De voorzitter opent de vergadering om 20 uur; er zijn 2 verontschuldigingen nl. mevrouw Van den Heuvel C. en de heer Cools B..
De gemeenteraad,
Overwegende dat de heer Luc Van Hove (O. L. Vrouwestraat 7 - 2240 Zandhoven) bij brief van 5 januari 2026 zijn ontslag heeft ingediend als burgemeester en dit met ingang van heden en met behoud van zijn mandaat van gemeenteraadslid;- dat hij zijn ontslag heeft ingediend bij de heer Hans Soetemans, voorzitter van de gemeenteraad.
Overwegende dat de gemeenteraad verplicht is akte te nemen van het ingediende ontslag.
Gelet op artikel 40 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
De raad neemt akte van het ontslag van de heer Luc Van Hove als burgemeester per 19 februari 2026.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 58 en 61.
Gelet op de Nieuwe Gemeentewet van 24 juni 1988, en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 13.
Gelet op de installatievergadering van 5 december 2024 waarbij de heer Luc Van Hove de eed aflegde in handen van de voorzitter als aangewezen-burgemeester.
Gelet op zijn beslissing van 27 februari 2025 betreffende de aktename van de benoeming en eedaflegging van de heer Luc Van Hove als burgemeester.
Gelet op het schrijven van de heer Luc Van Hove aan de Vlaamse regering betreffende zijn ontslag als burgemeester.
Gelet op het schrijven van de heer Luc Van Hove aan de voorzitter van de gemeenteraad betreffende zijn ontslag als burgemeester.
Gelet op het ministerieel besluit van 26 januari 2026 waar kennis wordt genomen van het ontslag dat werd aangeboden door de heer Luc Van Hove, burgemeester van Zandhoven, met ingang van 19 februari 2026.
Overwegende dat er voor de installatievergadering geen akte van opvolging aan de algemeen directeur bezorgd werd.
Overwegende dat op basis van de verkiezingen van de schepenen en de voorzitter van het BCSD cd&v de enige fractie is in de coalitie.
Gelet op artikel 58§1 van het decreet Lokaal Bestuur dat stelt dat de verkozene van Belgische nationaliteit met het hoogste aantal naamstemmen van de grootste fractie met de meeste zetels in de gemeenteraad, aangewezen-burgemeester wordt.
Gelet op het proces-verbaal van de gemeenteraadsverkiezingen van 13 oktober 2024 waaruit blijkt dat cd&v de meerderheid met 17 op 23 zetels behaalde en dat na de heer Luc Van Hove de heer Steven Van Staeyen de meeste naamstemmen had, namelijk 1121 stemmen.
De heer Steven Van Staeyen legt de volgende eed af in handen van de voorzitter van de gemeenteraad: “Ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen.”; door de eedaflegging aanvaardt Steven Van Staeyen het mandaat van aangewezen-burgemeester.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van de eedaflegging van Steven Van Staeyen als aangewezen-burgemeester.
Artikel 2.
De gemeenteraad stelt de Vlaamse Regering in kennis van de eedaflegging van Steven Van Staeyen als aangewezen-burgemeester.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen.
Gelet op het Lokaal Energie- en Klimaatpact dat de Vlaamse overheid afgesloten heeft met de lokale besturen om samen de nodige transitie in het energie- en klimaatbeleid waar te maken.
Gelet op zijn beslissing van 16 september 2021 waarbij het lokaal Energie- en Klimaatpact werd goedgekeurd.
Gelet op zijn beslissing van 20 oktober 2022 waarbij Klimaatpact 2.0 werd goedgekeurd.
Gelet op zijn beslissing van 17 september 2020 waarbij de ondertekening van het burgemeester-convenant 2030 voor klimaat en energie werd goedgekeurd.
Gelet op zijn beslissing van 24 november 2022 waarbij het energie- en klimaatactieplan (SECAP) van Zandhoven in het kader van het burgemeestersconvenant 2030 werd goedgekeurd.
Gelet op zijn beslissing van 18 december 2025 waarbij de hernieuwing en aanpassing van het belastingreglement op masten en pylonen werd goedgekeurd.
Gelet op het schrijven van het Agentschap Binnenlands Bestuur van 5 januari 2026 waarin verzocht wordt om een vrijstelling op te nemen in het belastingreglement masten en pylonen voor installaties van hernieuwbare energie omwille van het Lokaal Energie – en Klimaatpact.
Overwegende dat in artikel 2 van het reglement, voormeld, vrijstellingen staan opgenomen, doch geen vrijstelling voor constructies voor hernieuwbare energie.
Overwegende dat de gemeente zich engageert in het kader van klimaatdoelstellingen, zoals het onderschrijven van het burgemeestersconvenant en het klimaatpact, om de CO2 uitstoot op haar volledige grondgebied te verminderen, en de gemeente dus een bijdrage wenst te leveren aan het stimuleren van de productie van groene stroom;- dat het niet logisch zou zijn om constructies die hieraan bijdragen te hinderen en hierop belastingen te heffen.
Overwegende dat heden geen windmolens aanwezig zijn in de gemeente, doch dit niet is uitgesloten in de toekomst.
Overwegende dat het aangewezen lijkt om artikel 2 van voormeld reglement aan te passen.
Overwegende dat de overige artikels van de belasting op masten en pylonen ongewijzigd blijven.
Overwegende dat de gemeente van oordeel is dat het landschapsverstorend karakter van deze vrijgestelde constructies voldoende gecompenseerd wordt door het maatschappelijk belang.
Gelet op de financiële toestand van de gemeente en gelet op de noodzaak om het budgettair evenwicht te bewaren.
Gelet op de tussenkomst van dhr. Ven P. die het volgende verklaart: " Wij vragen een bijkomende vrijstelling voor radioamateurs met licentie."
Overwegende dat het noodzakelijk is over het amendement van dhr. Ven P. te beraadslagen en het ter stemming voor te leggen.
De voorzitter legt daarop de door dhr. Ven P. ingediende amendement ter stemming aan de raad voor.
De stemming geeft de volgende uitslag:
Aantal stemmen ten gunste van het amendement: 1
Aantal stemmen tegen het amendement: 20
Aantal onthoudingen: 0
Volgens onderstaand stemgedrag:
| Publieke stemming: Met 1 stem voor (Patrick Ven), 20 stemmen tegen (Luc Van Hove, Rudolf Willems, Paula Henderickx, Mieke Maes, Steven Van Staeyen, Hans Soetemans, Jelle Lauwereys, Maria Van Rompaey, Johan Steylaerts, Raf Kenis, Jan Valckx, Els Smits, Lies Verstraeten, Bart Oorts, Els Struyfs, Hans Lambert, Jef Leirs, Wouter Van Deuren, Dieter Stulens, Peter Smets) |
Het amendement van dhr. Ven P. is derhalve verworpen.
Overwegende dat het noodzakelijk is om te stemmen over de aanpassing van de belasting op masten en pylonen.
Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 1.
De gemeenteraad verleent goedkeuring om Artikel 2 van het belastingreglement op masten en pylonen aan te passen als volgt:
Een vrijstelling wordt gegeven voor de volgende constructies:
Artikel 2.
De overige artikels van voormeld reglement blijven ongewijzigd.
Artikel 3.
Het aangepast belastingreglement treedt onmiddellijk in werking.
Artikel 4.
De bekendmaking van dit reglement gebeurt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 5.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat, de dienst Financiën, de dienst Omgeving en het Agentschap Binnenlands Bestuur via het berichtencentrum bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Overwegende dat particulieren, bedrijven of organisaties in bepaalde omstandigheden wensen over te gaan tot het bekleden van 1 of meer wanden van de gracht op openbaar domein.
Overwegende dat de infiltratiemogelijkheid van een gracht met grachtbeschoeiing wordt beperkt;- dat de aanwezigheid van grachtbeschoeiing in een gracht het onderhoud van die gracht sterk bemoeilijkt.
Overwegende dat het aangewezen is hieromtrent een reglement op te stellen;- dat dit reglement een willekeurig optreden van een betrokken partij moet uitsluiten;- dat het duidelijkheid zal scheppen met betrekking tot de rechten en plichten van de aanvrager.
Gelet op het ontwerp van “Reglement voor het plaatsen van grachtbeschoeiingen” dat wordt voorgelegd;- dat met de inhoud van het reglement akkoord kan gegaan worden.
Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te verlenen aan hiernavolgend reglement:
| Reglement voor het |
|
|
|
Artikel 1 Dit reglement is van toepassing op aanvragen tot het plaatsen van grachtbeschoeiingen in grachten op het openbaar domein. Het plaatsen van ‘grachtbeschoeiing’ is het bekleden van een wand van een gracht, bijvoorbeeld met waterdoorlatend hout. In het kader van dit reglement wordt onder de ‘aanvrager’ verstaan: de persoon die de toelating tot het plaatsen van grachtbeschoeiing aanvraagt of de eigenaar van een onroerend goed gelegen aan een beschoeide gracht. Artikel 2 Het beschoeien van een gracht op openbaar domein kan slechts toegestaan worden mits een voorafgaande en schriftelijke toelating werd verleend door het college van burgemeester en schepenen. Die toelating bepaalt de voorwaarden waaraan de grachtbeschoeiing moet voldoen. Infiltratie via de bodem en via de wanden van de gracht moet te allen tijde mogelijk blijven. Niet-limitatieve voorbeelden van voorwaarden voor grachtbeschoeiing:
Elke aanvraag moet minstens volgende zaken bevatten:
Het college van burgemeester en schepenen dient zijn toestemming te geven voor het plaatsen van een grachtbeschoeiing. Indien de aanvraag tot beschoeiing een baangracht langs een gewestweg betreft, is naast toelating van het schepencollege bijkomende toelating van het Agentschap Wegen en Verkeer nodig. Artikel 3 De grachtbeschoeiing van de gracht op het openbaar domein wordt aangelegd door of in opdracht van de aanvrager. De aanvrager moet daarbij de in de toelating opgelegde voorwaarden van aanleg respecteren. Alle kosten met betrekking tot het (laten) plaatsen van grachtbeschoeiing (van aankoop materialen tot plaatsing) zijn ten laste van de aanvrager. Bij het plaatsen van grachtbeschoeiing moet voldoende aandacht besteed worden aan de eventuele aanwezigheid van nutsleidingen (bijvoorbeeld aansluitingen). Beschadigingen aan nutsleidingen of andere elementen van het openbaar domein moeten bij vaststelling onmiddellijk aan de technische dienst gemeld worden. De kosten voor herstelling van die schade zijn ten laste van de aanvrager. Artikel 4 In een gracht op openbaar domein kan een grachtbeschoeiing aan de perceelszijde en/of aan de straatzijde worden toegestaan. De bodem van de gracht mag in geen geval beschoeid worden. De bodem moet te allen tijde vrij blijven om infiltratie blijvend te garanderen. Artikel 5 De aanvrager die een toelating tot grachtbeschoeiing bekomen heeft, staat zelf in voor het onderhoud van de beschoeide gracht en moet deze regelmatig (minstens jaarlijks) of op eerste verzoek van de gemeente ruimen. Artikel 6 Eventuele schade aan de beschoeiing n.a.v. werken aan de gracht, weg of berm door gemeentelijke diensten of door derden aangesteld door de gemeente zullen nooit vergoed worden. Artikel 7 Het is mogelijk dat de grachtbeschoeiing om technische redenen (bijvoorbeeld de doorstroming wordt verhinderd) verwijderd moet worden. In dat geval is de aanvrager verplicht om, binnen de opgelegde termijn, de beschoeiing weg te halen en de gracht in zijn oorspronkelijke staat te herstellen. Als daaraan niet wordt voldaan binnen de opgelegde termijn, dan zal de gemeente de werken (laten) uitvoeren en zullen de kosten verhaald worden op de aanvrager. Artikel 8 De aanvrager verbindt er zich toe geen schade-eisen in te stellen tegen de gemeente, nutsmaatschappijen of particulieren indien de grachtbeschoeiing geheel of gedeeltelijk dient verwijderd te worden omwille van openbare werken. Artikel 9 De toelating komt te vervallen indien de werken niet binnen één jaar na verstrekken ervan zijn uitgevoerd. Artikel 10. In het geval dat de te beschoeien gracht een geklasseerde waterloop is, zal de aanvraag moeten geschieden volgens de bepalingen van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen en eventuele, latere wijzigingen. Voor onbevaarbare waterlopen van 1ste categorie gebeurt de aanvraag bij de Vlaamse Milieumaatschappij die in dit geval ook de toelating verleent. Voor onbevaarbare waterlopen van 2de categorie gebeurt de aanvraag bij de provincie Antwerpen die in dit geval ook de toelating verleent. |
Artikel 2.
Dit reglement treedt in werking vanaf 1 maart 2026.
Artikel 3.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Artikel 4.
De bekendmaking van dit reglement gebeurt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 5.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de technische dienst en de dienst Secretariaat bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Overwegende dat het voorkomt dat een bouwvergunning wordt verleend op een bouwgrond die paalt aan een weg die uitgerust is met een bovengronds bedelingsnet, openbare verlichting, hydrantpaal en / of bomen en moet vastgesteld worden dat één of meerdere van deze constructies erg hinderlijk geplaatst staat, hetzij omdat het de noodzakelijke toegang tot de bouwconstructie onmogelijk maakt of zwaar hindert, hetzij omdat het een ander ongemak veroorzaakt.
Overwegende dat particulieren, bedrijven of organisaties in bepaalde omstandigheden wensen over te gaan tot het verplaatsen van deze constructie op openbaar domein om een noodzakelijke toegangsweg tot hun eigendom te garanderen.
Overwegende dat onder de term elektriciteitspaal zowel een paal van het bovengronds net, als een paal met openbare verlichting dient verstaan te worden.
Gelet op zijn beslissing van 22 januari 2004 betreffende de goedkeuring van het reglement 'Verplaatsen elektriciteitspaal'.
Overwegende dat het aangewezen is hieromtrent een reglement op te stellen;- dat dit reglement een willekeurig optreden van een betrokken partij moet uitsluiten;- dat het duidelijkheid zal scheppen met betrekking tot de rechten en plichten van de aanvrager.
Gelet op het ontwerp van “Reglement omtrent het verplaatsen van een openbare elektriciteitspaal, een boom of een hydrantpaal op openbaar domein” dat wordt voorgelegd;- dat met de inhoud van het reglement akkoord kan gegaan worden.
Gelet op de financiële toestand van de gemeente en gelet op de noodzaak om het budgettair evenwicht te behouden.
Gelet op de tussenkomst van dhr. Smets P. die het volgende verklaart: "Wij stellen voor om de bepaling met de boom en de hydrantpaal eruit te halen zodat de kosten van de verplaatsing ervan niet doorgerekend worden aan de burgers."
Overwegende dat het noodzakelijk is over het amendement van dhr. Smets P. te beraadslagen en het ter stemming voor te leggen.
De voorzitter legt daarop de door dhr. Smets P. ingediende amendement ter stemming aan de raad voor.
De stemming geeft de volgende uitslag:
Aantal stemmen ten gunste van het amendement: 3
Aantal stemmen tegen het amendement: 18
Aantal onthoudingen: 0
Volgens onderstaand stemgedrag:
| Publieke stemming: Met 3 stemmen voor (Johan Steylaerts, Dieter Stulens, Peter Smets), 18 stemmen tegen (Luc Van Hove, Rudolf Willems, Paula Henderickx, Mieke Maes, Steven Van Staeyen, Hans Soetemans, Jelle Lauwereys, Maria Van Rompaey, Raf Kenis, Jan Valckx, Els Smits, Lies Verstraeten, Bart Oorts, Els Struyfs, Hans Lambert, Jef Leirs, Wouter Van Deuren, Patrick Ven) |
Het amendement van dhr. Smets P. is derhalve verworpen.
Overwegende dat het noodzakelijk is om te stemmen over het goedkeuren van het retributiereglement m.b.t. het verplaatsen van een boom, hydrantpaal of elektriciteitspaal op openbaar domein.
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te verlenen aan hiernavolgend reglement:
| Retributiereglement m.b.t. het verplaatsen van |
|
|
|
Artikel 1. Dit reglement is van toepassing voor aanvragen voor het verplaatsen van elektriciteitspalen, hydrantpalen en / of bomen op openbaar domein. Artikel 2. De betrokkene dient hiervoor een schriftelijke en ondertekende aanvraag in te dienen bij het college van burgemeester en schepenen via de technische dienst. De aanvraag moet minstens volgende zaken bevatten:
Artikel 3. Het verplaatsen van een elektriciteitspaal, hydrantpaal of boom op openbaar domein wordt enkel toegestaan om een noodzakelijke toegangsweg naar de voordeur of de oprit van een eigendom te garanderen. Artikel 4. Indien een bestaande boom niet verplaatst kan worden zal een nieuwe boom aangeplant worden. De keuze van de boomsoort en stamomtrek van de nieuw aan te planten boom ligt bij het college van burgemeester en schepenen. Artikel 5. Indien het een verplaatsing van een elektriciteitspaal betreft, zullen de kosten zoals vermeld in de offerte van netwerkbeheerder Fluvius rechtstreeks aan de aanvrager gefactureerd worden door de gemeente. De opdracht tot verplaatsing wordt pas gegeven na betaling. Artikel 6. Het verplaatsen van de openbare verlichting gebeurt door netwerkbeheerder Fluvius. |
Artikel 2.
Dit reglement vervangt het reglement inzake “Verplaatsing Elektriciteitspaal” zoals goedgekeurd in gemeenteraadszitting van 22 januari 2004.
Artikel 3.
Het reglement treedt in werking vanaf 1 maart 2026.
Artikel 4.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Artikel 5.
De bekendmaking van dit reglement gebeurt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 6.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat, de technische dienst en de dienst Financiën bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet van 3 mei 2019 betreffende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten (decreet BOA), en latere wijzigingen.
Overwegende dat dit decreet de verantwoordelijkheid voor de organisatie van de buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten bij het lokaal bestuur legt;- dat het lokaal bestuur in zijn regierol de opdracht krijgt om
Gelet op het wijzigingsdecreet BOA van 21 november 2025, met volgende belangrijkste wijzigingen:
Overwegende dat lokaal bestuur Zandhoven al diverse acties heeft ondernomen in het kader van deze nieuwe regierol die ingaat vanaf 1 september 2026;- dat het lokaal bestuur de komende maanden in dit kader nog enkele verplichte opdrachten dient uit te werken, zoals opmaken van een lokaal erkenningskader, lokaal BOA-beleid verder concreet uitwerken, aanpak rond toezicht en handhaving uitwerken, lokaal samenwerkingsverband samenstellen,...
Overwegende dat deze bijkomende opdrachten de nodige tijd en expertise voor verdere uitwerking vergen.
Overwegende dat het aangewezen is om in deze context beroep te doen op externe expertise ter ondersteuning bij de uitrol van het decreet BOA.
Overwegende dat KINA p.v. (Krisis Info Netwerk Antwerpen), (Antwerpsesteenweg 503 - 2390 Malle), door de inzet van stafmedewerkers de lokale besturen tegen een gunstige prijs ondersteuning kan bieden bij de uitvoering van hun opdracht en het inspelen op nieuwe evoluties.
Gelet op zijn beslissing van 16 december 2021 betreffende de goedkeuring van het projectplan KINA m.b.t. de implementatie decreet buitenschoolse opvang en activiteiten.
Gelet op de eerdere positieve ervaringen in de samenwerking met KINA, onder andere decreet BOA, lokaal sociaal beleid, rechtshulp, Digibanken, …
Gelet op het projectplan ‘Implementatie decreet BOA lokaal bestuur Zandhoven’ dat wordt voorgelegd, afgesloten voor een uurpakket van 50 uur, waarbij de stafmedewerker van KINA prestaties levert voor lokaal bestuur Zandhoven vanaf 26 januari 2026.
Overwegende dat met de inhoud van het projectplan akkoord gegaan kan worden.
Overwegende dat lokaal bestuur Zandhoven bij het afsluiten van het projectplan vertegenwoordigd moet zijn;- dat het derhalve noodzakelijk is twee personen aan te stellen die bij de ondertekening van bedoeld contract lokaal bestuur Zandhoven zullen vertegenwoordigen en gerechtigd zijn dit contract rechtsgeldig te ondertekenen.
Overwegende dat de kost van deze ondersteuning kan gefinancierd worden met de BOA boost-subsidie.
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te verlenen aan navolgend projectplan ‘Implementatie decreet BOA lokaal bestuur Zandhoven – deel II’:
| PROJECTPLAN KINA p.v. |
||||
|
|
1. |
INLEIDING: KINA als welzijnsvereniging – een regionale aanpak voor lokale noden |
||
|
|
|
KINA is een vereniging van 25 OCMW’s in het arrondissement Antwerpen, die hun krachten gebundeld hebben in één organisatie die inspeelt op de versterking van hun lokaal welzijnsbeleid. Dankzij de samenwerking binnen een welzijnsvereniging overschrijdt elk OCMW zijn lokale mogelijkheden. Zij benutten de gezamenlijke capaciteit (kennis, experten, dienstverlening, infrastructuur, …), waardoor zij hun doelstellingen kunnen halen door gebruik te maken van de schaalgrootte. KINA p.v. is de vereniging van, voor en door haar OCMW’s! Het ondersteuningsaanbod is gedurende de voorbije jaren telkens op vraag en op maat van de leden-OCMW gegroeid. De OCMW-leden kunnen beroep doen op de stafmedewerkers van KINA die op verschillende domeinen expertise hebben opgebouwd. Hierbij werken we steeds vraaggericht, zowel bij de opstart van een dienstverlening als bij de verdere uitbouw. Dynamisch en flexibel speelt KINA in op de ondersteuningsbehoeften van haar leden. Voor vele van onze leden zijn we in tussentijd een onmisbaar verlengstuk van de eigen werking geworden. Dit is ook waaraan we in de toekomst willen blijven werken: samenwerking mogelijk maken om het lokaal welzijnsbeleid te versterken. Zo bieden we een regionale aanpak voor lokale noden. Samen verleggen we grenzen! Dit projectplan kadert binnen de inzet van ons expertenteam lokaal sociaal beleid. In dit projectplan worden de doelstellingen en de beheeraspecten van de ondersteuning beschreven, om aan te geven hoe de samenwerking tussen enerzijds welzijnsvereniging KINA p.v. en anderzijds het lokaal bestuur Zandhoven zal verlopen en onder welke voorwaarden dit zal gebeuren. |
||
|
|
2. |
Inleiding en probleemstelling |
||
|
|
|
Met het nieuwe ‘decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten’, afgekort ‘het decreet buitenschoolse opvang en activiteiten’ (BOA) krijgen de lokale besturen een regierol in functie van het geïntegreerde aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten. Hierbij krijgt het lokaal bestuur volgende opdrachten toegewezen: Beleid ontwikkelen rond buitenschoolse opvang en activiteiten binnen de strategische meerjarenplanning. Beslissen over de besteding en verdeling van de beschikbare financiële, personele, logistieke en infrastructurele middelen (waaronder de subsidie in het kader van het decreet). Dit met specifieke aandacht voor kleuteropvang, kwetsbare gezinnen en kinderen met specifieke zorgbehoeften. Het lokaal bestuur moet als neutrale actor opereren en verder ook het multifunctioneel gebruik van infrastructuur stimuleren. Daarnaast voorziet het decreet de verantwoordelijk van het lokaal bestuur om een duidelijk erkennings- en subsidiekader, evenals een handhavingsbeleid, op te stellen voor kleuteropvang. Lokale besturen kunnen dus zelf criteria en procedures ontwikkelen voor de erkenning en subsidiëring van kleuteropvanginitiatieven. Dit benadrukt de belangrijke rol van lokale besturen in het waarborgen van de kwaliteit en toegankelijkheid van kleuteropvang binnen hun gemeenten. Het nieuwe decreet brengt dus heel wat nieuwe opdrachten met zich mee. Daarnaast wordt verwacht dat het lokaal bestuur het initiatief neemt om een lokaal samenwerkingsverband op te richten, dat o.a. de opdracht heeft om advies te geven aan het lokaal bestuur, het lokale beleid uit te voeren en de operationele doelstellingen en acties te ontwikkelen. Het vraagt de nodige tijd en expertise om deze nieuwe complexe uitdaging voor het bestuur vorm te geven en de betrokken partners hierrond te verenigen. In deze context doet het lokaal bestuur Zandhoven beroep op een stafmedewerker van KINA p.v. ter ondersteuning bij de uitrol van het decreet BOA. In dit projectplan worden de doelstellingen en de beheersaspecten van het project ‘implementatie decreet BOA’ beschreven. Het doel van dit projectplan is aan te geven hoe de samenwerking tussen KINA p.v. en het lokaal bestuur Zandhoven zal verlopen met betrekking tot dit project en onder welke voorwaarden, nadien de beheersaspecten genoemd, dit zal gebeuren. |
||
|
|
3. |
DOELSTELLINGEN van het projectplan |
||
|
|
|
Met de inzet van een stafmedewerker vanuit het expertenteam lokaal sociaal beleid, wil Welzijnsvereniging KINA p.v. ondersteuning bieden aan het lokaal bestuur Zandhoven bij de realisatie van het decreet BOA. De stafmedewerker van KINA zal het lokaal bestuur ondersteunen bij de lokale implementatie van het decreet BOA. Onderstaande opdrachten kunnen hierbij worden opgenomen, waarbij het lokaal bestuur de prioriteiten en tijdsinvestering bewaakt:
|
||
|
|
4. |
METHODOLOGIE |
||
|
|
|
Inzet van de expertise van de stafmedewerker lokaal sociaal beleid van KINA p.v.:
|
||
|
|
5. |
BEHEERSASPECTEN |
||
|
|
5.1. |
OPVOLGING |
||
|
|
|
|
KINA neemt geenszins de eindverantwoordelijkheid over van de lokale besturen betreffende de realisatie van de in dit projectplan omschreven doelstellingen. De contactpersoon voor de uitvoering en opvolging van dit contract is: Sofie Pareit, diensthoofd mens & welzijn Bij alle problemen die niet louter van inhoudelijke aard zijn (organisatorische, contractueel, personeel …), zal het lokaal bestuur rechtstreeks contact opnemen met de directeur dienstverlening of de algemeen directeur van KINA p.v. om dit te bespreken. Deze zaken worden niet besproken met de stafmedewerker zelf. |
|
|
|
5.2. |
TIJD |
||
|
|
|
|
Dit contract wordt afgesloten voor een uurpakket van 50 uur waarin de stafmedewerker Lokaal Sociaal Beleid van KINA prestaties levert voor het lokaal bestuur Zandhoven. De stafmedewerker werkt aan de uitvoering van de hierboven omschreven doelstellingen tot op het moment van het verstrijken van het uurpakket. De stafmedewerker plant dit urenpakket binnen de eigen planning en tracht hierbij zo veel als mogelijk rekening te houden met de tijdsplanning van het lokaal bestuur. Deze projectovereenkomst start op 26/01/2026. Bij het verstrijken van het urenpakket kan opnieuw bekeken worden of er een nieuw ondersteuningspakket wordt aangevraagd. De effectieve tijdsinvestering in het project is sterk afhankelijk van:
Het lokaal bestuur geeft zelf aan op welke gebieden bijkomende tijdsinvestering wordt verwacht. De taken en doelstellingen die in dit projectplan beschreven staan, zijn richtinggevend en dienen steeds bekeken te worden in het kader van het aantal begeleidingsuren waarop het lokaal bestuur beroep doet. KINA, noch de ingezette stafmedewerker, nemen hierin de verantwoordelijkheid van het lokaal bestuur over m.b.t. het bereiken van de vooropgestelde doelstellingen en verplichtingen. De dienstverlening van KINA is ondersteunend en afhankelijk van de medewerking en beschikbare informatie verkregen van het lokaal bestuur. Afwezigheid van de door KINA p.v. aangeduide stafmedewerker schorst deze overeenkomst enkel indien na grondige navraag blijkt dat de andere medewerkers van KINA p.v. gespecialiseerd in lokaal sociaal beleid geen ruimte hebben in hun agenda (lopende projecten bij OCMW-leden en KINA p.v.) om de taken van de afwezige stafmedewerker over te nemen voor dit projectplan. Desgevallend wordt een tariefvermindering toegepast volgens de modaliteiten vermeld in het schrijven van KINA p.v. aan de OCMW’s op 02/03/2020. Het lokaal bestuur kan nooit aanspraak maken op het betalen van penaliteiten of schadevergoedingen. |
|
|
|
5.3. |
PRESTATIES EN VERGOEDINGEN |
||
|
|
|
|
De financiering van het project gebeurt op basis van een uurtarief voor een pakket van 50 uur, verrekend via een uurtarief à rato van €90. Dit tarief wordt jaarlijks geïndexeerd door middel van een vergelijking van het indexcijfer van mei 2024 (gezondheidsindex basis=2013) met het indexcijfer van december van het voorgaande jaar. De KINA-medewerker noteert zijn prestaties en de gedane tijdsinvestering per dag in een overzicht dat op regelmatige basis aan het lokaal bestuur wordt bezorgd, zodat zij hieruit de vordering en tijdsinvestering kunnen afleiden. Eventuele opmerkingen worden binnen de week na ontvangst doorgegeven aan de adjunct-directeur of de algemeen directeur van KINA p.v. De uren dienen het volledige werk van de stafmedewerker(s) binnen deze opdracht te omvatten. |
|
|
|
5.4. |
ORGANISATIE |
||
|
|
|
|
De stafmedewerker zal de taken ter plaatse op de lokale besturen of bij één van de partners van het samenwerkingsverband uitvoeren. KINA p.v., als juridisch werkgever, coördineert de afspraken in verband met de infrastructuur, de werkplaatsen, de tewerkstellingsvoorwaarden en de dienstverleningsmodaliteiten van de stafmedewerker, met dien verstande dat de lokale besturen ter plaatse kosteloos de nodige infrastructuur beschikbaar stelt voor de stafmedewerker. Het lokaal bestuur kan toestemming geven aan de stafmedewerker om de uren voor het bestuur elders te presteren. |
|
|
|
|
5.4.1.MIDDELEN |
||
|
|
|
|
|
De stafmedewerker krijgt binnen het lokaal bestuur tijdens zijn/haar aanwezigheid een bureel ter beschikking. KINA p.v. zorgt voor een draagbare PC. De materiële middelen (vb. print- en kopieermogelijkheid, papier, postzegels, klassement, documentatie, bureaumateriaal) worden kosteloos door het lokaal bestuur ter beschikking gesteld. De stafmedewerker moet voor raadpleging en opzoekingswerk permanent gebruik kunnen maken van een internetverbinding. De stafmedewerker moet gebruik kunnen maken van alle informatie die nodig is voor de uitoefening van de functie. In geval specifieke software noodzakelijk is (bv. voor statistische analyse) stelt het lokaal bestuur deze ter beschikking. |
|
|
|
5.4.2. PERSONEEL |
||
|
|
|
|
|
In het kader van dit project wordt een stafmedewerker Lokaal Sociaal Beleid van KINA p.v. ingezet. Afhankelijk van de aard van de opdracht en de specialiteit van de KINA-medewerker kunnen sommige opdrachten door een collega worden uitgevoerd. In samenspraak met de lokale verantwoordelijke kan beroep gedaan worden op een lokale secretariaatsmedewerker voor administratieve ondersteuning. |
|
|
|
5.4.3. VERZEKERING |
||
|
|
|
|
|
De taken die de stafmedewerkers uitoefenen op de verschillende lokale besturen zijn verzekerd door de polis Burgerlijke Aansprakelijkheid van KINA p.v. Dit wil zeggen dat de individuele lokale besturen niets meer hoeven door te geven van activiteiten die ter plaatse worden uitgevoerd door de KINA-stafmedewerkers. Op deze polis is er wel één uitzondering, namelijk dat de schade berokkend aan goederen van het plaatselijk bestuur die aan medewerkers worden toevertrouwd niet verzekerd is. |
|
|
5.5. |
INFORMATIE |
||
|
|
|
|
- Verzamelen van de benodigde informatie:
- Verstrekken van informatie moet gebeuren aan de volgende personen:
|
|
|
|
5.6. |
KWALITEIT |
||
|
|
|
|
De ondersteuning van een KINA-stafmedewerker moet het volgende bewerkstelligen:
|
|
|
|
5.7. |
DEONTOLOGISCHE ASPECTEN |
||
|
|
|
|
Van de plaatselijke besturen wordt de volle medewerking gevraagd, zodat onze KINA-stafmedewerkers in alle neutraliteit en objectiviteit hun job kunnen uitoefenen en zich bijgevolg niet kunnen inlaten met interne aangelegenheden en problematieken. Indien er op het plaatselijk bestuur verschillende medewerkers van KINA p.v. in verschillende projecten werkzaam zijn:
Vragen i.v.m. de uurregeling, de projectovereenkomsten en het aantal uren worden ook gesteld aan KINA p.v. en niet aan de stafmedewerker zelf. |
|
|
|
5.8. |
BESCHERMING VAN PERSOONSGEGEVENS |
||
|
|
|
|
Het lokaal bestuur stelt de stafmedewerker lokaal sociaal beleid op de hoogte van de interne werking omtrent de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van persoonsgegevens (AVG) en de verwachtingen in dit kader t.a.v. het OCMW. De stafmedewerker lokaal sociaal beleid wordt onmiddellijk in kennis gesteld indien naar hun mening een handeling inbreuk oplevert op de AVG, het lokale informatieveiligheidsbeleid of op andere Unierechtelijke of lidstaatrechtelijke bepalingen inzake gegevensbescherming. |
|
|
|
|
5.8.1. VERTROUWELIJKHEID |
||
|
|
|
|
|
De stafmedewerker zal zich ervan onthouden bedrijfsgeheimen in de zin van artikel I.17/1, 1° van het Wetboek van economisch recht, onrechtmatig te verkrijgen, te gebruiken of openbaar te maken. De werknemer zal zich er ook van onthouden geheimen in verband met persoonlijke of vertrouwelijke aangelegenheden, waarvan hij in de uitoefening van het werk kennis kan hebben, bekend te maken. Indien de stafmedewerker een verzoek krijgt om persoonsgegevens ter beschikking te stellen door een daartoe bevoegde instantie overeenkomstig een Unierechtelijke of lidstaatrechtelijke bepaling, beoordeelt deze eerst of het verzoek bindend is en of hij/zij op grond van gedrags- en beroepsregels aan het verzoek moet voldoen. Als er geen strafrechtelijke of andere juridische belemmeringen zijn, dan stelt de stafmedewerker lokaal sociaal beleid het lokaal bestuur op de hoogte van dit verzoek, binnen een termijn dat het voor het lokaal bestuur mogelijk is om eventuele rechtsmiddelen tegen de verstrekking van de Persoonsgegevens in te stellen. De stafmedewerker verbindt er zich toe:
De stafmedewerker erkent het belang van deze verplichtingen tot vertrouwelijkheid en tot het naleven van de regels inzake de bescherming van persoonsgegevens conform de AVG, zowel ten aanzien van KINA als de besturen waar KINA mee samenwerkt. |
|
|
5.9. |
VROEGTIJDIGE BEËINDIGING VAN DE OPDRACHT EN SCHORSING VAN DE OPDRACHT |
||
|
|
|
|
Indien de opdrachtgever na ondertekening van het contract de samenwerking wil stopzetten voordat de volledige uitvoering van het vastgelegde uurpakket gerealiseerd kon worden of buiten de in dit contract vastgestelde einddatum, is deze een vergoeding verschuldigd aan KINA p.v. ter compensatie van het gederfde inkomstenverlies.
De opdrachtgever is een vergoeding verschuldigd van 75 % van het vastgelegde uurtarief voor elke nog niet-gepresteerde uur binnen het contractueel vastgelegde uurpakket. Voor de reeds gepresteerde uren betaalt de opdrachtgever uiteraard het volledige contractueel vastgelegde uurtarief. |
|
Artikel 2.
De heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter gemeenteraad en algemeen directeur, worden gemachtigd dit projectplan te ondertekenen namens lokaal bestuur Zandhoven.
Artikel 3.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de verdere uitvoering van dit besluit.
Artikel 4.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Financiën, aan de dienst Mens & Welzijn en aan de dienst Jeugd bezorgd worden.
Dhr. Bart Oorts, raadslid, verlaat in toepassing van artikel 27 van het decreet Lokaal Bestuur de zitting, voor de behandeling van dit agendapunt.
De gemeenteraad,
Overwegende dat KFC Heidebloem Pulderbos vzw zijn activiteiten uitoefent op de terreinen gelegen aan de Mastenbaan, ten kadaster gekend, sectie B, nrs. 380/B/P0000, 380/C/P0000, 381/D/P0000, 381/E/P0000, 381/F/P0000 en 387/C/P0000 voor een totale oppervlakte van 28.590 m²;- dat alle gronden in eigendom toebehoren aan de gemeente Zandhoven.
Gelet op zijn beslissing van 14 september 2023 waarbij een éénmalige investeringssubsidie aan KFC Heidebloem Pulderbos vzw ten belope van 100.000 euro werd goedgekeurd, die via de erfpachtvergoeding van hierna vermelde erfpachtovereenkomst wordt terugbetaald;- dat voormelde investeringssubsidie gebruikt werd voor de vernieuwing van het dak, vervanging van de oude gasinstallatie, plaatsing van zonnepanelen, vernieuwing sanitair,…).
Gelet op zijn beslissing van 22 mei 2025 waarbij een éénmalige investeringssubsidie ten belope van 100.000 euro werd goedgekeurd;- dat voormelde subsidie diende om investeringen aan hun terrein uit te voeren en niet dient te worden terugbetaald.
Overwegende dat voormelde club nog bijkomende investeringen wenst te doen, nl. werken aan het terrein, vernieuwing van de douches, gietvloer in kleedkamers en gang,…
Gelet op besprekingen tussen een afvaardiging van KFC Heidebloem Pulderbos vzw en de gemeente Zandhoven die geleid hebben tot het verlenen van een bijkomende investeringssubsidie ten bedrage van 65.000 euro;- dat deze investeringssubsidie volledig zal worden terugbetaald via een aanpassing van de erfpachtvergoeding zoals zal opgenomen worden in de erfpachtovereenkomst die werd goedgekeurd in zitting van 14 september 2023 en verleden voor notaris Koen Scheurweghs op 19 januari 2024;- dat deze in die zin zal aangepast worden en zo spoedig mogelijk zal worden voorgelegd aan de gemeenteraad ter goedkeuring.
Overwegende dat het aangewezen lijkt om voormeld bedrag van de investeringssubsidie niet in eenmaal ter beschikking te stellen maar telkens na voorlegging van facturen van de uitgevoerde werken zoals voormeld.
Overwegende dat de uitgave voor deze investeringssubsidie zal voorzien worden bij de eerstvolgende meerjarenplanaanpassing.
Gelet op het voorstel van het college van burgemeester en schepenen om een investeringssubsidie ten bedrage van 65.000 euro toe te kennen aan KFC Heidebloem Pulderbos vzw (Mastenbaan 14 – 2242 Pulderbos).
Artikel 1.
Een investeringssubsidie ten bedrage van 65.000 euro toe te kennen aan KFC Heidebloem Pulderbos vzw (Mastenbaan 14 – 2242 Pulderbos) ter financiering van investeringen aan de voetbalterreinen en de infrastructuur.
Artikel 2.
Het bedrag van voormelde investeringssubsidie wordt beschouwd als een investeringssubsidie aan KFC Heidebloem Pulderbos vzw; zij zullen het bedrag van de investeringssubsidie terug betalen aan de gemeente door de betaling van de erfpachtvergoeding, die zal worden opgenomen in de aanpassing van de erfpachtovereenkomst die werd goedgekeurd in de gemeenteraad van 14 september 2023 en die zo spoedig mogelijk ter goedkeuring zal worden voorgelegd aan de gemeenteraad.
Artikel 3.
Ter financiering van voormeld bedrag zal bij de eerstvolgende meerjarenplanaanpassing het nodige gedaan worden.
Artikel 4.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Financiën, dienst Secretariaat en KFC Heidebloem Pulderbos vzw (Mastenbaan 14 – 2242 Pulderbos) bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Overwegende dat Audit Vlaanderen in zijn auditrapporten aanbevelingen formuleert met als doel de risico’s m.b.t. het geauditeerde thema of onderwerp te beheersen;- dat aan de geauditeerde lokale besturen wordt gevraagd om actieplannen op te maken met streefdata voor de realisatie van de aanbevelingen.
Overwegende dat bij een Opvolgaudit Audit Vlaanderen nagaat of de aanbevelingen waarvan de streefdata gepasseerd zijn, gerealiseerd zijn;- dat daarnaast ook de globale aanpak van organisatiebeheersing wordt beoordeeld.
Overwegende dat in de periode maart 2025 – mei 2025 Audit Vlaanderen een opvolgaudit uitvoerde.
Gelet op het ontwerprapport dat op 4 december 2025 aan de algemeen directeur bezorgd werd;- dat op 15 januari 2026 een mondelinge terugkoppeling plaatsvond over voormeld ontwerprapport;- dat het management hier nog een reactie aan toevoegde op 19 januari 2026.
Gelet op het definitief rapport Auditopdracht 2516.002, ontvangen op 20 januari 2026.
Overwegende dat ingevolge artikel 29 en 221 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, het auditrapport dient bezorgd te worden aan de gemeenteraadsleden.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van het auditrapport bij Auditopdracht 2516.002 bij gemeente en OCMW Zandhoven.
Artikel 2.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat bezorgd worden.
Dit punt werd op de dagorde geplaatst door de Vlaams Belang fractie en dhr. Ven P. licht toe als volgt:
Wij hebben vernomen dat er in de lagere- en kleuterschool van Massenhoven voor de maanden december 2025 en januari 2026 soep werd aangeboden aan de kinderen.
Deze soep zou naar wij vernomen hebben conform de Halalregels bereid zijn.
Daarom enkele vragen:
Dit punt werd op de dagorde geplaatst door de N-VA fractie:
Voorstel van beslissing:
Te overwegen:
Overwegende dat de federale asielcijfers aantonen dat er een duidelijke daling is van het aantal asielaanvragen. En er vanuit de Federale Regering, bij monde van minister Anneleen Van Bossuyt werd gemeld dat de instroom structureel daalt;
Overwegende dat de lokale opvang initiatieven niet langer een structurele verplichting zijn wanneer de federale opvangdruk aantoonbaar afneemt;
Overwegende dat de Federale en Vlaamse overheden bijgevolg expliciet aansturen op de afbouw van noodopvang en tijdelijke opvangcapaciteit.
Gelet op het feit dat Zandhoven vandaag LOI-plaatsen (Lokale Opvanginitiatieven) voorziet, met bijhorende operationele en personeelsmatige lasten voor het lokaal bestuur.
Gelet op het feit dat Zandhoven een personeelslid structureel inzet voor het beheer en de opvolging van deze LOI-plaatsen.
Gelet op het feit dat financiële middelen en personeel bijgevolg prioritair dienen ingezet te worden ten voordele van andere noden die de inwoners van Zandhoven hebben.
Te besluiten:
1.
De LOI-plaatsen op het grondgebied van Zandhoven stop te zetten met ingang van 1 april 2026.
2.
Het College van Burgemeester en Schepenen (CBS) te belasten met de praktische en administratieve uitvoering van deze stopzetting, in overleg met de bevoegde federale instanties.
Gezien er tijdens de raadzitting van heden geen opmerkingen worden gemaakt over de redactie van het zittingsverslag en de notulen van de gemeenteraad van 22 januari 2026, overeenkomstig art. 24 van het huishoudelijk reglement en art. 32 van het decreet Lokaal Bestuur, zijn het zittingsverslag en de notulen van bedoelde zitting, goedgekeurd.
De voorzitter sluit de vergadering.
Namens gemeenteraad,
Annick Smeets
algemeen directeur
Hans Soetemans
voorzitter gemeenteraad