grond van ongeveer 401m² in de Schildebaan ter hoogte van huisnummer 99 (kadastraal gekend afdeling 1, sectie B, perceelnummer 342B, 344B en 341C, bij de kruising Mussenbaan en Schildebaan);- dat voormelde strook grond deel uitmaakt van het openbaar domein en momenteel aangelegd is en gebruikt wordt als voortuin.
Gelet op de vraag van de heer John Gray en mevrouw Eeva Halla om een gebruiksovereenkomst af te sluiten met betrekking tot voormelde strook grond om te gebruiken als voortuin.
Overwegende dat het aangewezen lijkt om een gebruiksovereenkomst met betrekking tot voormelde strook grond af te sluiten;- dat aan deze gebruiksovereenkomst, op ieder ogenblik, een einde moet kunnen worden gesteld;- dat het evenwel billijk lijkt een opzegtermijn te voorzien van drie maanden;- dat de opzeg derhalve drie maanden op voorhand zal moeten gegeven worden en dit bij aangetekende brief.
Gelet op het ontwerp van ‘gebruiksovereenkomst’ dat wordt voorgelegd.
Overwegende dat de bedingen, vastgelegd in deze overeenkomst, door de gebruikers en de gemeente kunnen aanvaard worden.
Overwegende dat het noodzakelijk is personen aan te stellen, die bij het ondertekenen van de bedoelde gebruiksovereenkomst, de gemeente zullen vertegenwoordigen en die gemachtigd zijn om namens de gemeente rechtsgeldig te handelen.
Gelet op artikel 41, 5° van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 1.
Goedkeuring te verlenen aan navolgende gebruiksovereenkomst tussen de gemeente Zandhoven en de heer John Gray en mevrouw Eeva Halla (Schildebaan 99 - 2240 Zandhoven):
| GEBRUIKSOVEREENKOMST |
||
|
|
Tussen de ondergetekenden: |
|
|
|
1. |
Het gemeentebestuur van Zandhoven, vertegenwoordigd door de heer Hans Soetemans, voorzitter gemeenteraad en mevrouw Annick Smeets, algemeen directeur; hierna ‘gemeentebestuur’ genoemd enerzijds |
|
|
en |
|
|
|
2. |
De heer John Gray , geboren te Upper Hutt, Nieuw – Zeeland op 5 juli 1968, en mevrouw Eeva Halla, geboren te Helsinki, Finland op 25 maart 1982 beiden wonende te 2240 Zandhoven, Schildebaan 99; hierna ‘gebruiker’ genoemd anderzijds |
|
|
wordt het volgende overeengekomen: |
|
|
|
Artikel 1. Het gemeentebestuur van Zandhoven verleent aan de gebruiker de toelating om een perceel grond, ten kadaster gekend afdeling 1, sectie B, openbaar domein gelegen voor de woning Schildebaan 99 met een grootte van ongeveer 401m², te gebruiken als voortuin, zoals deze als ‘deel openbaar domein’ staat aangeduid op bijgevoegd opmetingsplan van 8 april 2015, opgemaakt door studiebureau Verhaert. Artikel 2. Voor het gebruik van voormeld perceel wordt door de gebruiker geen vergoeding betaald aan het gemeentebestuur. Artikel 3. De gebruiker verbindt zich ertoe om de bedoelde strook grond enkel te gebruiken als voortuin. De gebruiker verbindt zich ertoe de voortuin te onderhouden en in behoorlijke staat van netheid te houden. Het is ook verboden om constructies, beplantingen of andere elementen te plaatsen hoger dan 0,75m, zodat zij geen belemmering kunnen vormen voor de verkeersveiligheid in de straat. Alle kosten met betrekking tot gebruik en onderhoud zijn ten laste van de gebruiker. Artikel 4. Het gemeentebestuur heeft ten allen tijde het recht om noodzakelijk onderhoud of herstel uit te voeren aan nutsleidingen of de aanleg van noodzakelijke nutsvoorzieningen te doen. De gebruiker kan voor schade aan planten en gewassen die uit deze noodzakelijke werken volgen geen schadevergoeding eisen. Artikel 5. Deze gebruiksovereenkomst wordt aangegaan voor een periode van onbepaalde duur. Artikel 6. Beide partijen kunnen te allen tijde een einde stellen aan deze gebruiksovereenkomst door middel van een aangetekende brief. De gebruiker dient, drie maanden na de verzending van voormelde aangetekende brief, de betrokken strook grond in zijn oorspronkelijke staat te herstellen |
|
Artikel 2.
De heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter van de gemeenteraad en algemeen directeur, worden afgevaardigd om de gemeente Zandhoven bij het afsluiten van de gebruiksovereenkomst te vertegenwoordigen en namens de gemeente rechtsgeldig te handelen.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat en de heer en mevrouw Gray - Halla (Schildebaan 99 - 2240 Zandhoven) en de dienst Financiën bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van
bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Gelet op het bestuursdecreet van 7 december 2018, en latere wijzigingen.
Gelet op de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen.
Gelet op zijn beslissing van 28 maart 2024 waarbij de princiepsbeslissing m.b.t. de wegenis- en rioleringswerken in Mastendreef, Elzendreef, Acaciadreef, Heidedreef, Lindendreef, Berkendreef, Dennenlaan, Vroegeinde, Menkhoeve, Sparrendreef in Pulle: project nr. K-23-030 werd goedgekeurd en het goedkeuren van de samenwerkingsovereenkomst met Pidpa en de overwegingen en motivering opgenomen in die beslissing.
Overwegende dat Aquafin in het kader van haar opdracht het project T071001 – ‘Collector Dennenlaan Berkendreef’ wenst te realiseren om de vuilvracht van de omgeving Dennenlaan - Berkendreef aan te sluiten op het rioleringsstelsel richting RWZI Pulderbos.
Overwegende dat voormeld project T071001 van Aquafin valt binnen het projectgebied van het wegenis- en rioleringsproject K-23-030 dat Pidpa en de gemeente Zandhoven wensen uit te voeren.
Overwegende dat het zinvol is om beide projecten samen te voegen en gelijktijdig te laten uitvoeren conform de vooropgestelde timing met het oog op het behalen van de doelstellingen uit de SGBP3 (StroomGebiedBeheerPlannen).
Gelet op het ontwerp van engagementsverklaring met geïntegreerd projectplan dat daarvoor werd opgemaakt.
Overwegende dat de gemeente Zandhoven bij het ondertekenen van de engagementsverklaring moet vertegenwoordigd worden;- dat het derhalve noodzakelijk is twee personen aan te stellen die bij de ondertekening van bedoelde verklaring de gemeente Zandhoven zullen vertegenwoordigen en gerechtigd zullen zijn de engagementsverklaring rechtsgeldig te ondertekenen.
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te verlenen aan navolgende engagementsverklaring tussen de gemeente Zandhoven, intercommunale Pidpa en Aquafin:
| ENGAGEMENTSVERKLARING |
|||
|
|
TUSSEN: |
|
|
|
|
|
AQUAFIN N.V., een naamloze vennootschap naar Belgisch recht, met maatschappelijke zetel te Dijkstraat 8, 2630 Aartselaar, ingeschreven in de kruispuntenbank voor ondernemingen te Antwerpen onder RPR nummer 0440.691.388 en met BTW-nummer BE440.691.388, hier vertegenwoordigd door Glenn Van Olmen, directeur Business Development en Danny Baeten, directeur Projectmanagement (hierna “Aquafin” genoemd) |
|
|
|
EN |
|
|
|
|
|
Het gemeentebestuur van de Gemeente Zandhoven, vertegenwoordigd door de gemeenteraad in de persoon van de voorzitter van de gemeenteraad, Hans Soetemans, en algemeen directeur, Annick Smeets, (hierna genoemd “Gemeente Zandhoven”) |
|
|
|
EN |
|
|
|
|
|
De rioolbeheerder Pidpa, een cvba naar Belgisch recht, gevestigd Vierselse baan 5 te 2280 Grobbendonk, ingeschreven in de kruispuntbank der ondernemingen onder het RPR-nummer 204.908.936 en hier vertegenwoordigd door Eddy Troosters, directeur-generaal en Mieke Van den Brande, voorzitter (hierna genoemd “Pidpa”) |
|
|
|
Aangezien Aquafin in het kader van haar opdracht het project T071001 – ‘Collector Dennenlaan Berkendreef’ wenst te realiseren, zijn alle betrokken partijen geconsulteerd naar interfererende initiatieven. Aangezien de Gemeente Zandhoven verfraaiingswerken in de Dennenlaan en herstel 2de weghelft wenst te realiseren, vernieuwen bovenbouw in de Sparrendreef waar geen rioleringswerken zijn. Aangezien rioolbeheerder Pidpa het project GIP A224170 / K-23-030 – ‘Weg- en rioleringswerken in Mastendreef-Elzendreef-Acaciadreef-Heidedreef-Lindendreef-Berkendreef-Dennenlaan-Vroegeinde- Menkhoeve-Sparrendreef-Lokendreef’ wenst te realiseren. Aangezien alle partijen van oordeel zijn dat de opdrachten in het algemeen belang dienen te worden samengevoegd en het project conform een vooropgestelde timing dient gerealiseerd te worden. |
||
|
|
WORDT OVEREENGEKOMEN HETGEEN VOLGT: |
||
|
|
ARTIKEL 1 Geïntegreerd Projectplan Op basis van een overleg tussen de mogelijk betrokken partijen werd een geïntegreerd projectplan opgemaakt. Dit geïntegreerd projectplan is gevoegd in bijlage en maakt integraal deel uit van de engagementsverklaring. In het geïntegreerd projectplan zijn volgende elementen opgenomen:
Artikel 2 Engagement Elke partij engageert zich om het project conform het geïntegreerd projectplan te realiseren en het vastgelegde tijdspad te helpen realiseren en hiervoor tijdig alle beslissingen te nemen en de nodige procedures tijdig op te starten en te doorlopen. Elke partij engageert zich ook om tijdig de nodige acties te nemen om de nodige budgetten te voorzien binnen de gestelde raming en timing. Een partij die zich bij de start van het project niet engageert om te participeren, kan enkel nog maar toetreden tot het project indien alle partijen hiermee akkoord gaan en de later toetredende partij zich houdt aan het vastgelegde tijdspad. Bovendien gaat deze door het later intreden impliciet akkoord met alle in het project genomen beslissingen en engagementen. |
||
Artikel 2.
De heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter van de gemeenteraad en algemeen directeur worden gemachtigd deze engagementsverklaring te ondertekenen namens de gemeente Zandhoven.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan Pidpa (jan.belmans@pidpa.be), aan Aquafin (joke.denys@aquafin.be) en aan de dienst Financiën en technische dienst bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op het bestuursdecreet van 7 december 2018, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet op de basisbereikbaarheid van 26 april 2019, en latere wijzigingen.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 20 november 2020 over de regionale mobiliteitsplannen met integratie van de milieueffectrapportage, en latere wijzigingen.
Overwegende dat Vlaanderen is opgedeeld in vijftien vervoerregio’s waarvoor een regionaal mobiliteitsplan werd opgemaakt waarbij de gemeente Zandhoven behoort tot de Vervoerregio Antwerpen
Overwegende dat het Routeplan 2030, het regionaal mobiliteitsplan, de visie en ambities van de Vervoerregio Antwerpen vastlegt met een tijdshorizon 2030 – 2050.
Overwegende dat het Routeplan 2030 het multimodaal mobiliteitsplan is voor de Vervoerregio Antwerpen en het ontwikkelingskader vormt voor de verdere uitwerking van programma's en projecten op regionaal en lokaal niveau;- dat de focus ligt op het realiseren van een bereikbare en leefbare regio en op een structurele verhoging van het gebruik van duurzame mobiliteitsmiddelen tegen 2030.
Overwegende dat de Vlaamse regering de zogenaamde 50/50-ambitie voorop stelt: het aandeel duurzame (combi-)verplaatsingen verhogen tot minstens 50% en het autogebruik terugbrengen tot onder de 50%.
Overwegende dat het Routeplan 2030 de maatregelen bevat die noodzakelijk zijn om deze modal shift doelstelling te realiseren;- dat naast personenvervoer ook logistieke thema's geïntegreerd worden waar relevant.
Overwegende dat de doelstellingen van het Routeplan 2030 enkel gerealiseerd kunnen worden door een nauwe samenwerking tussen alle betrokken beleidsniveaus en partners;- dat hoewel een aantal ambities reeds werd toegewezen aan specifieke uitvoerende partners (zoals De Lijn, NMBS, AWV en Lantis), een belangrijk deel van de concrete uitwerking, met name inzake de versterking van de zachte netwerken en de mental shift, bij de lokale besturen ligt.
Overwegende dat om de lokale besturen hierbij te ondersteunen de Vervoerregioraad, op vraag van de lokale besturen, een regionaal servicecenter oprichtte;- dat dit servicecenter ondersteuning biedt via een uitgebreid aanbod aan producten, diensten, expertise en advies op maat;- dat Lantis hierin, samen met de Departement MOW, een faciliterende rol opneemt waarbij de mobiliteitsondersteuning via het regionaal servicecenter onder meer omvat:
Overwegende dat, met het oog op een duidelijke afstemming van de wederzijdse engagementen en afspraken, het aangewezen lijkt dat de lokale besturen binnen de Vervoerregio Antwerpen met Lantis een samenwerkingsovereenkomst afsluiten;- dat deze overeenkomst de samenwerking formaliseert in het kader van de gezamenlijke uitvoering van het Routeplan 2030.
Gelet op het ontwerp van samenwerkingsovereenkomst met BEHEERSMAATSCHAPPIJ ANTWERPEN MOBIEL naamloze vennootschap van publiek recht, handelend onder de benaming Lantis dat voorligt.
Overwegende dat gemeente Zandhoven bij het afsluiten van de samenwerkingsovereenkomst vertegenwoordigd moet zijn;- dat het derhalve noodzakelijk is twee personen aan te stellen die bij de ondertekening van bedoelde overeenkomst gemeente Zandhoven zullen vertegenwoordigen en gerechtigd zijn dit contract rechtsgeldig te ondertekenen.
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te geven aan volgende samenwerkingsovereenkomst:
| SAMENWERKINGSOVEREENKOMST IN HET KADER VAN DE UITVOERING VAN HET ROUTEPLAN 2030 |
||
|
|
Tussen |
|
|
|
|
Lokaal Bestuur Zandhoven, hier rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer Hans Soetemans, voorzitter gemeenteraad en mevrouw Annick Smeets, algemeen directeur hierna genoemd de ‘gemeente/stad’ |
|
|
En |
|
|
|
|
BEHEERSMAATSCHAPPIJ ANTWERPEN MOBIEL naamloze vennootschap van publiek recht, handelend onder de benaming Lantis, met maatschappelijke zetel te 2000 Antwerpen, Sint-Pietersvliet 7, ingeschreven in de Kruispuntbank voor Ondernemingen onder nummer 0860.139.085, hier rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer Bart Van Camp, Directeur Omgeving, en Bram Vandenboom, Algemeen Directeur, hierna genoemd ‘Lantis’ |
|
|
Hierna gezamenlijk de ‘Partijen’ genoemd en ieder afzonderlijk de ‘Partij’; |
|
|
|
Met kennisgeving aan Departement Mobiliteit en Openbare Werken, vertegenwoordigd door de Secretaris-Generaal. WORDT VOORAFGAANDELIJK UITEENGEZET ALS VOLGT: Samenwerking in de opmaak van het regionaal mobiliteitsplan “Routeplan 2030”
Samenwerking in de uitvoering van het Routeplan 2030
WORDT OVEREENGEKOMEN HETGEEN VOLGT: DEEL I - VOORWERP EN GEZAMENLIJK ENGAGEMENT Artikel 1. Voorwerp van de overeenkomst Deze samenwerkingsovereenkomst heeft als voorwerp om tussen Partijen afspraken te maken over de realisatie van de engagementen uit het Routeplan 2030, waarvoor Partijen verantwoordelijk zijn. Concreet worden afspraken gemaakt over de werking van de ondersteuning via een regionaal servicecenter en de wederzijdse opdrachten en verbintenissen hierin. Hiermee verbinden Partijen zich om samen de regionale uitvoering van het Routeplan 2030 te realiseren en dit engagement verder te concretiseren om zo samen die bereikbare, leefbare en welvarende regio te realiseren. Artikel 2. Definiëring en werking van het regionaal servicecenter Definitie regionaal servicecenter Het regionaal servicecenter biedt via concrete diensten en producten mobiliteitsondersteuning aan de gemeente/stad aan die deel uitmaakt van Vervoerregio Antwerpen en vult op deze manier een concrete nood van de gemeente/stad in. Dit door ofwel de gemeente/stad te ondersteunen en te faciliteren om tot uitvoering over te gaan ofwel door op regionale schaal een initiatief te nemen. Het Routeplan 2030 dient hierbij als kompas. Het regionaal servicecenter werd opgericht binnen de schoot van de Vervoerregioraad. Lantis staat in voor de uitbouw van dit servicecenter en haar diensten en producten, samen met het departement MOW (bv. als aanbestedende overheid, aanspreekpunt, organisator, adviseur…). Uitvoeren en samenwerken De overkoepelende ambitie van het regionaal servicecenter is de realisatie van het Routeplan 2030, ten dienste van alle betrokken lokale besturen, met in eerste instantie de realisatie van het uitvoeringsprogramma en de doorvertaling ervan naar regionale en lokale maatregelen. Om deze ambitie te kunnen realiseren is samenwerken over bestuurlijke niveaus en organisatiegrenzen heen cruciaal (zie ook Antwerps Werkplatform). De realisatie van het uitvoeringsprogramma kan bovendien enkel bereikt worden wanneer ook de stad/gemeente zelf projecten opneemt. Het regionaal servicecenter biedt hierbij ondersteuning. Antwerps Werkplatform Binnen de Antwerpse regio is vanuit het Toekomstverbond een governance-structuur vooropgesteld, met een ambtelijke samenwerking in het zogenaamde Antwerps Werkplatform. Dit platform fungeert als samenwerkingsmodel tussen ambtelijke entiteiten, waarmee gebiedsgericht de uitdagingen binnen de Antwerpse regio worden aangepakt. Het doel is om een gezamenlijk programma en portfolio te managen, gericht op de uitvoering van het Routeplan 2030 en de verschillende werven in dat kader. Meerwaarde voor lokale besturen Dankzij de schaalvergroting biedt de vervoerregiowerking en het regionaal servicecenter voor lokale besturen op verschillende niveaus een antwoord. De diensten en producten van het regionaal servicecenter bieden een meerwaarde aan alle lokale besturen in de Vervoerregio en vangen de nood aan extra mobiliteitscapaciteit op. Daarnaast fungeert dergelijke organisatie als één aanspreekpunt, wat de efficiëntie verhoogt en tijd bespaart. De schaalvergroting en de regiobrede aanpak binnen het Antwerps Werkplatform creëren ook een meerwaarde op het vlak van regionale communicatie, waarbij alle partners die een rol opnemen in de realisatie van de model shift gezamenlijk kunnen en zullen communiceren. Dit vertaalt zich in kant- en-klare communicatiepakketten die aan lokale besturen worden aangereikt. De schaalvergroting biedt ook de mogelijkheid om de lokale mobiliteitsnoden te vervatten in een regiobreed advies dat aan de betrokken instanties kan worden voorgelegd. Artikel 3. Bepaling van het programma voor het regionaal servicecenter Lokale besturen in de Vervoerregio Antwerpen geven aan over onvoldoende capaciteit en/of kennis te beschikken om de gedeelde ambities van het Routeplan 2030 te realiseren. Met het regionaal servicecenter wordt binnen de schoot van Lantis een antwoord op deze hulpvraag geboden. Deze regionale aanpak omvat verschillende producten en diensten die op grotere schaal uitgerold worden teneinde de Antwerpse mobiliteitstransitie te realiseren. De mobiliteitsondersteuning die Lantis via het regionaal servicecenter faciliteert voor de realisatie van het Routeplan 2030, vertrekt vanuit een vraaggestuurd aanbod gebaseerd op de noden en behoeften van de lokale besturen. Dit programma kan evolueren en/of uitbreiden in functie van behoeften, nieuwe marktinzichten, beleidswijzigingen en/of technische evoluties. De Vervoerregioraad en het ambtelijk overleg dienen hierbij als klankbord om de inhoud af te toetsen. Het aanbod van producten en diensten van het regionaal servicecenter is niet limitatief en kan in de loop van de tijd evolueren en uitbreiden. Ook kunnen producten en diensten verder en dieper uitgewerkt worden waardoor het nodig is om - naast deze samenwerkingsovereenkomst - specifieke (deel)overeenkomsten af te sluiten. Bij vragen voor nieuwe producten en/of diensten zal de afweging gemaakt worden in hoeverre deze kaderen binnen het Routeplan 2030, een regionale meerwaarde hebben en afgestemd worden binnen de vervoerregiowerking. DEEL II - AANBOD VAN HET REGIONAAL SERVICECENTER Artikel 4. Infrastructuurprojecten Infrastructurele maatregelen worden – afhankelijk van de bevoegdheid en wegbeheerder – uitgevoerd door hetzij Vlaamse entiteiten hetzij lokale besturen. Lantis staat in voor de uitvoering van infrastructuurprojecten (zoals fietsprojecten, P&R’s, andere knooppunten en OV-projecten) in functie van de minder hinder voor de Oosterweelverbinding, of zoals toegewezen door de Vlaamse overheid (via het Geïntegreerd Investeringsprogramma) voor projecten binnen het Routeplan 2030. In het geval van gezamenlijke of samengevoegde werken met lokale besturen, of wanneer werken plaatsvinden op het terrein van een lokaal bestuur, wordt steeds een aparte samenwerkingsovereenkomst tussen Partijen afgesloten. In deze samenwerkingsovereenkomsten worden afspraken gemaakt over de financiële verdeelsleutel, aanbestedingswijze, beheer, communicatie en dergelijke. Artikel 5. Impactmanagement & Minder hinder Lantis neemt een coördinerende rol op voor minder hinder en (projectoverschrijdend) impactmanagement in de regio, zoals bepaald in de beleidsnota MOW. Vanuit deze coördinatie van het impactmanagement wordt op bovenlokale schaal aan werfcoördinatie gewerkt, met als resultaat een geïntegreerde planning en fasering van werven. Om steden en gemeenten een goed overzicht te geven van alle projecten uit het Routeplan 2030, hun status, alsook de wegenwerken met impact op het verkeer in de Antwerpse vervoerregio, ontwikkelde de Vervoerregio een Dashboard Wegenwerken. Dit dashboard ondersteunt de verschillende wegbeheerders, waaronder de gemeenten, om de wegenwerken in de regio op elkaar af te stemmen, zodat de hinder voor de weggebruiker zoveel mogelijk wordt beperkt. De gemeente/stad (als wegbeheerder) engageert zich ertoe om informatie te verstrekken met betrekking tot wegenwerken met bovenlokale impact teneinde het Dashboard Wegenwerken actueel te houden en samen tot een optimale planning en fasering te kunnen komen. Artikel 6. Mobiliteitsondersteuning De Vervoerregio ondersteunt de gemeente/stad bij het initiëren van de juiste initiatieven en de uitvoering van projecten. Daarnaast wordt de kennis en/of capaciteit vergroot zodat de gemeente/stad zelf aan de slag kan gaan. Dit kan onder andere door het aanleveren van informatie en data, mobiliteitsplannen, verkeersveiligheidsmaatregelen, fietsbeleid, of de inrichting van bijvoorbeeld fietsstraten en schoolomgevingen. De gemeente/stad krijgt de nodige tools en ondersteuning om sneller zelf tot uitvoering te kunnen overgaan. Dankzij de mobiliteitsbegeleiding werkt Lantis samen met steden en gemeenten om de Vlaamse en regionale mobiliteitsambities te vertalen naar het lokale niveau. |
|
|
|
1. |
Mobiliteitsbegeleiding & -advisering |
|
|
|
Vanuit de vervoerregiowerking en het regionaal servicecenter worden lokale besturen begeleid in het lokaal en regionaal mobiliteitsbeleid. Naast de vastgelegde taken die het departement MOW uitoefent (bv. advies projecten en lokale mobiliteitsplannen), kan de Vervoerregio via het regionaal servicecenter de gemeente/stad ook bijkomend ondersteunen en adviseren op vraag. Op vlak van data en inzicht in verplaatsingsgedrag, wordt er ondersteuning geboden: de Vervoerregio Antwerpen gebruikt Floating Car Data (FCD) om verkeersstromen in beeld te brengen in de regio, om op die manier wegsegmenten te identificeren die al dan niet gebruikt worden volgens de besliste wegencategorisering. De Vervoerregio Antwerpen brengt de stromen op de interlokale en regionale wegen in beeld en deelt deze informatie met alle lokale besturen in de regio. Knelpunten die aan de basis kunnen liggen van deze verstoorde stromen worden ook zoveel mogelijk in beeld gebracht door reistijden op geïdentificeerde segmenten te berekenen door middel van FCD. De gemeente/stad kan vragen aan de Vervoerregio Antwerpen om ook andere, meer lokale, stromen in beeld te brengen om zo eventueel te reageren op vragen vanuit het eigen bestuur of van eigen bewoners. |
|
|
2. |
Uitrol van mobiliteitsknooppunten/Hoppinpunten |
|
|
|
Conform de geldende regelgeving staat de wegbeheerder in voor de realisatie van de mobiliteitsknooppunten of Hoppinpunten. De gemeente/stad staat in voor de realisatie van mobiliteitsknooppunten langs gemeentewegen op haar grondgebied. Voor de Vervoerregio Antwerpen ondersteunt het regionaal servicecenter (via Lantis) de gemeente/stad bij de uitwerking en realisatie van deze Hoppinpunten. Voor de ontwerpfase voorziet het regionaal servicecenter (via Lantis) reeds in ondersteuning voor opmaak van de Unieke Verantwoordingsnota (UVN) tot en met voorontwerp, naargelang de prioritering van de knooppunten (zie Projectfiche Hoppinpunten/Mobiliteitsknooppunten). Van de gemeente/stad wordt verwacht aan de slag te gaan met de uitrol en realisatie van deze Hoppinpunten, waarvoor hij wegbeheerder is. Indien de gemeente/stad beroep doet op de ondersteuning van het regionaal servicecenter voor de opmaak van het voorontwerp en/of UVN, wordt volgende overeengekomen met de gemeente/stad:
|
|
|
3. |
Inrichting lokaal openbaar domein |
|
|
|
Door middel van het aanbieden van relevante data, informatie en/of studiecapaciteit ondersteunt de Vervoerregio lokale besturen bij de opmaak en uitvoering van lokale mobiliteitsplannen en de inrichting van het openbaar domein, waaronder parkeren, fietsinfrastructuur, fietsroutes, wayfinding, laadinfrastructuur, enz. De gemeente/stad blijft verantwoordelijk voor de uitvoering en financiering van haar eigen projecten. |
|
|
4. |
Vrachtverkeer en lokale logistiek |
|
|
|
De Vervoerregio biedt inzicht in de mogelijkheden voor slimme en verkeersveilige vrachtroutes om de verkeersveiligheid in de kernen te verbeteren en tegelijk efficiënte en duurzame stadsdistributie en last mile logistiek te stimuleren. Met het oog hierop zet Lantis, samen met de inhoudelijke ondersteuning van andere partners, open projectoproepen in de markt. Het doel van dergelijke projectoproepen is het ondersteunen van innovatieve goederenprojecten in de Vervoerregio Antwerpen die bijdragen aan een efficiënter, duurzamer én economisch robuust goederenvervoer in de ganse regio. Rond vrachtverkeer & vrachtroutes kunnen nieuwe regiobrede initiatieven opgezet worden, samen met andere partners, naargelang de noden van de vervoerregio en lokale besturen. |
|
|
Artikel 7. Deelmobiliteit |
|
|
|
1. |
Algemeen |
|
|
|
Via de vervoerregiowerking worden lokale besturen ondersteund bij de uitrol van deelmobiliteit, door opzet van specifieke producten, diensten en/of contracten, of door algemene ondersteuning, zoals:
|
|
|
2. |
Elektrisch deelfietsensysteem |
|
|
|
Lantis fungeert als trekker, aanbestedende overheid en (deels) financier van het regionaal deelfietsensysteem (Cfr. huidige overheidsopdracht gegund aan Donkey Republic) om over de hele regio te kunnen beschikken over een dekkend deelfietsennetwerk. Lantis investeerde in een basisnetwerk van 1.650 elektrische deelfietsen in Vervoerregio Antwerpen en Waasland (in het kader van de minder hinder-aanpak). Daarnaast investeerden onder meer lokale besturen in extra (elektrische) fietsen in het aanvullend netwerk. Lantis rapporteert op kwartaalbasis aan de Vervoerregio over de evolutie in het gebruik van de deelfietsen. Deze samenwerkingsovereenkomst doet geen afbreuk aan de bestaande overeenkomsten met Lantis en Donkey Republic in het kader van dit deelfietsensysteem. De gemeente/stad engageert zich ertoe om in uitvoering van het Routeplan 2030 te blijven inzetten op (uitbreiding van) dit deelfietsensysteem en hiervoor de nodige kredieten te blijven voorzien tijdens de looptijd van de opdracht. |
|
|
3. |
Autodelen |
|
|
|
Binnen het kader van het Routeplan 2030 en actieplan Vervoer op maat werd gezamenlijk een strategie bepaald om deelwagens in te zetten (Zie Projectfiche Autodelen ). Vanuit de Vervoerregio worden de nodige acties uitgezet om autodelen uit te rollen, gesteund op gezamenlijk en wederzijds engagement van de Vervoerregio via Lantis en van de lokale besturen: |
|
|
|
(i) Aanbodzijde:
(ii) Vraagzijde:
|
|
|
Artikel 8 Mental Shift/gedragsverandering |
|
|
|
1. |
Bereikbaarheidsaanpak |
|
|
|
Om lokale besturen te ondersteunen bij het stimuleren van een gedragsverandering naar duurzame verplaatsingen bij gebruikers (werknemers, inwoners, bezoekers, etc.), wordt er vanuit het regionaal servicecenter een Bereikbaarheidsaanpak opgeschaald naar de Vervoerregio. De gemeente/stad neemt in dit kader een dubbele rol op:
De Bereikbaarheidsaanpak bestaat uit een vast proces met een mobiliteitsscan, een proefaanbod, infosessies en opvolgingsgesprekken, communicatie en een lerend netwerk (Zie Projectfiche Mental Shift – Bereikbaarheidsaanpak). De gemeente/stad onderschrijft de Bereikbaarheidsaanpak en neemt als werkgever actief deel aan deze aanpak en de daaruit volgende mobiliteitsoplossingen, die haar werknemers laat nadenken over hun verplaatsingsgedrag. De gemeente/stad heeft de mogelijkheid om de Bereikbaarheidsaanpak éénmalig gratis te organiseren voor haar eigen werknemers. Voor volgende rondes betaalt de gemeente/stad een éénmalige instapkost van 5.000 euro exclusief btw. De gemeente/stad die als werkgever deelgenomen heeft aan één of meerdere rondes van de Bereikbaarheidsaanpak, engageert zich ertoe om periodiek - zelf en/of via haar werknemers – deel te nemen aan bevragingen. Deze bevragingen maakt het mogelijk om de voortgang en de impact van de Bereikbaarheidsaanpak te meten. De resultaten bieden de gemeente/stad inzicht in het verplaatsingsgedrag van haar werknemers en stellen haar in staat om verdere maatregelen hierop af te stemmen. Met betrekking tot de deelname van de gemeente/stad als werkgever aan deze Bereikbaarheidsaanpak wordt tussen de Partijen een afzonderlijke overeenkomst afgesloten, waarin de specifieke rechten en verbintenissen van beide Partijen nader worden vastgelegd. Daarnaast tracht de gemeente/stad, samen met het regionaal servicecenter, andere potentiële deelnemers op haar grondgebied (bedrijven, scholen, ziekenhuizen, attractiepolen, ...) in kaart te brengen en actief aan te sporen om deel te nemen aan een ronde binnen de Bereikbaarheidsaanpak. Voor de opstart legt de gemeente/stad, samen met het regionaal servicecenter, de nodige contacten. Met deze dubbele rol – als deelnemende werkgever en als faciliterende partner binnen haar grondgebied – draagt de gemeente/stad bij aan de bredere gedragsverandering binnen de vervoerregio. |
|
|
2. |
Andere initiatieven ter ondersteuning van gedragsverandering |
|
|
|
Het Routeplan 2030 bevat ook andere initiatieven die bijdragen aan gedragsverandering, grotendeels gebaseerd op de bestaande aanpak en de ervaringen binnen het programma Slim naar Antwerpen. De bedoeling is om ook deze initiatieven verder op te schalen naar het niveau van de hele Vervoerregio. Het gaat onder meer om:
De concrete engagementen en wederzijdse verwachtingen maken deel uit van eventueel nog specifiek af te sluiten overeenkomsten. Er wordt hier ook verwezen naar onderstaande artikelen met betrekking tot communicatie en mobiliteitsdata. |
|
|
DEEL III - SAMENWERKINGSPRINCIPES In dit deel wensen Partijen een aantal principes op te nemen over hun samenwerking, waaronder afspraken over bevoegdheidsverdeling, overleg en aanspreekpunten, en (gezamenlijke) communicatie. Specifieke afspraken over concrete producten of diensten zullen voorwerp uitmaken van afzonderlijke overeenkomsten. Artikel 9. Afbakening van bevoegdheden en verantwoordelijkheden - Lokale uitvoering van het Routeplan 2030 Conform artikel 13 van het Decreet Basisbereikbaarheid zijn lokale besturen – net als de Vlaamse entiteiten – gebonden aan het regionaal mobiliteitsplan en staan ze in voor uitvoering van de projecten die onder hun lokale bevoegdheid vallen, op dezelfde manier als de entiteiten op Vlaams niveau verantwoordelijk zijn voor projecten binnen hun bevoegdheidsgebied. Vanuit de vervoerregiowerking wordt het Routeplan 2030 vertaald naar het lokaal niveau met fiches op maat van elk lokaal bestuur. Deze fiches bevatten projecten, maatregelen en overkoepelende engagementen uit het Routeplan, aangevuld met relevante data. Zowel op Vlaams als lokaal niveau is de geplande uitvoering en financiering onder voorbehoud van goedkeuring van de begroting en meerjarenplannen. Artikel 10. Afname van producten/diensten Wanneer de Vervoerregio niet beschikt over de benodigde expertise met betrekking tot een specifiek product of dienst, kan beroep gedaan worden op gespecialiseerde leveranciers en/of experten. Indien de Vervoerregio op vraag van lokale besturen een raamovereenkomst of aanbesteding in de markt zet, verbindt de gemeente/stad zich ertoe de nodige informatie aan te leveren teneinde een correcte opmaak van het bestek mogelijk te maken. Daarnaast verbindt de gemeente/stad zich ertoe om de gevraagde afname van de raamovereenkomst of aanbesteding op te nemen in de budgetten en het meerjarenplan. Artikel 11. Overleg Deze gevorderde samenwerking vormt enkel een succes wanneer er een transparante communicatie en structureel overleg plaatsvindt. Daarom worden volgende overlegstructuren ingezet die door de vervoerregiowerking worden gefaciliteerd en gecoördineerd:
Deze overlegmomenten kunnen wijzigen en/of uitgebreid worden, bijvoorbeeld met lerend netwerkmomenten, informatiesessies, participatietrajecten en dergelijke. De Partijen engageren zich ertoe om deel te nemen aan deze overlegmomenten of (netwerk)events georganiseerd in het kader van het Routeplan 2030. Artikel 12. Mobiliteitsdata en monitoring Door het gebruik van data kan de Vervoerregio Antwerpen het regionaal mobiliteitsplan Routeplan 2030 evalueren en, in samenspraak met de Vervoerregioraad, bijsturen waar nodig. De lokale besturen kunnen dankzij deze data geïnformeerde beslissingen nemen en eventueel gerichte maatregelen nemen op hun grondgebied. Naast de evaluatie op basis van indicatoren die in het kader van het Routeplan 2030 gemonitord worden, kan de Vervoerregio op vraag van de gemeente/stad volgende data aanleveren om haar projecten te staven met objectieve cijfers:
De gemeente/stad engageert zich om alle relevante mobiliteitsdata uit te wisselen in het kader van de aangeboden mobiliteitsondersteuning en de uitvoering van het Routeplan 2030. Zeker in functie van het opschalen van reisinformatie en routeplanning is het aanleveren van data over wegenwerken, evenementen, verkeersreglementen en dergelijke noodzakelijk. Artikel 13. Kennisdeling Via een digitale kennishub van het Routeplan 2030 biedt de Vervoerregio en het regionaal servicecenter lokale besturen een platform aan waarbij aan kennisdeling en informatie-uitwisseling wordt gedaan. Dit platform stelt lokale besturen in staat om efficiënter samen te werken. De gemeente/stad ontvangt als lid van de Vervoerregio een persoonlijke login en paswoord, waarmee toegang wordt verkregen tot allerhande nuttige documenten en informatie. Dat omvat o.a.: gemeentefiches RP2030, deelmobiliteit, mobiliteitsknooppunten, subsidiewijzer, infrastructuurprojecten, mobiliteitsdata & monitoring, bereikbaarheidsaanpak, verslagen overlegmomenten, nieuws en blogfunctie, events, routeplanner, contactpagina, enz. Lokale besturen kunnen via het platform met elkaar in dialoog gaan en gemeentelijke info met betrekking tot het Routeplan 2030 delen met elkaar. |
|
|
|
Artikel 14. Communicatie – gezamenlijke inspanningen en verantwoordelijkheid |
|
|
|
1. |
Gezamenlijke communicatiestrategie (in kader van projecten) |
|
|
|
Om gebruikers te ondersteunen en te sturen in hun keuzes, is heldere communicatie en reizigersinformatie cruciaal, aldus het Routeplan 2030. Daarom wordt een gezamenlijke communicatiestrategie gevolgd op basis van de principes van het Routeplan 2030, waarbij bereikbaarheid – ook tijdens de uitvoering van projecten en werven – van de regio centraal staat (Zie Projectfiche Communicatie).
Lokale besturen spelen hierin een actieve rol door op hun grondgebied tijdig en helder te communiceren over projecten, infrastructuurwerken en mobiliteitsmaatregelen. Vanuit de Vervoerregio (door Antwerps Werkplatform) wordt gezorgd voor de opmaak van de gezamenlijke communicatiestrategie, het narratief en alle (communicatie)initiatieven die hiervoor nodig zijn. Lantis is hiervoor SPOC van en naar lokale besturen en maakt middelen vrij om deze communicatiestrategie waar te maken. De gemeente/stad schaart zich achter deze gezamenlijke communicatiestrategie, engageert zich ertoe deze toe te passen in eigen project- en/of werfcommunicatie en zet zich mee in om via deze aangereikte communicatie-initiatieven gebruikers (bewoners, bezoekers, pendelaars) en de verschillende doelgroepen te informeren en te betrekken. |
|
|
2. |
Reisadvies op maat en nudging |
|
|
|
In functie van gedragsverandering en het nudgen of verleiden van gebruikers naar alternatieven, worden verschillende initiatieven opgezet, die regiobreed kunnen uitgerold worden. Uiteraard worden hier steeds evenwichten gezocht tussen de types verplaatsingen, doelgroepen en gebiedstypes (denk bijvoorbeeld aan het stimuleren van de trein in gebieden met treinaanbod, het in de kijker zetten van trams in de urbane zone, beelden op maat van de regio gebruiken,…) In de eerste plaats worden de succesvolle Slim naar Antwerpen-campagnes regiobreed gevoerd en in de kijker gezet. Deze campagnes richten zich op pendelaars, inwoners en bezoekers. De frequentie en inhoud van deze campagnes worden afgestemd op actuele en seizoensgebonden activiteiten. De gemeente/stad ontvangt kant-en-klare communicatiematerialen die een breed publiek bereiken. Om de impact van deze campagnes te maximaliseren, verbinden lokale besturen zich ertoe deze actief te verspreiden via hun eigen communicatiekanalen, zoals gemeentelijke websites, sociale media, infobrochures en lokale evenementen. Dit kan gemakkelijk via de widget van Slim naar Antwerpen/Slim Onderweg. Alleen door gezamenlijke inspanningen kan gedragsverandering worden gestimuleerd en kan de mobiliteit in de regio verduurzamen. Op lange termijn dragen deze nudging-campagnes bij aan een positieve gedragsverandering bij reizigers, los van de specifieke locaties en timing van infrastructuurwerken. Het uiteindelijke doel is een beter bereikbare en leefbare Antwerpse regio, zowel tijdens als na de werken. |
|
|
3. |
Communicatiepakketten over producten en diensten |
|
|
|
Lokale besturen worden op vlak van communicatie ondersteund door communicatiepakketten aan te bieden over de producten en diensten (bv. deelmobiliteit). De lokale besturen verbinden zich ertoe deze communicatiepakketten actief in te zetten om hun inwoners te informeren en te stimuleren tot duurzamere mobiliteitskeuzes. |
|
|
Artikel 15. Participatie binnen de vervoerregio Conform artikel 31 §2 van het Decreet Basisbereikbaarheid bepaalt de vervoerregioraad de structurele participatie van burgers en het middenveld in het mobiliteitsbeleid van de vervoerregio. Binnen het door de vervoerregioraad vastgelegde participatiekader werkt de gemeente/stad mee aan de concrete uitwerking hiervan binnen de clusters van de Vervoerregio. De vervoerregiowerking en het regionaal servicecenter bieden hierin ondersteuning en faciliteren de participatie binnen de Vervoerregio Antwerpen. DEEL IV - ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 16. Duur van de overeenkomst Huidige overeenkomst wordt aangegaan voor een duurtijd van 6 jaar, gelijklopend met het meerjarenplan van de gemeente/stad en rekening houdend met de richttijd van het huidige Routeplan 2030. Een verlenging van deze overeenkomst is mogelijk mits schriftelijk akkoord van de Partijen. Artikel 17. Nietigheid De nietigheid van een bepaling in deze overeenkomst zal geenszins de nietigheid van de overige bepalingen van de overeenkomst of van de overeenkomst zelf met zich meebrengen. Partijen zullen, in voorkomend geval, de nietige bepaling vervangen door een werkbare en geldige bepaling met een praktisch en economisch gelijkaardig resultaat. Evenzo zullen partijen te goeder trouw onderhandelen ten einde een voor iedere partij aanvaardbare oplossing te vinden indien zich een situatie of omstandigheid zou voordoen die niet is voorzien in de overeenkomst doch die gevolgen heeft ten aanzien van de uitvoering ervan. Artikel 18. Toepasselijk recht en bevoegde rechtbank Op onderhavige overeenkomst is uitsluitend het Belgische recht van toepassing. Uitsluitend de rechtbanken en hoven gelegen in het arrondissement Antwerpen zijn bevoegd om geschillen met betrekking tot onderhavige overeenkomst te beslechten. Alvorens een geschil voor te leggen aan de rechtbanken, verbinden de partijen er zich toe alles in het werk te stellen om het geschil in der minne te regelen. Artikel 19. Verwerking persoonsgegevens Indien partijen in kader van onderhavige samenwerkingsovereenkomst aan elkaar persoonsgegevens overmaken, dan is dat uitsluitend met het oog op de uitvoering van de samenwerking. De partijen worden beschouwd als afzonderlijke verwerkingsverantwoordelijken aangezien deze zelf het doel van en de middelen voor de verwerking van de persoonsgegevens in dit kader bepalen. Alle partijen waarborgen dat zij bij de verwerking van deze persoonsgegevens strikt de Belgische en Europese wetgeving inzake privacy en gegevensbescherming, waaronder de Europese Algemene Verordening Gegevensbescherming 2016/679 van 27 april 2016, zullen naleven. |
|
Artikel 2.
De heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter van de gemeenteraad en algemeen directeur, worden gemachtigd deze samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen namens gemeente Zandhoven.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat, de technische dienst en Vervoerregio Antwerpen (beleid@vervoerregioantwerpen.be) bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op de wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968, en latere wijzigingen.
Gelet op het koninklijk besluit van 1 december 1975 betreffende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg, en latere wijzigingen (wegcode).
Gelet op het ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de minimumafmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald, en latere wijzigingen.
Gelet op de nieuwe gemeentewet van 24 juni 1988, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens, en latere wijzigingen.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.
Gelet op de omzendbrief MOB/2009/1 van 3 april 2009.
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017,en latere wijzigingen, en in het bijzonder artikel 40.
Gelet op zijn beslissing van 18 december 2025 waarbij de delegatie met betrekking tot de aanvullende politiereglementen aan het college van burgemeester en schepenen werd goedgekeurd;- dat een wijziging van rijrichting hier echter niet onder ressorteert.
Gelet op zijn beslissing van 23 november 2023 waarbij het gemeentelijk mobiliteitsplan werd goedgekeurd;- dat hierin wordt gestreefd naar een verhoogde verkeersveiligheid en leefbaarheid.
Gelet op zijn beslissing van 18 december 2025 waarbij goedkeuring werd gegeven aan de invoering van mobiliteitskamers in de gemeente;- dat een verhoogde verkeersveiligheid en leefbaarheid wordt bekomen door tal van flankerende maatregelen.
Overwegende dat met de opening van het vrijetijdscentrum Den Blijk de verkeerstromen van de verschillende weggebruikers in deze omgeving intenser zijn geworden;- dat het aangewezen is om hierop te anticiperen door de verkeerscirculatie en parkeergelegenheid in de omgeving van Den Blijk te herbekijken.
Overwegende dat er op een afstand van 100 meter een ruime parking is voorzien voor bezoekers van het vrijetijdscentrum Den Blijk.
Overwegende dat er in de nabije omgeving voldoende parkeergelegenheid ter beschikking is voor de bewoners.
Overwegende dat het wenselijk lijkt de zone aangrenzend aan het plein maximaal als verblijfsruimte in te richten;- dat het invoeren van een parkeerverbod bijkomende ruimte creëert voor de zwakke weggebruiker.
Overwegende dat een parkeerverbod eveneens toelaat dat de schoolbus kinderen op een veilige manier kan brengen en ophalen;- dat een bus voldoende manoeuvreerruimte nodig heeft die niet verenigbaar is met langsparkeren.
Overwegende dat deze zone gebruikt zal worden voor het laten in-en uitstappen van passagiers;- dat éénrichtingsverkeer hiervoor noodzakelijk lijkt om een vlotte doorstroming te garanderen en doorgaand verkeer niet te hinderen.
Overwegende dat door het gebruik van verkeersbord E1, laden en lossen toegestaan blijft.
Overwegende dat het éénrichtingsverkeer niet geldt voor bestuurders van fietsers, bromfietsers klasse A en speed pedelecs.
Overwegende dat voorliggende maatregelen werden besproken met politiezone ZaRa.
Gelet op het signalisatieplan in bijlage.
Artikel 1.
In de Amelbergastraat wordt een parkeerverbod ingevoerd. Voornoemd verbod geldt vanaf het kruispunt met De Linden (ter hoogte van De Linden 3) tot het kruispunt ter hoogte van huisnummer 19.
Dit zal worden gesignaleerd door middel van verkeersborden E1 met onderborden GXa en GXb.
Artikel 2.
In De Linden wordt éénrichtingsverkeer ingevoerd vanaf het kruispunt met de Amelbergastraat (ter hoogte van Amelbergastraat 1) tot het kruispunt ter hoogte van huisnummer 3. Dit wordt gesignaleerd door middel van de verkeersborden C1 met onderbord M12 en F19.
Artikel 3.
In de Amelbergastraat wordt éénrichtingsverkeer ingevoerd vanaf het kruispunt met De Linden (ter hoogte van De Linden 3) tot het kruispunt ter hoogte van huisnummer 19.
Dit zal worden gesignaleerd door middel van de verkeersborden C1 met onderbord M12 en F19.
Artikel 4.
Dit reglement treedt in werking op 16 februari 2026.
Artikel 5.
De gemeente zal de bewoners in de straten waar de genomen maatregel van toepassing is voorafgaandelijk verwittigen.
Artikel 6.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit, meer bepaald voor wat de afkondiging daarvan betreft en voor wat de aankoop en de plaatsing van de verkeersborden aanbelangt.
Artikel 7.
Dit aanvullend reglement wordt door het college van burgemeester en schepenen ter kennisgeving overgemaakt aan:
Artikel 8.
De bekendmaking van dit reglement gebeurt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 9.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Mobiliteit en dienst Secretariaat bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op zijn beslissing van 18 juni 2020 waarbij het gebruiksreglement voor het gebruik van afspanning Sint-Christoffel (Amelbergastraat 1 - 2240 Zandhoven) werd goedgekeurd.
Gelet op zijn beslissing van 18 juni 2020 waarbij het gebruiksreglement voor het gebruik van Huize Bruyneel (Vierselbaan 2 - 2240 Zandhoven) werd goedgekeurd.
Gelet op zijn beslissing van 18 juni 2020 waarbij het gebruiksreglement voor het gebruik van het voormalig gemeentehuis Pulderbos (Dorp 12 - 2242 Pulderbos) werd goedgekeurd.
Gelet op zijn beslissing van 18 juni 2020 waarbij het gebruiksreglement voor het gebruik van parochiezaal Sint-Stefaan Massenhoven (Kerkstraat 29 - 2240 Massenhoven) werd goedgekeurd.
Gelet op zijn beslissing van 18 juni 2020 waarbij het gebruiksreglement voor het gebruik van de Chalet Pulderbos (Dorp 12 - 2242 Pulderbos) werd goedgekeurd.
Gelet op zijn beslissing van 17 september 2020 waarbij het gebruiksreglement voor het gebruik van Parochiehuis De Griffel (Dorpsstraat 37 - 2243 Pulle) werd goedgekeurd.
Gelet op zijn beslissing van 23 maart 2023 waarbij het gebruiksreglement voor het gebruik van Parochiezaal Viersel (Parochiestraat 42 - 2240 Viersel) werd goedgekeurd.
Overwegende dat het aangewezen lijkt om voormelde reglementen samen te voegen en op elkaar af te stemmen.
Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen.
Gelet op het ontwerp van het gebruiksreglement dat wordt voorgelegd.
Overwegende dat met de inhoud van dit reglement kan akkoord gegaan worden.
Artikel 1.
Onderstaand reglement met betrekking tot het gebruik van de gemeentelijke zalen wordt goedgekeurd:
| GEBRUIKSREGLEMENT M.B.T. DE GEMEENTELIJKE ZALEN |
||
|
|
1. TOEPASSINGSGEBIED |
|
|
|
1.1 |
Dit gebruiksreglement is van toepassing op het voormalig gemeentehuis Pulderbos (Dorp 12 – 2242 Pulderbos), Parochiehuis De Griffel (Dorpsstraat 37- 2243 Pulle) , Chalet Pulderbos (Dorp +12 - 2242 Pulderbos), Huize Bruyneel (Vierselbaan 2 - 2240 Zandhoven), Afspanning Sint-Christoffel (Amelbergastraat 1 - 2240 Zandhoven), Sint-Stefaan (Kerkstraat 29 – 2240 Massenhoven), Parochiezaal Viersel (Parochiestraat 42 - 2240 Viersel). Met de “gebruiker” wordt volgende personen, groepen of bedrijven bedoeld. Uitgezonderd voor huize Bruyneel
Met de “gebruiker” wordt voor huize Bruyneel groepen bedoeld: verenigingen of groepen met maatschappelijke zetel in de gemeente Zandhoven. Wijken of gehuchten van de gemeente Zandhoven worden met verenigingen gelijkgesteld; |
|
|
1.2 |
Dit gebruik wordt intuitu personae toegestaan en is niet vatbaar voor gehele of gedeeltelijke overdracht aan een derde zonder een voorafgaande schriftelijke toestemming van het college van burgemeester en schepenen. |
|
|
2. AANVRAAG TOT GEBRUIK |
|
|
|
2.1 |
Meerderjarige personen, verenigingen, groepen of bedrijven kunnen een aanvraag indienen voor het gebruik van de lokalen van de in punt 1.1 vermelde gemeentelijke zalen |
|
|
2.2 |
Meerderjarige personen, verenigingen, groepen of bedrijven die gebruik wensen te maken van de bedoelde lokalen zullen daartoe een aanvraag indienen bij het gemeentebestuur van Zandhoven. Deze aanvraag dient te gebeuren via de website of via de dienst Onthaal van de gemeente Zandhoven. |
|
|
2.3 |
De aanvraag tot gebruik dient bij het gemeentebestuur toe te komen uiterlijk zeven dagen voor de dag waarop men gebruik wenst te maken van het/de loka(a)l(en). Laattijdige aanvragen kunnen ingewilligd worden indien dit administratief nog mogelijk is. De hierboven bedoelde aanvragen mogen echter maximaal één jaar op voorhand ingediend worden, met uitzondering voor de verenigingen met maatschappelijke zetel in de gemeente Zandhoven die maximum twee jaar op voorhand een aanvraag mogen indienen. |
|
|
2.4. |
De persoonsgegevens die ingevuld worden in de reservatietool zullen gebruikt worden:
De verantwoordelijke voor de gegevensverwerking is de algemeen directeur van de gemeente Zandhoven. |
|
|
3. TOELATING |
|
|
|
3.1 |
Het college van burgemeester en schepenen is bevoegd toelating te verlenen tot gebruik van een of meerdere loka(a)l(en). |
|
|
3.2 |
De lokalen mogen zeker niet ter beschikking gesteld worden voor het geven van een bal, een fuif, een instuif of gelijkaardige activiteiten. |
|
|
3.3 |
Indien voor het gebruik van een of meerdere lokalen op dezelfde datum of dezelfde data meer dan één aanvraag zou worden ingediend, dan zal de volgende voorrangsregeling worden toegepast (rekening houdende met de reeds vroeger afgesloten overeenkomsten):
Het gebruik van een of meerdere lokalen voor activiteiten die meermaals worden herhaald, kan slechts toegestaan worden voor een periode van maximum 6 maanden. |
|
|
3.4 |
De aanvrager ontvangt een e-mail met goedkeuring of annulatie van de aanvraag. |
|
|
4. GEBRUIKSVOORWAARDEN. |
|
|
|
4.1 |
De gebruiker zal, nadat hij een goedkeuring tot gebruik ontvangen heeft, indien nodig contact opnemen met de toezichter voor concrete afspraken en vragen. De gegevens van de toezichter zijn terug te vinden in het zaalreservatiesysteem of bij de dienst Onthaal. |
|
|
4.2 |
De gebruiker dient het/de loka(a)l(en) te ontruimen uiterlijk op het tijdstip bepaald in de goedkeuring van de aanvraag. Afwijkingen hierop dienen besproken te worden met de toezichter. |
|
|
4.3 |
Het lokaal of de lokalen worden ter beschikking gesteld onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat de gebruiker deze inricht en uitrust overeenkomstig het doel waarvoor het gebruik wordt toegestaan. Het is niet toegelaten gebruik te maken van andere lokalen en voorzieningen dan deze die goedgekeurd werden. |
|
|
4.4 |
De informatie over het afhalen van de sleutel is terug te vinden in het zaalreservatiesysteem of bij de dienst Onthaal. |
|
|
4.5 |
Geen enkele sleutel, noch een duplicaat ervan, mag in handen van de gebruiker blijven. Bij het einde van ieder gebruik dient de sleutel onmiddellijk afgegeven te worden aan de toezichter. Bij verlies van de sleutel wordt de kostprijs aangerekend voor de vervanging van de sleutel. |
|
|
4.6 |
Elk lokaal dient in dezelfde toestand verlaten te worden als deze waarin het zich bij de ingebruikname bevond. De gebruiker zal de nodige afspraken maken met de toezichter voor wat deze reiniging aangaat. Indien het lokaal niet correct is achtergelaten zal er een extra kost van 25 euro/ uur aangerekend worden voor het extra werk van de toezichter. |
|
|
4.7 |
Het is uitdrukkelijk verboden muren, deuren of ramen te gebruiken als publiciteitsborden of aanhechtingspunten. Gebruik van welk danig hechtingsmateriaal is verboden. Het uithangen van affiches of versieringen op de daartoe voorziene plaatsen geschiedt in overleg met de toezichter. |
|
|
4.8 |
Het is uitdrukkelijk verboden aan de muren opgehangen schilderijen of kunstvoorwerpen te verplaatsen of te verwijderen, de kasten te verplaatsen of de inhoud ervan te wijzigen, te verwijderen of ze te doen verdwijnen. Zonder toestemming van de toezichter mogen er geen wijzigingen aangebracht worden aan het roerend cultureel erfgoed dat zich bevindt in de gemeentelijke zaal. |
|
|
4.9 |
Eventuele beschadigingen, toegebracht aan lokalen en/of uitrusting, tijdens het gebruik, moeten onmiddellijk door en op kosten van de gebruiker worden hersteld of vergoed. De gebruiker brengt de toezichter hiervan zonder uitstel op de hoogte. Alle door de gebruikers of bezoekers veroorzaakte schade dient integraal vergoed te worden tegen de werkelijke kostprijs. |
|
|
4.10 |
In de lokalen kan enkel zachte muziek gedoogd worden. |
|
|
4.11 |
Een algemeen rookverbod geldt in alle lokalen van de gemeentelijke zalen. Dieren zijn in de gemeentelijke zalen niet toegelaten. |
|
|
4.12 |
De gebruiker aan wie toelating wordt verleend gebruik te maken van een of meerdere lokalen van de gemeentelijke zaal is verantwoordelijk voor de goede naleving van voorgaande verplichtingen. |
|
|
4.13 |
De gebruiker is aansprakelijk voor het aangeven en betalen van alle heffingen (zoals belastingen en auteursrechten) die voortvloeien uit de organisatie van de activiteit. Verder is de gebruiker uiteraard gebonden zich te houden aan alle wettelijke voorschriften en reglementen en zorgt hij zelf voor alle nodige vergunningen. |
|
|
4.14 |
De gebruiker verbindt zich ertoe:
|
|
|
4.15 |
De gebruiker - die de tapinrichting en/of de keuken gebruikt of het gebruik aan een derde toevertrouwt - is verplicht deze na gebruik grondig te reinigen en al het gebruikte materiaal zoals keukengerief, glazen, tassen, schenkborden, etc... af te wassen en op te bergen in de keukenkasten. Gebroken glazen of verdwenen bestekken worden aangerekend aan de geldende prijzen. |
|
|
4.16 |
Er mogen uitsluitend gewone dranken worden geschonken die door het gemeentebestuur ter beschikking worden gesteld tegen courante prijzen die door het college van burgemeester en schepenen zullen worden vastgesteld. Met de toezichter dient er afgesproken welke dranken bij de aanvang van de activiteit dienen aanwezig te zijn. Met hem dient tevens de grootte of de hoeveelheid van de voorraad geregeld te worden. Aangestoken en niet ledige vaten worden als volledig verbruikt aangerekend. Er dient met de toezichter afgesproken omtrent het opbergen van het leeggoed na de activiteit en aanvullen of leegmaken van de frigo’s. |
|
|
4.17 |
Bij het einde van de activiteit wordt een document opgesteld waaruit het verbruik van de dranken kan worden afgeleid en wordt door de gebruiker onmiddellijk aan de toezichter ter beschikking wordt gesteld. De toezichter controleert het document op de juistheid ervan en maakt het op zijn beurt over aan de dienst Financiën van de gemeente Zandhoven. De dienst Financiën maakt een onkostennota op die aan de gebruiker ter betaling zal worden voorgelegd. |
|
|
4.18 |
Wenst de gebruiker andere dranken dan de gewone dranken die aangeboden worden, aan te bieden (b.v. wijnen, sterke dranken, cocktails) dan dient hij deze zelf aan te schaffen en dit aan de toezichter kenbaar te maken en met deze een regeling te treffen voor wat het verwijderen van de lege flessen betreft. |
|
|
4.19 |
Alle materiaal dat door de gebruiker zelf ter plaatse werd gebracht dient na de activiteit verwijderd te worden. Afwijkingen hierop kunnen uitzonderlijk door de toezichter toegestaan worden. |
|
|
4.20 |
Geschillen en betwistingen zullen beslecht worden door de toezichter in samenspraak met het college van burgemeester en schepenen. |
|
|
4.21 |
Bij duidelijke kwaadwillige overtredingen van dit reglement, bij misleidende aanvragen, kan het college van burgemeester en schepenen aan de betrokken gebruiker elk gebruik van om het even welk lokaal ontzeggen. |
|
|
4.22 |
De gebruiker mag - om veiligheidsredenen - geen groter aantal plaatsen aanbieden dan er zich mensen in de lokalen mogen bevinden. Alle uitgangen, nooduitgangen en trappen dienen steeds vrijgehouden te zijn. |
|
|
5. VERGOEDING |
|
|
|
5.1 |
Voor het gebruik van elk lokaal wordt een vergoeding gevraagd. Deze vergoeding wordt door de gemeenteraad vastgesteld in een retributiereglement. Eventuele andere kosten zoals bedoeld in 4.6, 4.9, 4.15 en 4.16 worden hierbij toegevoegd. |
|
|
6. OVERMACHT |
|
|
|
6.1 |
Het gemeentebestuur van Zandhoven kan niet aansprakelijk gesteld worden voor om het even welk tijdelijk gemis van het genot van de ter beschikking gestelde loka(a)l(en), uit welke oorzaak ook voortvloeiend. Er kan onder geen enkel beding enige schadevergoeding van gemeentebestuur van Zandhoven gevorderd worden. |
|
|
6.2 |
Het college van burgemeester en schepenen behouden zich het recht voor om in geval van onvoorziene, dringende omstandigheden (rampen…) zonder enige schadevergoeding te beschikken over de accommodatie. |
|
|
7. VERZEKERING |
|
|
|
7.1 |
Het gemeentebestuur van Zandhoven staat in voor de brandverzekering van het gebouw. In zijn polis voorziet het afstand van verhaal t.o.v. de gebruikers. |
|
|
7.2 |
Elke gebruiker sluit, voor zover hij of zij dit nodig acht, alle verzekeringen of voor zijn eigendommen en verantwoordelijkheden. Het gemeentebestuur van Zandhoven kan geenszins verantwoordelijk worden gesteld voor welke gevolgen dan ook te wijten aan het gebruik van of de organisatie van activiteiten. |
|
|
8. ALGEMEENHEDEN. |
|
|
|
8.1 |
Het college van burgemeester en schepenen of de toezichter hebben te allen tijde toegang |
|
|
8.2 |
In uitzonderlijke omstandigheden door de concrete situatie verantwoord, is het college van burgemeester en schepenen bevoegd af te wijken van de bepalingen voorzien in dit gebruikersreglement. |
|
|
9. VERANTWOORDELIJKHEID |
|
|
|
9.1 |
Het gemeentebestuur wijst iedere verantwoordelijkheid af voor lichamelijke en/of stoffelijke schade die aan de gebruikers en/of aan derden zou kunnen veroorzaakt worden door ongevallen die tijdens of ter gelegenheid van de georganiseerde activiteit(en) zouden kunnen voorkomen. |
|
|
9.2 |
De gebruiker is verantwoordelijk voor de gebruikte infrastructuur van de lokalen. Hij is verantwoordelijk voor schade aan de infrastructuur, de uitrusting en de ter beschikking gestelde apparaten ongeacht of deze schade veroorzaakt wordt door zichzelf, door zijn leden, zijn medewerkers en/of door zijn genodigden. Het gemeentebestuur kan niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen, diefstal, noch voor schade aan derden (bezoekers). |
Artikel 2.
Dit reglement zal met ingang van 1 februari 2026 van toepassing zijn.
Artikel 3.
De gemeenteraadsbeslissingen van 18 juni 2020 waarbij de gebruiksreglementen met betrekking tot afspanning Sint-Christoffel, Huize Bruyneel, voormalig gemeentehuis Pulderbos, Sint-Stefaan Massenhoven, Chalet Pulderbos werden goedgekeurd, worden volledig ingetrokken.
De gemeenteraadsbeslissing van 17 september 2020 waarbij het gebruiksreglement voor het gebruik van Parochiehuis De Griffel (Dorpsstraat 37 - 2243 Pulle) werd goedgekeurd, wordt volledig ingetrokken.
De gemeenteraadsbeslissing van 23 maart 2023 waarbij het gebruiksreglement voor het gebruik van Parochiezaal Viersel (Parochiestraat 42 - 2240 Viersel) werd goedgekeurd, wordt volledig ingetrokken.
Artikel 4.
De bekendmaking van dit reglement gebeurt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 5.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Onthaal, de dienst Secretariaat en de dienst Financiën bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet Lokaal Sociaal beleid van 9 februari 2018, en latere wijzigingen.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen, en latere wijzigingen.
Gelet op het preventiedecreet van 21 november 2003, en latere wijzigingen.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 17 mei 2024 over de Logowerking.
Gelet op het charter Gezonde gemeente 2025-2030, zoals goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen op 28 april 2025.
Gelet op zijn beslissing van 19 september 2024 betreffende goedkeuring van de fusie van Vlaamse LOGO’s.
Overwegende dat er vanaf januari 2026 een nieuwe werking van Gezondheidsmakers zal zijn;- dat in het verleden LOGO Antwerpen met een jaarlijkse bijdrage werkte, berekend op basis van het aantal inwoners binnen de gemeente;- dat in ruil hiervoor de gemeente credits ontving, die samen met SIGO werden samengebracht om het aanbod binnen de gemeente vorm te geven;- dat door de voormelde wijziging de gemeente geen jaarlijkse bijdrage meer betaalt en er ook geen credits meer aangerekend worden;- dat naast de basisvoorziening, dewelke gratis is, Gezondheidsmakers trajecten op maat introduceert tegen vergoeding.
Overwegende dat volgende lokale besturen deel uitmaken van de intergemeentelijke samenwerking SIGO: lokale besturen van Brecht, Malle, Ranst, Schilde, Wijnegem, Zoersel en Zandhoven.
Overwegende dat SIGO vanuit Gezondheidsmakers volgend voorstel ontving in functie van de vernieuwde werking van SIGO;- dat SIGO als een apart project beschouwd zou worden, waarbij Gezondheidsmakers 10% overhead aanrekent op de gemaakte uitgaven;- dat in ruil daarvoor Gezondheidsmakers de boekhouding opneemt, ze de bestellingen verzorgen en ze instaan voor de facturatie;- dat Gezondheidsmakers in de toekomst een gedeelte van de communicatie zal overnemen waaronder het maken van het boekje op basis van het huidige sjabloon;- dat een samenwerkingsovereenkomst opgemaakt wordt waarbij financiële afspraken worden vastgelegd en aangeeft wat de inhoudelijke ondersteuning is die Gezondheidsmakers biedt.
Gelet op de voorliggende samenwerkingsovereenkomst tussen Gezondheidsmakers en de lokale besturen van de intergemeentelijke samenwerking SIGO.
Overwegende dat met de inhoud van deze overeenkomst akkoord gegaan kan worden.
Overwegende dat gemeente Zandhoven bij het afsluiten van de overeenkomst vertegenwoordigd moet zijn;- dat het derhalve noodzakelijk is twee personen aan te stellen die bij de ondertekening van bedoelde overeenkomst de gemeente Zandhoven zullen vertegenwoordigen en gerechtigd zijn dit contract rechtsgeldig te ondertekenen.
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te geven aan de samenwerkingsovereenkomst tussen Gezondheidsmakers en SIGO:
| Samenwerkingsovereenkomst Gezondheidsmakers en SIGO |
|
|
|
Volgende lokale besturen zijn gezamenlijk aangeduid als SIGO:
Artikel 1: voorwerp Deze samenwerkingsovereenkomst regelt de concrete samenwerking tussen de gemeente Zandhoven, onderdeel van de intergemeentelijke samenwerking SIGO en ‘Gezondheidsmakers Antwerpen’. Dit met als doel een efficiënte SIGO-werking en het verderzetten van een performant intergemeentelijk gezondheidsbeleid. Juridisch kader:
Artikel 2: inwerkingtreding en duur Deze samenwerkingsovereenkomst gaat in op 1 januari 2026 en loopt af op 31 december 2031. Wanneer één van beide partijen ophoudt te bestaan, eindigt de samenwerkingsovereenkomst automatisch. Bij het verstrijken van de termijn van de samenwerkingsovereenkomst wordt de samenwerkingsovereenkomst niet stilzwijgend verlengd. De samenwerking kan verlengd worden middels het sluiten van een nieuwe samenwerkingsovereenkomst. Beide partijen maken hun intenties tot verdere samenwerking ten laatste 3 maanden voor het verstrijken van de termijn aan elkaar bekend. Artikel 3: Dienstverlening Gezondheidsmakers Gezondheidsmakers ondersteunt SIGO bij de implementatie van het Vlaamse preventieve gezondheidsbeleid. De dienstverlening wordt afgestemd om hier optimaal invulling aan te geven. Gezondheidsmakers voorziet kwaliteitsvolle informatie over preventiemethodieken en - materialen, adviseert en ondersteunt bij de uitwerking van het lokale preventieve gezondheidsbeleid en de implementatie van deze methodieken, en bouwt bruggen tussen lokale en bovenlokale partners. Daarnaast beschikt Gezondheidsmakers over een uitgebreid vormingsaanbod en de mogelijkheid om lezingen te organiseren. Vanuit de eigen lesgeverspool kan Gezondheidsmakers deze lezingen vastleggen en inhoudelijk invullen. De praktische omkadering van de lezingen wordt voorzien door de gemeenten. Gezondheidsmakers realiseert deze dienstverlening onder meer door actief aan te sluiten bij het SIGO-overleg, zodat de ondersteuning optimaal wordt afgestemd en gedragen binnen het netwerk. Bovendien biedt Gezondheidsmakers een bijkomend aanbod (plus-formules) aan waarvoor het werkingsbudget van SIGO kan worden gebruikt. Dit aanbod is erop gericht complexe uitdagingen op een gelaagde en doordachte manier te benaderen, met gerichte keuzes die de effectiviteit verhogen en ondersteuning bieden in capaciteit en expertise. Doordat hier intergemeentelijk op wordt ingezet, kan bovendien voordeliger en efficiënter worden gewerkt, met een grotere impact als resultaat. Voorbeelden hiervan kunnen zijn:
Dossierbeheerder Daarnaast treedt Gezondheidsmakers vzw op als dossierbeheerder van de intergemeentelijke samenwerking verder SIGO genoemd. Dit is een opdracht die Gezondheidsmakers opneemt bovenop haar reguliere opdracht. Overhead kost Het opnemen van extra opdrachten en projecten zorgt voor een stijging van de kosten van de vzw. Om deze bijkomende kosten te compenseren, zal Gezondheidsmakers, naar analogie met andere organisaties uit de sector, een overheadkost van 10% aanrekenen voor dit dossier. Volgende zaken zijn geïncludeerd:
Overheadkost wordt bij het begin van het jaar zo goed mogelijk mee begroot, op basis van de geplande activiteiten. Op het einde van het jaar gebeurt de correcte berekening aan de hand van de effectieve kosten. Artikel 4: engagement SIGO SIGO engageert zich om verder werk te maken van een samenhangend, intergemeentelijk preventief gezondheidsbeleid. Dit beleid biedt iedereen, en de meest kwetsbaren in het bijzonder, kansen en stimuleert hen om gezond te leven in een gezonde omgeving. Om dit te realiseren, werkt SIGO aan de volgende succesfactoren van een kwalitatief gezondheidsbeleid:
SIGO engageert zich tot open overleg, vlotte communicatie en duidelijke afspraken met Gezondheidsmakers, om bij te dragen aan een coherent en sterk gezondheids- en preventiebeleid in de regio. |
Artikel 2.
De heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter van de gemeenteraad en algemeen directeur, worden gemachtigd om de samenwerkingsovereenkomst tussen Gezondheidsmakers en SIGO betreffende verderzetten van een performant intergemeentelijk gezondheidsbeleid te ondertekenen.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Financiën, dienst Mens & Welzijn, dienst Secretariaat en Gezondheidsmakers (Jodenstraat 44 - 2000 Antwerpen) bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 22 november 2013 betreffende de vergunningsvoorwaarden en het kwaliteitsbeleid voor gezinsopvang en groepsopvang van baby’s en peuters, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet van 20 april 2012 betreffende de organisatie van kinderopvang van baby's en peuters en het Besluit van de Vlaamse Regering van 10 april 2020 tot wijziging van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013 en tot wijziging van het Subsidiebesluit van 22 november 2013.
Gelet op het decreet van 3 mei 2019 betreffende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten (decreet BOA) en op de diverse uitvoeringsbesluiten bij dit decreet BOA.
Overwegende dat de gemeente Zandhoven het belangrijk vindt om naast de ondersteuning van bestaande kinderopvanginitiatieven ook in te zetten op een ruimer aanbod van kwaliteitsvolle, betaalbare en duurzame kinderopvang in eigen gemeente.
Gelet op de bestaande samenwerkingsovereenkomst tussen Ferm Kinderopvang vzw & Gemeente Zandhoven m.b.t. organisatie groepsopvang in de voormalige pastoriewoning (Beemdstraat 1 – 2240 Viersel), afgesloten op 25 mei 2023 en goedgekeurd bij beslissing gemeenteraad van 25 mei 2023, later gewijzigd bij beslissing gemeenteraad van 25 januari 2024.
Gelet op de gebruiksovereenkomst tussen Gemeente Zandhoven en de 2 samenwerkende onthaalouders Es-Sadiki Najoua en Es-Sadiki Nadia m.b.t. organisatie groepsopvang in Viersel, genaamd NaNa, die is ingegaan op 12 december 2023.
Overwegende dat de samenwerking tussen Ferm Kinderopvang vzw en de hierboven genoemde samenwerkende onthaalouders in onderling akkoord op 2 december 2025 werd stopgezet met ingang van 31 december 2025, omdat de kwaliteit van de opvang niet langer voldeed aan de voorwaarden van de organisator, waarna de onthaalouders ook de opzeg van de gebruiksovereenkomst m.b.t. de voormalige pastoriewoning hebben betekend aan de gemeente.
Overwegende dat er omwille van de stopzetting van groepsopvang NaNa ook een einde komt aan de samenwerkingsovereenkomst tussen Ferm Kinderopvang vzw & Gemeente Zandhoven m.b.t. organisatie groepsopvang in Viersel.
Overwegende dat het essentieel is dat het aantal beschikbare opvangplaatsen in de gemeente stabiel blijft zodat gezinnen van de gemeente niet in de kou blijven staan;- dat het derhalve belangrijk was snel te schakelen in functie van de uitwerking van een alternatief aanbod aan opvangplaatsen met inkomenstarief.
Overwegende dat groepsopvang Nana operationeel was onder de noemer samenwerkende onthaalouders met sui generis-statuut;- dat het vanaf februari 2026 niet meer mogelijk is om een nieuwe groepsopvang te starten onder deze noemer gezien de Vlaamse Overheid is gestart met een uitdoofscenario voor dit type opvang.
Overwegende dat er in Vlaanderen een sterke terugval wordt vastgesteld van het aantal startende onthaalouders, wat duidelijk maakt dat de meest duurzame oplossing voor Zandhoven op dit moment de oprichting van een kinderdagverblijf Viersel is.
Overwegende dat het Agentschap Opgroeien het systeem van opvangplaatsen beheert en daarbij onderscheid maakt tussen individuele opvang (onthaalouders), groepsopvang en kinderdagverblijven;- dat de plaatsen die na 1 januari 2026 niet meer ingevuld worden door groepsopvang Nana, voorlopig toegewezen blijven aan Ferm Kinderopvang;- dat indien Ferm deze plaatsen niet opnieuw benut, ze door Opgroeien worden ingetrokken en ze definitief verdwijnen uit de zorgregio waartoe Zandhoven behoort.
Overwegende dat dit het belang onderstreept van een snelle doorstart naar een kinderdagverblijf in Viersel, zodat deze capaciteit behouden blijft binnen de gemeente.
Overwegende dat het belangrijk is om weten dat één plaats in groepsopvang niet automatisch gelijkstaat aan één plaats in een kinderdagverblijf;- dat daarom Ferm Kinderopvang bij Opgroeien een omzetting heeft aangevraagd: de voormalige plaatsen van groepsopvang Nana worden aangevuld met een tweede omzetting van plaatsen van onthaalouders, zodat in totaal 14 kindplaatsen kunnen worden voorzien voor het nieuwe kinderdagverblijf in Viersel. Al deze plaatsen zijn IKT-plaatsen (inkomenstarief).
Overwegende dat Ferm Kinderopvang door hun omvang en ervaring beschikt over de mogelijkheden en wendbaarheid om deze aanpassingen probleemloos te organiseren;- dat er bovendien nog voldoende kindplaatsen behouden blijven, mochten er het komende jaar nog onthaalouders willen opstarten in de gemeente.
Gelet op de goede samenwerking met Ferm Kinderopvang vzw m.b.t. de organisatie van het kinderdagverblijf Zandhoven en de buitenschoolse kinderopvang Zandhoven, alsook de organisatie van de dienst voor onthaalouders.
Overwegende dat we via hogervermelde aanpak ervoor zorgen dat gezinnen in Zandhoven opnieuw kunnen rekenen op kwalitatieve en duurzame kinderopvang, en dat de gemeente haar opvangcapaciteit niet verliest.
Overwegende dat het kinderdagverblijf Viersel wordt beschouwd als een antennepost van het kinderdagverblijf Zandhoven (Schriekweg 3).
Overwegende dat het BOA decreet het noodzakelijk maakt om de huidige samenwerkingsovereenkomst met Ferm Kinderopvang voor de organisatie van de buitenschoolse kinderopvang en het kinderdagverblijf aan te passen tegen 1 september 2026;- dat het derhalve aangewezen lijkt om de inhoud van deze overeenkomst in het voorjaar van 2026 in zijn geheel te herwerken en hierbij dan ook de modaliteiten m.b.t. kinderdagverblijf Viersel op te nemen. In die zin is een samenwerkingsovereenkomst voor het kinderdagverblijf Viersel op dit moment niet noodzakelijk.
Overwegende dat de gemeente Zandhoven eigenaar is van het onroerend goed gelegen te Viersel, Beemdstraat 1;- dat huurder Ferm het pand gebruikt voor het uitoefenen van kinderopvang.
Overwegende dat het in het belang van alle partijen noodzakelijk is om de voorwaarden van de huur vast te leggen in een schriftelijke overeenkomst.
Gelet op de huurovereenkomst tussen gemeente Zandhoven en Ferm Kinderopvang m.b.t. kinderdagverblijf Viersel die voorligt;- dat voormeld ontwerp geen aanleiding geeft tot bemerkingen.
Overwegende dat gemeente Zandhoven bij het afsluiten van de huurovereenkomst moet vertegenwoordigd worden;- dat het derhalve noodzakelijk is twee personen aan te stellen die bij de ondertekening van bedoelde overeenkomst gemeente Zandhoven zullen vertegenwoordigen en gerechtigd zijn dit contract rechtsgeldig te ondertekenen.
Artikel 1.
De samenwerkingsovereenkomst tussen Ferm Kinderopvang vzw & Gemeente Zandhoven m.b.t. organisatie groepsopvang in de voormalige pastoriewoning (Beemdstraat 1 – 2240 Viersel), afgesloten op 25 mei 2023, te beëindigen met ingang van 1 januari 2026.
Artikel 2.
Zijn goedkeuring te verlenen aan navolgende huurovereenkomst tussen de gemeente Zandhoven en Ferm Kinderopvang vzw m.b.t. kinderdagverblijf in de voormalige pastoriewoning (Beemdstraat 1 – 2240 Viersel):
| Huurcontract tussen Ferm Kinderopvang & Gemeente m.b.t. kinderdagverblijf Viersel |
||
|
|
Tussen |
|
|
|
|
Gemeente Zandhoven, Liersebaan 12, 2240 Zandhoven, vertegenwoordigd door de heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter gemeenteraad en algemeen directeur, hierna genoemd de verhuurder |
|
|
en |
|
|
|
|
Ferm Kinderopvang vzw, Remylaan 4B, 3018 Wijgmaal, organisator van de groepsopvang, vertegenwoordigd door Ellen Verpeet, directeur/bestuurder, hierna genoemd de huurder |
|
|
wordt als volgt overeengekomen: |
|
|
|
Artikel 1. Het gehuurde goed De verhuurder verhuurt aan de huurder het pand gelegen te 2240 Viersel, Beemdstraat 1, gekend als de voormalige pastoriewoning. Het gehuurde zal door de huurder uitsluitend worden gebruikt voor het uitoefenen van kinderopvang, genaamd kinderdagverblijf Viersel. De uitbating geschiedt met naleving van de regelgeving voor de kinderdagverblijven m.n. het decreet van 20/04/2012 betreffende de organisatie van kinderopvang van baby's en peuters en het Besluit van de Vlaamse Regering van 10/04/2020 tot wijziging van het Vergunningsbesluit van 22/11/2013 en tot wijziging van het Subsidiebesluit van 22/11/2013. De huurovereenkomst gaat in op 1 januari 2026. De overeenkomst wordt aangegaan voor een onbepaalde duur. Artikel 3. Huurprijs en betaling-indexering De huurprijs bedraagt 634 euro per maand. De huurder zal de huur maandelijks betalen voor de 5de kalenderdag van de maand op rekeningnummer van de gemeente Zandhoven IBAN-nummer: BE72 0910 0012 4816. De basishuurprijs wordt geïndexeerd. De indexering kan ten vroegste gebeuren op de verjaardag van de inwerkingtreding van de huurovereenkomst, volgens de formule: basishuurprijs × nieuw indexcijfer / aanvangsindexcijfer Het aanvangsindexcijfer is het gezondheidsindexcijfer van de maand vóór de aanvang van de huurovereenkomst. Het nieuwe indexcijfer is het gezondheidsindexcijfer van de maand vóór de verjaardag van de aanvang van de huurovereenkomst. De indexering is slechts van toepassing op schriftelijk verzoek van de belanghebbende partij en werkt slechts terug tot drie maanden voorafgaand aan die van het verzoek. Kinderopvang is vrijgesteld van onroerende voorheffing. De verhuurder zal het nodige doen om deze vrijstelling te bekomen Artikel 4. Bestemming en gebruik Het gehuurde goed mag uitsluitend worden gebruikt voor het uitoefenen van kinderopvang, en dit voor maximaal 14 kindplaatsen, conform de eisen van de regelgeving voor kinderopvang zoals hoger omschreven. De huurder is verantwoordelijk voor het verkrijgen en behouden van de benodigde vergunningen. Artikel 5. Onderhoud en aanpassingen De verhuurder draagt zorg voor het groot onderhoud van het gehuurde goed. De huurder is verantwoordelijk voor het dagelijks onderhoud en kleine herstellingen. Er wordt verwezen naar de indicatieve lijst van de Vlaamse Regering inhoudende de meest voorkomende herstellingen ten laste van de huurder: https://www.woninghuur.vlaanderen/onderhoud-en-herstellingen. Aanpassingen aan het pand (zoals verbouwingen of aanpassingen voor de kinderopvang) mogen alleen worden uitgevoerd met voorafgaandelijke, schriftelijke toestemming van de verhuurder. Artikel 6. Verzekeringen De verhuurder verbindt zich ertoe een blokpolis af te sluiten en in stand te houden die minstens brand en aanverwante risico’s (o.a. water-, storm- en overstromingsschade) dekt. In deze polis wordt een afstand van verhaal opgenomen ten aanzien van de huurder en derden. De huurder verzekert enkel de eigen inboedel. De verhuurder bezorgt de huurder op eerste verzoek een kopie van de polis en jaarlijks een bewijs van premiebetaling. Artikel 7. – Beëindiging van de overeenkomst De huurovereenkomst kan door beide partijen worden beëindigd middels opzegging. Opzegging dient schriftelijk te gebeuren met inachtneming van een opzegtermijn van ten minste 6 maanden. Bij beëindiging dient de huurder het gehuurde in goede staat op te leveren, behoudens normale slijtage. Artikel 8 – Slotbepalingen Op deze huurovereenkomst is het Belgisch recht van toepassing, in casu de bepalingen van het gemeen huurrecht (art. 1708 tot 1762bis van het Burgerlijk Wetboek). Bij een geschil is de rechtbank van Antwerpen bevoegd. Wijzigingen dienen schriftelijk te worden vastgelegd en door beide partijen te worden ondertekend. Deze overeenkomst wordt opgemaakt in evenveel exemplaren als er partijen zijn met een onderscheiden belang, vermeerderd met één exemplaar ten behoeve van de registratie. De huurder houdt na ondertekening één exemplaar bij zich. De overige exemplaren worden door de verhuurder aangeboden ter registratie bij het bevoegde registratiekantoor. De verhuurder zal één geregistreerd exemplaar aan de huurder overmaken. |
|
Artikel 3.
De heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter gemeenteraad en algemeen directeur, worden gemachtigd deze huurovereenkomst te ondertekenen namens gemeente Zandhoven.
Artikel 4.
Een afschrift van deze beslissing zal aan Ferm Kinderopvang vzw (Remylaan 4B – 3018 Wijgmaal), de dienst Mens & welzijn en de dienst Financiën worden overgemaakt.
De gemeenteraad,
Gelet op decreet Lokaal Cultuurbeleid van 6 juli 2012 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 20 en 21;- dat de Vlaamse Regering een organisatie subsidieert die als doel heeft gemeenten te ondersteunen bij de digitale uitdagingen van hun cultuurbeleid, met klemtoon op openbare bibliotheken, cultuur- en gemeenschapscentra en aandacht voor sector overschrijdende verbindingen;- de organisatie o.a. als doelstellingen heeft om concrete proefprojecten uit te voeren in samenwerking met lokale besturen en lokale cultuurprofessionals om oplossingen voor de digitale uitdagingen van het lokaal cultuurbeleid te zoeken en om succesvolle proefprojecten op te schalen tot bovenlokale diensten waarop gemeenten kunnen intekenen.
Gelet op de verdere digitalisering in de filmsector en het steeds beperkter aanbod aan DVD’s in de bibliotheek lijkt het zinvol om in te tekenen op de filmstreamingdienst van Cultuurconnect, om aan de vraag van de bibliotheekleden te kunnen blijven voldoen.
Gelet op de samenwerkingsovereenkomst die wordt voorgelegd.
Overwegende dat deze overeenkomst de wijze en de voorwaarden regelt waarop Vlaamse Openbare bibliotheken gebruik kunnen maken van de filmstreamingdienst;- dat de wederzijdse afspraken over beheer en financiering vastgelegd worden voor de samenwerking tussen Cultuurconnect en gemeente Zandhoven in het kader van de filmstreamingdienst (Cinébib).
Overwegende dat met de inhoud van dit ontwerp akkoord kan gegaan worden.
Overwegende dat gemeente Zandhoven bij het afsluiten van de “samenwerkingsovereenkomst” moet vertegenwoordigd worden;- dat het derhalve noodzakelijk is twee personen aan te stellen die bij de ondertekening van bedoeld contract gemeente Zandhoven zullen vertegenwoordigen en gerechtigd zullen zijn dit contract rechtsgeldig te ondertekenen.
Artikel 1.
Goedkeuring te verlenen aan navolgende ‘Overeenkomst Filmstreamingdienst’ tussen gemeente Zandhoven en vzw Cultuurconnect:
| Overeenkomst Filmstreamingdienst tussen vzw Cultuurconnect en gemeente Zandhoven |
|||
|
|
1. De ondergetekende partijen |
||
|
|
|
ENERZIJDS: |
|
|
|
|
|
De vzw Cultuurconnect, met maatschappelijke zetel te 9000 Gent, Miriam Makebaplein 1, ingeschreven in de Kruispuntbank voor ondernemingen
hierbij rechtsgeldig vertegenwoordigd door Ilke Froyen, algemeen directeur; hierna genoemd ‘Cultuurconnect’; |
|
|
|
EN ANDERZIJDS: |
|
|
|
|
|
Gemeentebestuur Zandhoven, Liersebaan 12, 2240 Zandhoven hierbij rechtsgeldig vertegenwoordigd door de heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter gemeenteraad en algemeen directeur; hierna genoemd ‘bibliotheek’ |
|
|
|
Ook wel gezamenlijk genoemd ‘de Partijen’ |
|
|
|
2. Overwegende dat |
||
|
|
Cultuurconnect heeft de decretale opdracht om cultuurorganisaties, met de klemtoon op openbare bibliotheken en cultuur- en gemeenschapscentra, te ondersteunen bij hun digitale transformatie om op die manier bij te dragen aan de ontwikkeling van een toekomstgerichte cultuurpraktijk. Na een succesvol pilootproject publiceerde Cultuurconnect in juni 2024 een overheidsopdracht op Europees niveau betreffende een Filmstreamingplatform & aanbod voor de Nederlandstalige openbare bibliotheken in Vlaanderen en Brussel. In de opdracht werden 4 inhoudelijke percelen gedefinieerd:
Met telkens de mogelijkheid tot een prijsvariant: prijs per stream (A) of prijs per unieke gebruiker (B). Perceel 1B werd gegund aan Universciné met het platform Sooner en perceel 4A werd gegund aan Projecta vzw met het platform Avila. De Filmstreamingdienst wordt op moment van lancering als volgt uitgebouwd:
Het voorafgaande pilootproject dat Cultuurconnect lanceerde op 6 oktober 2022 leverde relevante gebruiksdata. Deze zijn gebruikt om de prijszetting te modelleren die vertrekt van een gemiddeld maandelijks gebruik door 0,15% van de inwoners van het totaal van de aangesloten steden en gemeenten. Op deze manier lukt het om met een vaste jaarprijs te werken voor de bibliotheken (zoals te vinden onder bijlage A). Deze staat los van het werkelijke gebruik van de dienst door de Eindgebruiker. Cultuurconnect heeft een overeenkomst met de dienstverleners die wel gebaseerd is op het werkelijke gebruik. Die kost is dus variabel (maandelijks). Daarom bouwt Cultuurconnect de optie in om bij een groot gebruik van de Filmstreamingdienst, in samenspraak met de sector (middels inspraak van de productgroep), de eenheidsprijs voor het daaropvolgende kalenderjaar aan te passen en zo de dienst operationeel te houden binnen het beschikbaar budget. Dit wordt geduid onder punt 8.6. |
||
|
|
Wordt overeengekomen dat: |
||
|
|
3. Voorwerp van de Overeenkomst |
||
|
|
3.1 |
Deze Overeenkomst regelt de wijze en de voorwaarden waarop de bibliotheek gebruik kan maken van de Filmstreamingdienst, en strekt ertoe de wederzijdse afspraken over beheer en financiering vast te leggen voor de samenwerking tussen Cultuurconnect en de bibliotheek in het kader van het project. |
|
|
|
3.2 |
Deze Overeenkomst betreft een samenwerking in het licht van de specifieke decretale taakstelling van Cultuurconnect en de publieke opdracht van de bibliotheek (in het bijzonder in het kader van het lokaal cultuurbeleid). |
|
|
|
3.3 |
Cultuurconnect kent aan de bibliotheek toegangs- en gebruiksrechten toe (zoals bepaald in art. 4 en 5 van deze overeenkomst), mits de bibliotheek de bepalingen en voorwaarden van deze Overeenkomst aanvaardt en mits een correcte betaling van de verschuldigde deelname in de kosten (zie art. 8). |
|
|
|
3.4 |
Deze rechten worden door Cultuurconnect toegekend zonder dat deze overdraagbaar zijn. |
|
|
|
3.5 |
Alle rechten op de Filmstreamingdienst situeren zich bij Cultuurconnect of diens dienstverleners. |
|
|
|
4. Recht op toegang en gebruik |
||
|
|
4.1 |
Cultuurconnect kent aan de bibliotheek een toegangs- en gebruiksrecht toe dat zijn Eindgebruikers toelaat de Filmstreamingdienst te gebruiken binnen de voorwaarden gesteld in deze Overeenkomst. |
|
|
|
4.2 |
Na ondertekening van deze Overeenkomst door de bibliotheek, krijgen de Eindgebruikers van de bibliotheek toegang tot de Filmstreamingdienst. |
|
|
|
4.3 |
De bibliotheek kan de toegang tot de dienst beperken tot leden met een specifiek abonnementstype. Hiervoor dient de bibliotheek minstens 14 dagen voor het activeren van de dienst de abonnementstypes die geen toegang krijgen over te maken aan Cultuurconnect via servicedesk@cultuurconnect.be. De bibliotheek zorgt zelf voor duidelijke communicatie rond deze specifieke gebruiksvoorwaarden naar de eindgebruiker. 4.4 De Eindgebruikers kunnen zich 24u op 24u online in verbinding stellen, 7 dagen op 7 behalve in geval van overmacht of gebeurtenis die niet onder de controle valt van Cultuurconnect en onder voorbehoud van eventuele defecten of noodzakelijke onderhoudstussenkomsten teneinde de goede werking van de dienst te verzekeren. Indien de hiervoor beschreven situaties zich voordoen, verwittigen Cultuurconnect of haar dienstverleners de bibliotheek en geven de geschatte duur van de onbeschikbaarheid van de applicatie aan (zie ook art. 5.1). |
|
|
|
5. Aansprakelijkheid |
||
|
|
5.1 |
Cultuurconnect verbindt zich ertoe de nodige inspanningen te leveren om een optimale toegang tot de applicatie te verzekeren. Cultuurconnect zal eventuele storingen zo snel mogelijk (laten) verhelpen. |
|
|
|
5.2 |
Cultuurconnect kan nooit aansprakelijk zijn voor schade veroorzaakt door een fout of nalatigheid die toerekenbaar is aan de bibliotheek, of diens medewerkers of aangestelden, dan wel aan eventuele derden waarop de bibliotheek een beroep zou doen. |
|
|
|
5.3 |
Overmacht zal de betekenis en de gevolgen hebben die het Belgische gemeen recht hieraan geeft. |
|
|
|
6. Intellectuele eigendomsrechten |
||
|
|
|
De intellectuele eigendomsrechten op het platform berusten bij Cultuurconnect of diens dienstverleners. De bibliotheek krijgt in het kader van deze Overeenkomst enkel een onoverdraagbare en niet-exclusieve gebruikslicentie die aangewend kan worden binnen de grenzen en conform de doelstellingen van deze Overeenkomst. Bij beëindiging van deze Overeenkomst neemt deze gebruikslicentie onmiddellijk een einde. De bibliotheek verkrijgt een onoverdraagbaar en niet-exclusief gebruiksrecht op de collectie dat toelaat de films via het platform aan zijn Eindgebruikers ter beschikking te stellen, conform de modaliteiten en doelstellingen bepaald in deze Overeenkomst. Bij beëindiging van deze Overeenkomst neemt dit gebruiksrecht onmiddellijk een einde. |
|
|
|
7. Helpdesk |
||
|
|
7.1 |
In alle gevallen is de bibliotheek zelf eerstelijnshelpdesk voor de Eindgebruikers. |
|
|
|
7.2 |
Voor technische problemen met de Filmstreamingdienst kan de bibliotheek terecht bij Cultuurconnect via servicedesk@cultuurconnect.be (maandag tot vrijdag tussen 9u en 17u). |
|
|
|
7.3 |
Voor het beheer van toegang kan de bibliotheek terecht bij Cultuurconnect via servicedesk@cultuurconnect.be (maandag tot vrijdag tussen 9u en 17u). |
|
|
|
7.4 |
Voor het beheer van het contract kan de bibliotheek terecht bij Cultuurconnect via servicedesk@cultuurconnect.be (maandag tot vrijdag tussen 9u en 17u). |
|
|
|
8. Vergoeding en betalingsvoorwaarden |
||
|
|
8.1 |
Voor de toegang zoals beschreven in deze Overeenkomst is de bibliotheek een kostenvergoeding verschuldigd waarvan het bedrag is opgenomen in bijlage A. Deze kostenvergoeding wordt jaarlijks per 1 januari aangepast op basis van het inwonersaantal op 1 januari van het voorgaande jaar, volgens de meest recente officiële publicatie (zie bijlage A). Dienaangaande gelden volgende uitgangspunten: |
|
|
|
|
8.1.1 Na ondertekening en in de maand mei van elk nieuw kalenderjaar waarin de licentie wordt afgenomen zal Cultuurconnect een factuur voor deze kostenvergoeding opstellen met verwijzing naar deze overeenkomst. Tijdens het eerste jaar van de afname zal desgevallend in een andere maand gefactureerd worden. 8.1.2 Als de start van de Overeenkomst niet samenvalt met het begin van een kalenderjaar wordt de kostenvergoeding pro rata berekend voor de resterende maanden van het kalenderjaar. |
|
|
|
8.2 |
In de vergoeding bepaald in de Bijlage A zijn inbegrepen: alle kosten en prestaties die inherent zijn aan de uitvoering van deze Overeenkomst, inzonderheid het gebruik van de Filmstreamingdienst door de bibliotheek en zijn Eindgebruikers. |
|
|
|
8.3 |
De factuur is betaalbaar binnen de 30 dagen na factuurdatum. |
|
|
|
8.4 |
In geval van vertraging in de betaling van meer dan 30 dagen, houdt Cultuurconnect zich het recht voor na een ingebrekestelling de levering van haar diensten op te schorten tot aan de regularisatie. |
|
|
|
8.5 |
De kostenvergoeding zoals bepaald in bijlage A van de overeenkomst kan jaarlijks per 1 januari worden aangepast aan het indexcijfer der consumptieprijzen. De basisindex is het indexcijfer der consumptieprijzen per 1 januari van het jaar van aanvang van deze Overeenkomst. De eerste indexering zal plaatsvinden op 1/1/2026, ook indien de Overeenkomst pas na die datum gesloten wordt. |
|
|
|
8.6 |
De kostenvergoeding houdt rekening met een bereik van maximaal 0,20% van het inwonersaantal van de aangesloten bibliotheken. Wanneer Cultuurconnect in juli van een kalenderjaar vaststelt dat het werkelijke bereik van de Filmstreamingdienst hoger ligt, kan de kostenvergoeding voor het kalenderjaar nadien aangepast worden. Deze mogelijkheid wordt bekeken op jaarbasis aan de hand van volgende formule: 6 * (totaal aantal inwoners van de gemeenten die de Filmstreamingdienst aanbieden) * 0,20%. Ligt het werkelijke bereik op 1 juli hoger dan kan Cultuurconnect beslissen om de kostenvergoeding aan te passen om zo de werkelijke gebruikskost zoals aangerekend door de dienstverleners te dekken. Deze prijsvermeerdering zal steeds voorafgaandelijk binnen de productgroep besproken worden en wordt ten laatste begin september meegedeeld aan de bibliotheek. |
|
|
|
9. Verwerking van persoonsgegevens |
||
|
|
9.1 |
Per 25 mei 2018 is de General Data Protection Regulation (GDPR) van kracht – ook wel Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) genoemd. In de Filmstreamingdienst worden persoonsgegevens van eindgebruikers verwerkt. |
|
|
|
9.2 |
Cultuurconnect sluit een verwerkersovereenkomst af met de dienstverleners van de Filmstreamingdienst, in de mate dat dit relevant is in het kader van de door de dienstverleners geleverde diensten. |
|
|
|
9.3 |
Cultuurconnect sluit met de bibliotheek een datagebruikersovereenkomst af, die als Bijlage B bij deze Overeenkomst wordt gevoegd. |
|
|
|
10. Duurtijd van de Overeenkomst |
||
|
|
10.1 |
Deze Overeenkomst treedt in werking vanaf de lancering van de Filmstreamingdienst, dan wel de ondertekening wanneer deze na de lancering zou plaatsvinden, en eindigt exact drie jaar na de datum van lancering (2028). Onder de lancering van de dienst, die begin 2025 plaatsvindt, verstaan we het moment waarop de eerste groep bibliotheken de dienstverlening openstelt voor hun leden. De duurtijd van deze Overeenkomst is conform de bepalingen in de Raamovereenkomst tussen Cultuurconnect en de dienstverleners. |
|
|
|
10.2 |
Beide partijen kunnen de Overeenkomst tussentijds beëindigen, tegen 31 december van elk kalenderjaar, mits voorafgaand overleg en mits minimaal drie maanden voor de einddatum van het lopende kalenderjaar een opzegging gebeurd is via e-mail. In geval van opzegging door Cultuurconnect zal de e-mail gestuurd worden naar de Bibliotheek. In geval van opzegging door de Bibliotheek zal de e-mail gestuurd worden naar servicedesk@cultuurconnect.be. De datum van verzending geldt hierbij als datum van opzegging. |
|
|
|
10.3 |
Na afloop van de initiële contractduur (zie art. 10.1) zal de Overeenkomst telkens met één jaar verlengd worden, tenzij één der partijen de Overeenkomst opzegt via een e-mail ten minste drie maanden voor de einddatum van de Overeenkomst of de verlenging. In geval van opzegging door Cultuurconnect zal de e-mail gestuurd worden naar het algemene mailadres van de Bibliotheek. In geval van opzegging door de Bibliotheek zal de e-mail gestuurd worden naar servicedesk@cultuurconnect.be. De datum van verzending geldt hierbij als datum van opzegging. |
|
|
|
10.4 |
In geval van tussentijdse beëindiging tijdens de initiële contractduur door de Bibliotheek overeenkomstig art. 10.2 is de Bibliotheek een eenmalige uitstapvergoeding verschuldigd aan Cultuurconnect. In bijlage A staat hoe deze uitstapvergoeding wordt berekend (afhankelijk van inwonertal op moment van uitstap en eventuele indexering). De tussentijdse beëindiging is bevestigd als de Bibliotheek de factuur voor de uitstapvergoeding betaald heeft aan Cultuurconnect. |
|
|
|
10.5 |
De uittredingsvergoeding waarvan sprake in artikel 10.4 zal niet verschuldigd zijn indien de bibliotheek de Overeenkomst tussentijds wenst te beëindigen wegens een prijsvermeerdering zoals bedoeld in art. 8.6, op voorwaarde dat de prijsvermeerdering meer dan 10% bedraagt ten opzichte van de prijs die zou gelden wanneer geen prijsvermeerdering was doorgevoerd, zijnde het geïndexeerde standaardtarief uit bijlage A. |
|
|
|
11. Slotbepalingen |
||
|
|
11.1 |
De contractuele relatie met betrekking tot de Filmstreamingdienst tussen Cultuurconnect en de bibliotheek wordt enkel geregeld door deze Overeenkomst. |
|
|
|
11.2 |
Tenzij anders overeengekomen, kan elke kennisgeving of mededeling in het raam van deze Overeenkomst schriftelijk gebeuren, dan wel via elektronische weg indien de ontvangst van de elektronische mededeling door de wederpartij behoorlijk wordt bevestigd. |
|
|
|
11.3 |
Partijen bevestigen bij de onderhandeling en het opstellen van de onderhavige Overeenkomst te goeder trouw te hebben gehandeld, en verbinden er zich toe bij de uitvoering ervan te goeder trouw te blijven handelen. |
|
|
|
11.4 |
De nietigheid van enige bepaling van deze Overeenkomst tast de geldigheid van de overige bepalingen niet aan. In voorkomend geval verbinden de partijen zich ertoe om de nietige bepaling te vervangen door een geldige bepaling die zo nauw mogelijk aansluit op de gemeenschappelijke bedoeling van partijen en op de geest van de onderhavige Overeenkomst in het algemeen. |
|
|
|
12. Toepasselijk recht en bevoegde rechtbank |
||
|
|
12.1 |
Deze Overeenkomst is onderworpen aan het Belgische recht. |
|
|
|
12.2 |
Alle geschillen omtrent de geldigheid, de uitlegging of de uitvoering van deze Overeenkomst worden voorgelegd aan de rechtbanken van het arrondissement Oost-Vlaanderen, afdeling Gent. Partijen verbinden er zich evenwel toe om alle redelijke inspanningen te leveren om de eventuele geschillen in der minne te regelen. |
|
Artikel 2.
De heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter gemeenteraad en algemeen directeur, worden afgevaardigd om gemeente Zandhoven bij het afsluiten van de overeenkomst ‘Filmstreamingdienst ‘te vertegenwoordigen en namens gemeente Zandhoven rechtsgeldig te handelen.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan Cultuurconnect vzw (info@cultuurconnect.be), de dienst Vrije Tijd, de dienst Secretariaat en de dienst Financiën worden overgemaakt.
Dit punt werd op de dagorde geplaatst door de N-VA fractie en dhr. Stulens D. licht toe als volgt:
Den Blijk is een heel mooi project waar de volgende jaren veel gebruik van gemaakt zal worden, maar bij de voorstelling van het VTC Den Blijk werd meegedeeld dat het project zou worden opgeleverd met een geraamde kost van 4,7 miljoen euro.
Schepen Willems haalde tijdens de opening aan dat de bouwmaterialen 20% hoger lagen dan oorspronkelijk geraamd, wat zijn weerslag heeft op de uiteindelijke totale kostprijs.
Na afloop is gebleken dat de kostprijs 7,4 miljoen euro bedraagt, ofwel bijna 60% meer dan oorspronkelijk geraamd. Bijgevolg zijn er diverse zaken die duurder zijn dan oorspronkelijk geraamd.
Vandaar de vraag aan het college of zij voor de financiële analyse en bespreking een volledige en gedetailleerde vergelijking kunnen bezorgen tussen de oorspronkelijke totale raming van 4,7 miljoen euro en de uiteindelijke totale kostprijs van 7,4 miljoen euro, opgesplitst per kostencategorie (bouw, technieken, afwerking, erelonen, omgevingsaanleg,…), of de gedetailleerde categorieën als onderverdeling opgenomen in de aanbesteding?
Gezien er tijdens de raadzitting van heden geen verdere opmerkingen worden gemaakt over de redactie van het zittingsverslag en de notulen van de gemeenteraad van 18 december 2025, overeenkomstig art. 24 van het huishoudelijk reglement en art. 32 van het decreet Lokaal Bestuur, zijn het zittingsverslag en de notulen van bedoelde zitting, goedgekeurd.
De voorzitter sluit de vergadering.
Namens gemeenteraad,
Annick Smeets
algemeen directeur
Hans Soetemans
voorzitter gemeenteraad