De voorzitter opent de vergadering; er zijn 5 verontschuldigingen nl. mevrouw Henderickx P. en de heren Cools B., Leirs J., Van Deuren W. en Van Hove L..
De gemeenteraad,
Overwegende dat aan de heer Paul Verhaert (destijds Kasteelstraat 9 - 2280 Grobbendonk) een stedenbouwkundig attest werd verleend in zitting van het college van burgemeester en schepenen van 17 september 2008, voor het bouwen van een meergezinswoning, type gesloten bebouwing te 2243 Zandhoven, Torenstraat 16, ten kadaster gekend afdeling 3, sectie B, nr. 115b3;- dat destijds als voorwaarde werd opgelegd dat 24 m² kosteloos aan de gemeente moest worden afgestaan;- dat voormelde grondafstand nooit administratief geregeld werd en nu n.a.v. het overlijden van de vroegere eigenaar en de nalatenschap in orde wordt gebracht.
Gelet op het “Opmetingsplan”, opgemaakt door Topographos (Kasteelstraat 9 - 2280 Grobbendonk) waarop voornoemde inneming in het geel staat aangeduid als lot A.
Overwegende dat de kosteloze grondafstand zal geschieden overeenkomstig de gegevens van voornoemd plan;- dat alle gegevens van dit plan in overeenstemming zijn met de werkelijkheid en met de toestand volgens het kadaster waar deze gronden reeds zijn ingelijfd in het openbaar domein.
Overwegende dat deze kosteloze grondafstand administratief moet geregeld worden en dat daarvan ook een behoorlijke akte moet worden opgesteld, waarbij de overdracht van het eigendomsrecht van deze grond wettelijk wordt vastgesteld.
Gelet op het ontwerp van notariële akte van kosteloze grondafstand, opgesteld door notariskantoor Notadux met standplaats te Grobbendonk (Wijngaardstraat 40 - 2280 Grobbendonk).
Overwegende dat het noodzakelijk is afgevaardigden aan te duiden die gerechtigd zullen zijn de gemeente Zandhoven te vertegenwoordigen bij het verlijden van de notariële akte en namens de gemeente rechtsgeldig te handelen.
Gelet op artikel 41 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 1.
Het “Opmetingsplan”, opgemaakt door Topographos (Kasteelstraat 9 - 2280 Grobbendonk), waaruit blijkt dat ca. 24m² grond aan de gemeente Zandhoven kosteloos zal worden afgestaan en waarop voornoemde inneming in het geel als lot A staat aangeduid, wordt goedgekeurd.
Het ontwerp van akte van kosteloze grondafstand, opgesteld door notariskantoor Notadux met standplaats te Grobbendonk (Wijngaardstraat 40 - 2280 Grobbendonk), wordt eveneens goedgekeurd.
Artikel 2.
Deze grondafstand zal wettelijk worden geregeld, bij akte te verlijden voor notariskantoor Notadux met standplaats te Grobbendonk (Wijngaardstraat 40 - 2280 Grobbendonk).
Artikel 3.
De heer Steven Van Staeyen en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk burgemeester en algemeen directeur worden afgevaardigd om bij het verlijden van de akte, namens de gemeente Zandhoven, op te treden en rechtsgeldig te handelen.
Artikel 4.
Een afschrift van deze beslissing zal aan notariskantoor Notadux (Wijngaardstraat 40 - 2280 Grobbendonk) en de dienst Secretariaat bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Overwegende dat de gemeente Zandhoven in de mogelijkheid verkeert om een aantal percelen bos aan de voetbalterreinen in Zandhoven, ten kadaster gekend, sectie B, nrs. 373/L, 374/A, 375/B, 363/H, 373/F, 363/L, 361/H, 363/K en 363/P voor een totale oppervlakte van 15.886 m² aan te kopen.
Gelet op het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Sportcentrum Zandhoven’, goedgekeurd door de gemeenteraad op 26 juni 2025, waarbij het gemeentelijk RUP een bestaande recreatiecluster heeft bestendigd en beperkte uitbreidingsmogelijkheden voorziet;- dat de percelen, voormeld, niet gelegen zijn binnen het gemeentelijk RUP ‘Sportcentrum Zandhoven’, met uitzondering van het perceel kadastraal gekend afdeling 1, sectie, 363P, gekend als strook ‘grond’ in het kadaster.
Overwegende dat de overige percelen naast het gemeentelijk RUP, voornoemd, gelegen zijn en bijgevolg naast de bestaande recreatieterreinen zijn gelegen;- dat, ongeacht ze heden niet de bestemming recreatie hebben, het niet uitgesloten is dat de percelen in de toekomst onderzocht kunnen worden naar de mogelijkheid tot herbestemming in het kader van de uitbreiding van de recreatiezone.
Overwegende dat de aankoop een opportuniteit is voor de toekomst van de bestaande recreatiecluster in de Voetbalstraat en dat voormelde gronden, na aankoop ten nutte zullen komen van het algemeen belang.
Overwegende dat de percelen in de huidige toestand bebost zijn en onderdeel uitmaken van het gemeentelijk speelbos dat een publieke functie kent.
Overwegende dat het gemeentelijk speelbos een meerwaarde is voor de gemeente Zandhoven.
Overwegende dat met de aankoop van de percelen een deel van het speelbos eigendom wordt van de gemeente Zandhoven en bijgevolg het openbaar karakter verzekerd kan worden.
Overwegende dat voor de financiering van de aankoop van de percelen de nodige kredieten zullen worden ingeschreven bij de eerstvolgende budgetwijziging.
Gelet op artikel 41 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 1.
De gemeente Zandhoven beslist principieel om de percelen bos aan de voetbalterreinen in Zandhoven, ten kadaster gekend, sectie B, nrs. 373/L, 374/A, 375/B, 363/H, 373/F, 363/L, 361/H, 363/K en 363/P voor een totale oppervlakte van 15.886 m² aan te kopen voor zover de prijs en de voorwaarden aanvaardbaar zijn.
Artikel 2.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de verdere samenstelling van het dossier die nodig zijn ter uitvoering van dit besluit.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Financiën bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening betreffende de organisatie van de ruimtelijke ordening, met inbegrip van latere wijzigingen, met in het bijzonder de artikels 2.2.18 tot en met 2.2.25.
Gelet op zijn beslissing van 28 juni 2006 betreffende de goedkeuring van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan, goedgekeurd door de bestendige deputatie van de provincie Antwerpen op 31 augustus 2006;- dat in het richtinggevend deel van voormeld structuurplan en in het bijzonder in deel 3 en 4 verwezen wordt naar de gewenste ruimtelijke structuur.
Overwegende dat voor de verdere uitwerking van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan het noodzakelijk is over te gaan tot de opmaak van ruimtelijke uitvoeringsplannen (afgekort R.U.P.’s).
Gelet op het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘De Hoven – herziening en uitbreiding’, goedgekeurd door de deputatie van de provincie Antwerpen op 12 februari 2009;- dat het gebied omsloten door Vierselbaan, De Bergen, Bruggestraat en Ringlaan van goedkeuring werd onthouden.
Gelet op het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘De Hoven – 2de herziening’, goedgekeurd door de deputatie van de provincie Antwerpen op 16 december 2010;- dat het plangebied dat uitgesloten werd in RUP ‘De Hoven – herziening en uitbreiding’ het onderwerp uitmaakt van het gemeentelijk RUP ‘De Hoven – 2de herziening’.
Gelet op het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘De Hoven - 3de herziening’, goedgekeurd door de deputatie van de provincie Antwerpen op 23 augustus 2012;- dat het gemeentelijk RUP ‘De Hoven -3de herziening’ een overgangsbepaling inhoudt voor het bedrijf Smeyers dat in de Bruggestraat is gevestigd en gelegen is binnen het gemeentelijk RUP ‘De Hoven – 2de herziening’.
Overwegende dat het bedrijf Smeyers gaat verhuizen en bijgevolg het gemeentelijk RUP ‘De Hoven – 2de herziening en uitbreiding’ van toepassing is voor de ontwikkeling van de site.
Overwegende dat het gemeentelijk RUP ‘De Hoven – 2de herziening en uitbreiding’ voorziet in een traditionele woonontwikkeling waarbij de Hovenstraat wordt doorgetrokken richting de Bruggestraat, met een plaatselijk verbod voor doorgaand verkeer, en waarbij aan weerszijden van de nieuwe weg ééngezinswoningen type vrijstaand, gekoppeld, aaneengesloten of gegroepeerd, met tuin worden voorzien.
Overwegende dat de site van het bedrijf Smeyers gelegen is in de dorpskern van Zandhoven waar de meeste voorzieningen van de gemeente aanwezig zijn en ontsloten is met het openbaar vervoer;- dat de site bijgevolg een opportuniteit is om aan verdichting te doen, doch rekening houdend met de omgeving.
Overwegende dat het gemeentelijk RUP ‘De Hoven – 2de herziening en uitbreiding’ dateert van 2010 en bijgevolg gebaseerd is op traditionele woonontwikkeling waarbij een nieuwe brede openbare straat wordt aangelegd met aan weerszijden ééngezinswoningen met private tuinen;- dat de hedendaags aspecten rond ruimtelijke ordening eerder gericht zijn op collectiviteit, vergroening, ontharding, ruimte voor water, doorwaadbaarheid, … en deze niet volledig overeenstemmen met het opzet van het gemeentelijk RUP ‘De Hoven – 2de herziening en uitbreiding’ dat al wel verdichting van het binnengebied voorzag na het vertrek van het bestaande bedrijf.
Overwegende dat de voorziene invulling van het gemeentelijk RUP ‘De Hoven – 2de herziening en uitbreiding’ een samenwerking vereist van veel verschillende eigenaars om tot realisatie te komen.
Overwegende dat het vertrek van het bedrijf Smeyers een opportuniteit is om de kern van Zandhoven kwaliteitsvol te verdichten rekening houdend met de hedendaagse aspecten van ruimtelijke ordening zoals collectiviteit, vergroening, ontharding, ruimte voor water, mobiliteit,… en bepaalde gemeentelijke doelstellingen zoals het bindend sociaal objectief.
Overwegende dat de wijziging van een RUP dient te gebeuren door de opmaak van een nieuw RUP.
Gelet op het voorstel van het college van burgemeester en schepenen om het RUP ‘De Hoven - 4de herziening’ op te stellen, doch deze naam nog gewijzigd kan worden gedurende de procedure.
Overwegende dat het plangebied van het op te maken RUP niet vastligt en de afbakening deel zal uitmaken van het onderzoek van het RUP.
Overwegende dat het noodzakelijk lijkt een deskundige aan te stellen, belast met het opmaken van de nodige plannen en het opstellen van de verantwoordingsnota’s.
Artikel 1.
Er zal worden overgegaan tot het opmaken van het ruimtelijk uitvoeringsplan ‘De Hoven - 4de herziening’.
Artikel 2.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit besluit. Het zal de nodige maatregelen treffen om tot de verwezenlijking van deze beslissing te komen, ondermeer door het aanstellen van een ontwerper die belast wordt met het opstellen van een volledig dossier om tot de opmaak van het voormeld RUP te komen.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Omgeving bezorgd worden.
De voorzitter stelt voor om de agendapunten 4 en 5 samen toe te lichten, maar er afzonderlijk over te stemmen. De raad gaat hiermee eenparig akkoord.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet grond- en pandenbeleid van 27 maart 2009, en latere wijzigingen.
Gelet op de Vlaamse Codex Wonen van 2021, en latere wijzigingen.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2026 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, wat betreft de verwezenlijking van het sociaal woonaanbod.
Gelet op de Vlaamse Codex Wonen van 2021, in het bijzonder artikel 2.6 dat voorziet dat elke gemeente voor haar grondgebied de gezamenlijk oppervlakte van de onbebouwde bouwgronden en kavels berekent die in eigendom zijn van Vlaamse besturen, met uitzondering van de gronden die voldoen aan één of meer van de bijzondere karakteristieken, vermeld in artikel 5.107.1° van de Vlaamse Codex Wonen voornoemd en voor deze gronden een actieprogramma opmaakt, waarbij het bouwpotentieel van deze gronden wordt onderzocht en concrete acties worden uitgewerkt voor de realisatie van het BSO (bindend sociaal objectief).
Gelet op zijn beslissing van 22 juni 2017 waarbij het gemeentelijk actieprogramma in het kader van het BSO 2009-2025 werd goedgekeurd;- dat het gemeentelijk actieprogramma in het kader van de voortgangstoetsen voor de opvolging van het BSO 2009-2025 doorheen deze periode werd geactualiseerd.
Gelet op het vorige Bindend Sociaal Objectief (BSO) voor de periode 2009-2025 dat afliep op 31 december 2025.
Overwegende dat de Vlaamse Regering een nieuwe lange termijndoelstelling voor de periode 2026-2042 voor het sociaal woonaanbod heeft uitgewerkt, namelijk het ‘gewestelijk Bindend Sociaal Objectief’.
Overwegende dat een nieuw gemeentelijk actieprogramma wordt opgemaakt voor het nieuwe BSO 2026-2042.
Overwegende dat gemeenten die het groeipad van het BSO niet volgen en ingedeeld worden in categorie 2B minstens 25% van de gezamenlijke oppervlakte van de gronden, voormeld, dient aan te wenden voor sociaal wonen.
Overwegende dat de gemeenten de berekening van onbebouwde bouwgronden en kavels die eigendom zijn van Vlaamse besturen en het bijhorend actieprogramma uiterlijk moeten opmaken tegen 31 oktober 2026;- dat de gemeente die een vermindering van de specifieke inhaalbeweging willen aanvragen, de berekening en actieprogramma tegen uiterlijk 1 juli 2026 moeten opmaken.
Overwegende dat de gemeente Zandhoven een vermindering van de specifieke inhaalbeweging voor het BSO 2026-2042 aanvraagt.
Gelet op de berekening van de onbebouwde bouwgronden en kavels in eigendom van Vlaamse besturen, in bijlage I.
Gelet op het ontwerp van gemeentelijk actieprogramma, in bijlage II.
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 1.
De gemeenteraad keurt de berekening van de onbebouwde bouwgronden en kavels in eigendom van Vlaamse besturen, bijgevoegd in bijlage I, goed.
Artikel 2.
Het gemeentelijk actieprogramma, bijgevoegd in bijlage II, wordt goedgekeurd.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Omgeving bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet grond- en pandenbeleid van 27 maart 2009, en latere wijzigingen.
Gelet op de Vlaamse Codex Wonen van 2021, en latere wijzigingen.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2026 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, wat betreft de verwezenlijking van het sociaal woonaanbod.
Gelet op de Vlaamse Codex Wonen van 2021, in het bijzonder artikel 2.32.§2 dat voorziet dat de Vlaamse Regering een gemeente geheel of gedeeltelijk kan vrijstellen van de specifieke inhaalbeweging;- dat deze aanvraag tot vrijstelling uiterlijk 1 juli 2026 dient te gebeuren.
Gelet op het vorige Bindend Sociaal Objectief (BSO) voor de periode 2009–2025 dat afliep op 31 december 2025.
Overwegende dat de Vlaamse Regering een nieuwe lange termijndoelstelling voor de periode 2026-2042 voor het sociaal woonaanbod heeft uitgewerkt, namelijk het ‘gewestelijk Bindend Sociaal Objectief’.
Overwegende dat een nieuw actieprogramma wordt opgemaakt voor het nieuwe BSO 2026-2042.
Overwegende dat het gewestelijk Bindend Sociaal Objectief bestaat uit twee onderdelen:
Overwegende dat het verplicht aandeel van in totaal 45.000 sociale huurwoningen wordt verdeeld over alle Vlaamse gemeenten;- dat de gemeente Zandhoven het volgende BSO krijgt opgelegd: 124 sociale huurwoningen.
Overwegende dat de sociale huurwoningen die in het kader van het BSO 2009–2025 niet effectief gerealiseerd werden op 31 december 2025 als specifieke inhaalbeweging zijn meegenomen in het nieuwe BSO;- dat de gemeente Zandhoven het BSO 2009–2025 niet heeft gehaald en bijgevolg de volgende specifieke inhaalbeweging krijgt opgelegd: 45 sociale huurwoningen.
Overwegende dat aan het nieuwe BSO een groeipad is gekoppeld;- dat het groeipad het ritme is van de programmatie van sociale huurwoningen in de periode 2026-2042.
Overwegende dat de specifieke inhaalbeweging versneld dient gerealiseerd te worden;- dat de helft van de specifieke inhaalbeweging effectief moet gerealiseerd zijn tegen eind 2036 en tegen 31 december 2042 de volledige specifieke inhaalbeweging moet gerealiseerd zijn.
Overwegende dat voor de gemeente Zandhoven het nieuw BSO voor de periode 2026-2042 en het bijhorende groeipad het volgende inhoudt:
Totaal gemeentelijk objectief: 124 sociale huurwoningen
Overwegende dat de Vlaamse Regering, agentschap Wonen in Vlaanderen, de realisatie van het BSO zal opvolgen via een driejaarlijkse voortgangstoets waarbij het agentschap de resultaten van het gerealiseerd en gepland sociaal woonaanbod per gemeente zal afzetten tegenover het groeipad dat de Vlaamse Regering heeft vastgesteld.
Overwegende dat gemeenten die het groeipad volgen, worden ingedeeld in categorie 1 en gemeenten die het groeipad niet volgen, worden ingedeeld in categorie 2;- dat deze gemeenten een plan van aanpak moeten opmaken om hun inspanningen aan te tonen.
Overwegende dat gemeenten in categorie 2, die een plan van aanpak indienen en voldoende inspanningen leveren worden ingedeeld in categorie 2A, gemeenten die geen plan van aanpak indienen en/of onvoldoende inspanningen leveren, worden ingedeeld in categorie 2B.
Overwegende dat gemeenten in categorie 2B, die het groeipad niet volgen en onvoldoende inspanningen leveren, een bijdrage zullen moeten leveren aan de financiering van de huurpremie.
Overwegende dat de gemeente Zandhoven zeker zijn inspanningen wenst te doen om het bindend sociaal object te bereiken, doch gezien het Bindend Sociaal Objectief 2009 – 2025 niet werd gehaald ondanks meerdere gerealiseerde sociale woonprojecten, er heden geen nieuwe sociale woonprojecten op korte termijn gepland staan, en gemeenten die het groeipad niet volgen en onvoldoende inspanningen leveren, hieraan mogelijks financiële consequenties zullen moeten dragen, zal de gemeente een aanvraag tot vrijstelling doen van de specifieke inhaalbeweging op basis van ruimtelijke beperkingen zoals voorzien in artikel 2.32.§2 van de Vlaamse Codex Wonen.
Gelet op het aanvraagdossier in bijlage I.
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 1.
De gemeenteraad keurt de aanvraag tot vermindering van de specifieke inhaalbeweging in het kader van het Bindend Sociaal Objectief 2026–2042 goed.
Artikel 2.
Het aanvraagdossier, bijgevoegd in bijlage I, wordt goedgekeurd.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Omgeving bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op de politieverordening op de gemeentelijke visvijver, goedgekeurd op 6 april 1989 en gewijzigd in de gemeenteraadszittingen van 29 juni 1989 en 12 september 1996 en 13 maart 2017.
Gelet op zijn beslissing van 22 november 2018 waarbij de samenwerkingsovereenkomst met het Agentschap voor Natuur en Bos inzake de samenwerking en medefinanciering van het project ‘viswaterbeheer gemeentevijver Zandhoven’, goedgekeurd werd.
Gelet op de wet op de riviervisserij van 1 juli 1954.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 1 februari 2013 tot uitvoering van de wet van 1 juli 1954 op de riviervisserij.
Overwegende dat het bestaande reglement aan vernieuwing toe is, mede om aan de gewijzigde omstandigheden en visie te voldoen.
Overwegende dat er afgelopen jaren toenemende klachten waren van omwonenden en bezoekers over overlast en hinder, onder andere van het achterlaten van afval, vuur stoken, barbecueën van gevangen vissen, alcohol nuttigen en overnachten langs de visvijver.
Overwegende dat sportvisserij Vlaanderen de gemeente liet kennismaken met het project hengelstewards, dat het project geschikt bleek voor de situatie van de visvijver in Viersel en een mogelijke oplossing kan bieden voor de overlast.
Overwegende dat de gemeente een project met hengelstewards opstart om de veiligheid, openbare netheid en algemeen tevredenheidsgevoel aan de gemeentelijke visvijver te verhogen.
Overwegende dat Sportvisserij Vlaanderen de gemeente op vrijwillige basis begeleidt om het project uit te werken en hiervoor vrijwilligers te zoeken.
Overwegende dat het belangrijk is dat de regels aan de visvijver duidelijk zijn voor zowel bezoekers als hengelaars, en dat stewards kunnen terugvallen op een duidelijk reglement en dat het reglement de stewards voldoende handvaten geeft om controles uit te voeren.
Overwegende dat het opnieuw invoeren van een betalende visvergunning kan bijdragen aan een vlottere controle aan de visvijver en het gevoel van verantwoordelijkheid voor de omgeving en het viswater zal verhogen.
Gelet op het ontwerp van ‘Reglement en retributiereglement m.b.t. de visvijver en het vissen/hengelen op de gemeentelijke visvijver in Viersel’;- dat met de inhoud van het reglement akkoord kan gegaan worden.
Overwegende dat het noodzakelijk is om te stemmen over het goedkeuren van het reglement en retributiereglement m.b.t. de gemeentelijke visvijver en het vissen/hengelen op de gemeentelijke visvijver.
Gelet op de financiële toestand van de gemeente en gelet op de noodzaak om het budgettair evenwicht te behouden.
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te verlenen aan hiernavolgend reglement:
| Reglement en retributiereglement over de gemeentelijke visvijver en |
|||
|
|
Het domein ‘gemeentelijke visvijver’ |
||
|
|
|
Artikel 1. Betreden van het water |
|
|
|
|
|
Het is verboden te zwemmen in de vijver, te varen op de gemeentelijke visvijver met boten, SUP’s, kano’s, kajaks of eender welk ander drijfmiddel en te schaatsen op de visvijver. Het is toegelaten om telegeleide voederbootjes voor het karper- of roofvissen functioneel te water te laten voor wie in het bezit is van een visverlof en gemeentelijke visvergunning. |
|
|
|
Artikel 2. Honden |
|
|
|
|
|
Honden die zich op het domein begeven moeten te allen tijde aangelijnd zijn. Hondenuitwerpselen moeten altijd worden opgeruimd. |
|
|
|
Artikel 3. Overlast |
|
|
|
|
|
Het is verboden om open vuur te maken, te barbecueën, luide muziek te spelen, onnodig lawaai te maken, afval of hondenpoep achter te laten of op eender welke andere manier overlast te veroorzaken. |
|
|
|
Artikel 4. Kamperen |
|
|
|
|
|
Het is verboden te kamperen of te overnachten aan de gemeentelijke visvijver. |
|
|
|
Artikel 5. Motorvoertuigen |
|
|
|
|
|
Het is verboden zich met motorvoertuigen op de paden te begeven. Alle motorvoertuigen moeten gestald worden op de parking aan de hoofdingang van het domein. |
|
|
|
Artikel 6. Natuur |
|
|
|
|
|
Het is verboden struiken, bomen, oevers en andere beplanting te beschadigen of fauna (vogels, eenden, ganzen, …) te verstoren, te verjagen of te vangen. |
|
|
Vissen op de gemeentelijke visvijver |
||
|
|
|
Artikel 7. Vergunning |
|
|
|
|
|
Hengelen in de visvijver is enkel toegestaan mits in het bezit te zijn van een vergunning uitgegeven door de gemeente. |
|
|
|
Artikel 8. Visplaatsen |
|
|
|
|
|
Het is verboden te vissen in de aangeduide rust- en natuurzone van de vijver. Er mag enkel gevist worden vanaf de oever of op door de gemeente voorziene steigers. Oevers en taluds mogen niet beschadigd worden. Het is verboden hengelplaatsen uit te graven, te verstevigen of uit te bouwen op welke manier ook. Het is verboden zelf bruggen, vlonders, stijgers of dergelijke aan te brengen. |
|
|
|
Artikel 9. Gemeentelijke visvergunning |
|
|
|
|
|
Een gemeentelijke visvergunning wordt aangevraagd via het gemeentebestuur van Zandhoven. De betrokken vergunning is strikt persoonlijk, op naam en niet overdraagbaar. De visser verklaart zich door de aanvraag van de vergunning akkoord met dit reglement. De visser moet de vergunning steeds bij zich hebben wanneer men vist op het terrein. Enkel een papieren versie wordt aanvaard. Een foto of een kopie van de vergunning is niet toegestaan en wordt als ongeldig beschouwd. Kinderen tot en met 14 jaar zijn vrijgesteld van het bezit van de gemeentelijke visvergunning en mogen hengelen met 1 hengel. Zij moeten vergezeld zijn van een volwassen persoon in bezit van een gemeentelijke vergunning. De begeleider moet tijdens het vissen steeds in de onmiddellijke nabijheid van deze jonge personen blijven. Kinderen vanaf 15 tot en met 17 jaar moeten in het bezit zijn van een gemeentelijke vergunning maar zijn vrijgesteld van de retributie als zij maximaal met 1 hengel hengelen. Zij moeten niet vergezeld zijn van een volwassene maar worden geacht het reglement te kennen en toe te passen. Iedereen die in het bezit is van een geldige gemeentelijke vergunning wordt geacht deze vergunning bij controle voor te leggen, het reglement te kennen en ook toe te passen. Elke hengelaar is verplicht gevolg te geven aan de onderrichtingen van politie en van de gemeentelijke stewards, die regelmatig controles zullen uitvoeren op het bezit van een visvergunning en andere artikels vermeld in dit reglement. |
|
|
|
Artikel 10 Afleveren van een gemeentelijke vergunning |
|
|
|
|
|
Het gemeentebestuur behandelt de aanvragen voor een visvergunning in volgorde van ontvangst. De aanvrager wordt gevraagd zich te identificeren. Het gemeentebestuur kan geen vergunning afleveren aan personen die zich niet correct kunnen identificeren. Gemeente Zandhoven is gerechtigd om de persoonsgegevens voor de duur van de vergunning bij te houden. Een gemeentelijke vergunning kost 15 euro. Het gemeentebestuur heeft het recht om een vergunningsaanvraag te weigeren op basis van relevante informatie bij politie, het gemeentebestuur zelf of bij de stewards. |
|
|
|
Artikel 11. Geldigheid van de gemeentelijke vergunning |
|
|
|
|
|
Een gemeentelijke visvergunning is maximaal 1 kalenderjaar geldig. Een gemeentelijke visvergunning kan te allen tijde worden ontnomen of ingetrokken op basis van wangedrag of vaststelling van overtredingen op dit reglement of het Reglement Openbare Visserij. |
|
|
|
Artikel 12. Hoe vissen |
|
|
|
|
|
Het vissen in de gemeentelijk visvijver gebeurt volgens de bepalingen van de Wet van 1 juli 1954 op de Riviervisserij en haar uitvoeringsbesluiten (www.natuurenbos.be/visserij). Specifiek voor de gemeentelijke visvijver gelden op hoger vermelde visserijwet volgende bijkomende bepalingen:
De gevangen vis dient onmiddellijk, met de nodige voorzichtigheid en respect, in het water te worden teruggezet. Binnen dit kader kan een steward overgaan tot controle van bepaalde recipiënten waarop de inhoud op eenvoudig verzoek aan de steward wordt getoond. |
|
|
|
Artikel 13. Afgedankt materiaal |
|
|
|
|
|
Een afgedankte lijn dient rond de hand te worden gewikkeld en vervolgens doorgeknipt en meegenomen of in de vuilbakken geworpen te worden ter bescherming van de natuur. Alle mogelijke vreemde voorwerpen (haken, beschadigd materiaal, netten, ...) moeten meegenomen worden om schade aan de natuur te vermijden. |
|
|
|
Artikel 14. Evenementen |
|
|
|
|
|
Het is verboden aan de gemeentelijke visvijver evenementen of wedstrijden te organiseren zonder uitdrukkelijke toestemming van de burgemeester. |
|
|
|
Artikel 15. Afwijkingen en uitzonderlijke maatregelen |
|
|
|
|
|
De burgemeester kan van dit reglement afwijken door tijdelijke maatregelen af te vaardigen. De burgemeester kan de visvijver sluiten of het vissen verbieden door uitzonderlijke omstandigheden zoals visuitzetting, lage waterstanden, voor de openbare veiligheid, …) |
|
|
|
Artikel 16. Ongevallen & schade |
|
|
|
|
|
Het gemeentebestuur is niet verantwoordelijk voor gebeurlijke ongevallen, diefstallen of schade aan materiaal. |
|
|
|
Artikel 17. Overtredingen |
|
|
|
|
|
Overtredingen op het reglement Openbare Visserij worden bestraft zoals beschreven in het kaderdecreet Vlaamse Handhaving, het Decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid en het Milieuhandhavingsbesluit. Overtredingen op dit politiereglement worden bestraft met politiestraffen. De gemeente is gerechtigd om een afgeleverde visvergunning te schorsen of in te trekken als er overtredingen op dit reglement worden vastgesteld. |
| Artikel 18. |
|||
|
|
|
|
Dit reglement vervangt alle voorgaande reglementen met betrekking tot de gemeentelijke visvijver. |
Artikel 2.
Dit reglement vervangt alle voorgaande versies en retributiereglementen over de gemeentelijke visvijver.
Artikel 3.
Het reglement treedt in werking op 1 juli 2026. De verplichting tot het hebben van een gemeentelijke vergunning, zoals vermeld in artikel 7, gaat in op 1 september 2026.
Artikel 4.
In afwijking van artikel 11 en bij wijze van overgangsmaatregel, zal een vergunning afgeleverd in de periode tussen 1 september 2026 en 31 december 2026 geldig blijven tot 31 december 2027.
Artikel 5.
De bekendmaking van dit reglement gebeurt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 6.
Een afschrift van deze beslissing zal aan het Agentschap voor Natuur en Bos (rudi.yseboodt@vlaanderen.be), aan de Politiezone ZARA (Gustaaf Peetersstraat 7 - 2520 Ranst) en aan Sportvisserij Vlaanderen (frans@sportvisserijvlaanderen.be; stewards@sportvisserijvlaanderen.be) bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 41, tweede lid, 10°.
Gelet op de wet inzake de overheidsopdrachten van 17 juni 2016, en latere wijzigingen, in het bijzonder artikelen 2, 6°, 43, § 1, tweede lid en 47.
Gelet op de beslissing van de raad van bestuur van C-smart dv van 19 december 2024 tot goedkeuring van de selectiedraad voor de overheidsopdracht CSMRTNOT25” Raamovereenkomst inzake notulenbeheer en postregistratie”.
Gelet op de Europese bekendmaking van de oproep tot kandidaatstelling op 5 februari 2025 via het federale e-Procurement platform.
Gelet op de beslissing van de raad van bestuur van C-smart dv van 27 november 2025 tot goedkeuring van het bestek CSMRTNOT25” Raamovereenkomst inzake notulenbeheer en postregistratie”.
Gelet op de opdrachtdocumenten goedgekeurd door de raad van bestuur van Cipal dv ( nu C-smart) in het bijzonder:
Gelet op de beslissing van de raad van bestuur van C-smart dv van 26 maart 2026 waarbij perceel 1 (notulenbeheer) van de opdracht CSMRTNOT25 wordt toegewezen aan Green Valley Belgium NV (Cipalstraat 3- 2440 Geel) en waarbij de procedure voor perceel 2 (postregistratie) wordt stopgezet bij gebrek aan offerte.
Gelet op de sluiting van de opdracht voor perceel 1 op basis van de Best And Final Offer van Green Valley Belgium NV op 28 april 2026.
Overwegende dat gemeente Zandhoven gebruik wenst te maken van deze raamovereenkomst om volgende redenen:
Artikel 1.
Gemeente Zandhoven doet een beroep op de aankoopcentrale van C-smart dv voor notulenbeheer aangeboden via de C-smart raamovereenkomst op basis van de overheidsopdracht met referentie CSMRTNOT25, perceel 1 “notulenbeheer”, gegund aan Green Valley Belgium NV.
Artikel 2.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere uitvoering van dit besluit.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan C-Smart (aankoopcentrale@c-smart.be), de dienst Personeel en de dienst Financiën bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op artikel 50 van het decreet van 7 mei 2004, en latere wijzigingen, betreffende de materiële organisatie en de werking van de erkende erediensten, dat stipuleert dat de budgetwijzigingen na het advies van het erkend representatief orgaan vóór 15 september van het lopende jaar gecoördineerd bij de gemeenteoverheid worden ingediend door het centraal kerkbestuur waaronder de kerkfabrieken ressorteren.
Gelet op de vergadering van de kerkfabriek Sint-Amelberga Zandhoven van 31 maart 2026.
Gelet op het gunstig advies van 2 juni 2026 van het Bisdom Antwerpen aan de voormelde budgetwijziging 2026 van de kerkfabriek Sint-Amelberga Zandhoven.
Overwegende dat de budgetwijziging op religiopoint werd ingegeven op 3 juni 2026.
Gelet op artikel 48 van het decreet van 7 mei 2004, en latere wijzigingen, betreffende de materiële organisatie en de werking van de erkende erediensten;- dat de gemeenteraad akte dient te nemen van de budgetwijziging wanneer de gemeentelijke bijdrage in het budget binnen de grenzen blijft van het bedrag opgenomen in het goedgekeurde meerjarenplan.
Overwegende dat in voormelde budgetwijziging, de gemeentelijke bijdrage binnen de grenzen blijft van het bedrag opgenomen in het goedgekeurde meerjarenplan.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt akte van de budgetwijziging 2026 van 31 maart 2026 van de kerkfabriek Sint-Amelberga Zandhoven.
Artikel 2.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat, religiopoint en de toezichthoudend overheid bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op zijn beslissing van 18 september 2025 betreffende de goedkeuring van de meerjarenplannen 2026-2031 van de vijf kerkfabrieken.
Gelet op zijn beslissing van 23 oktober 2025 betreffende het advies tot de samenvoeging van der erkende lokale geloofsgemeenschappen Sint-Stefaan, Massenhoven, O.-L.-Vrouw ten Hemel Opgenomen, Pulderbos, Sint-Willibrordus, Viersel en Sint-Amelberga, Zandhoven.
Overwegende dat op 15 januari 2026 de samenvoeging van de parochies gepubliceerd werd in het Belgische Staatsblad;- dat de budgetten van Sint-Stefaan, Massenhoven, O.-L.-Vrouw ten Hemel Opgenomen, Pulderbos, Sint-Willibrordus, Viersel toegevoegd moeten worden aan het budget van Sint-Amelberga, Zandhoven.
Gelet het decreet van 7 mei 2004, en latere wijzigingen, betreffende de materiële organisatie en de werking van de erkende erediensten, in het bijzonder artikel 41,42 en 43;- dat een meerjarenplan kan herzien worden in de loop van de periode waarvoor ze is opgemaakt ;- dat meerjarenplannen en wijzigingen onderworpen zijn aan advies van het erkend representatief orgaan en goedkeuring van de gemeenteraad;- dat een gemeenteraad zijn goedkeuring moet geven binnen een termijn van 100 dagen.
Overwegende dat de wijziging van het meerjarenplan van Sint-Amelberga Zandhoven goedgekeurd werd op de vergadering van de kerkraad op 31 maart 2026.
Overwegende dat het centraal kerkbestuur Zandhoven op 31 mei 2026 de wijziging het meerjarenplan van Sint-Amelberga Zandhoven aan het gemeentebestuur bezorgd heeft.
Gelet op het gunstige advies van 2 juni 2026 van het Bisdom Antwerpen aan de voormelde meerjarenplanwijziging.
Artikel 1.
De gemeenteraad verleent zijn goedkeuring aan de wijziging van het meerjarenplan van Sint-Amelberga, Zandhoven.
Artikel 2.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat, religiopoint en de toezichthoudend overheid bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op artikel 54 van het decreet van 7 mei 2004, en latere wijzigingen, betreffende de materiële organisatie en de werking van de erkende erediensten, dat stipuleert dat de kerkraad jaarlijks de jaarrekening van de kerkfabriek van het voorgaande jaar vaststelt en ze voor 1 maart indient bij het centraal kerkbestuur.
Overwegende dat de jaarrekeningen van de vijf kerkfabrieken goedgekeurd werden op onderstaande data:
| Sint-Stefaan |
Massenhoven |
9 februari 2026 |
| O.-L.-Vrouw ten Hemel Opgenomen |
Pulderbos |
24 februari 2026 |
| Sint Petrus & Paulus |
Pulle |
20 januari 2026 |
| Sint-Willibrordus |
Viersel |
11 maart 2026 |
| Sint-Amelberga |
Zandhoven |
05 februari 2026 |
Gelet op de omzendbrief BB 2013/01 van 1 maart 2013, uitgaande van het Agentschap voor Binnenlands Bestuur, Afdeling Lokale en Provinciale Besturen - Financiën en Personeel (Boudewijnlaan 30 bus 70 - 1000 Brussel) over de boekhouding van de besturen van erediensten.
Overwegende dat de jaarrekening van de verschillende kerkraden jaarlijks voor 1 mei bij de gemeenteoverheid dienen ingediend door het centraal kerkbestuur waaronder de kerkfabrieken ressorteren.
Overwegende dat het centraal kerkbestuur Zandhoven op 31 mei 2026 de goedgekeurde jaarrekeningen 2025 van de vijf kerkfabrieken (Sint-Stefaan in Massenhoven, O.-L.-Vrouw ten Hemel Opgenomen in Pulderbos, Sint Petrus & Paulus in Pulle, Sint-Willibrordus in Viersel en Sint-Amelberga in Zandhoven) heeft ingediend.
Overwegende dat - overeenkomstig artikel 55 § 2 van het decreet van 7 mei 2004, en latere wijzigingen betreffende de materiële organisatie en de werking van de erkende erediensten - de gemeenteraad zijn advies over de voorgelegde jaarrekeningen dient uit te brengen.
Overwegende dat niets zich blijkt te verzetten om een gunstig advies aan de vijf jaarrekeningen te verlenen.
Artikel 1.
De gemeenteraad verleent een gunstig advies aan de jaarrekening 2025 van de kerkfabrieken Sint-Amelberga in Zandhoven, O.-L.-Vrouw ten Hemel Opgenomen in Pulderbos, Sint Petrus & Paulus in Pulle, Sint-Stefaan in Massenhoven en Sint-Willibrordus in Viersel.
Artikel 2.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat, religiopoint en de toezichthoudend overheid bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2007 betreffende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie, de rechtspositieregeling en het mandaatstelsel van het gemeentepersoneel en het provinciepersoneel en enkele bepalingen betreffende de rechtspositie van de secretaris en de ontvanger van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, en latere wijzigingen.
Gelet op de “Rechtspositieregeling voor het gemeentepersoneel van Zandhoven”, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 11 december 2008, en latere wijzigingen.
Gelet op zijn beslissing van 24 maart 2022 waarbij de princiepsbeslissing om beroep te doen op Igean milieu & veiligheid als aankoopcentrale voor het leasen van fietsen voor het personeel van de bij Igean aangesloten besturen werd goedgekeurd;- dat de raamovereenkomst voor de operationele leasing met O2O een looptijd had van 4 jaar en eindigde 31 december 2025.
Gelet op zijn beslissing van 15 september 2022 betreffende de goedkeuring van de fietspolicy conform de voorwaarden van de raamovereenkomst.
Gelet op zijn beslissing van 23 maart 2023 waarbij de toetreding tot Creat werd goedgekeurd;- dat Creat verschillende raamovereenkomsten en bijhorende dienstverlening aanbiedt;- dat Creat een raamovereenkomst “Bedrijfsfietsen juli” aanbiedt;- dat deze gegund werd aan O2O;- dat er tot op heden geen op- of aanmerkingen zijn aan de samenwerking en de dienstverlening van O2O en er niets een verdere samenwerking met hen in de weg staat.
Gelet op de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 8 juni 2026 waarbij beslist werd toe te treden tot de raamovereenkomst “Bedrijfsfietsen juli” m.i.v. 1 juli 2026.
Overwegende dat het belangrijk is om op een duidelijke en transparante wijze het beheer en gebruik van ‘leasefiets’ te beschrijven;- dat het alle rechten en verplichtingen die verbonden zijn aan het gebruik en beheer van een leasefiets bepalen;- dat de voorwaarden om een fiets te leasen anders zijn in de raamovereenkomst van Creat t.o.v. de raamovereenkomst met Igean milieu & veiligheid;- dat het aangewezen is een nieuwe fietspolicy op te maken.
Gelet op het ontwerp van fietspolicy dat voorligt.
Overwegende dat met de inhoud van de fietspolicy akkoord kan gegaan worden.
Gelet op het protocol van het onderhandelingscomité van 10 juni 2026.
Artikel 1.
Goedkeuring te verlenen aan de fietspolicy voor personeel gemeente Zandhoven.
Artikel 2.
De beslissing van de gemeenteraad van 15 september 2022 m.b.t. de goedkeuring van de fietspolicy wordt ingetrokken.
Artikel 3.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de verdere uitwerking van dit besluit.
Artikel 4.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Personeel bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op de omzendbrief fietsleasing PERS/2024/03 van 18 juli 2024, en latere wijzigingen.
Gelet op zijn beslissingen van 31 oktober 2024 betreffende de goedkeuring van het arbeidsreglement van de gemeentelijke basisschool van Massenhoven en de gemeentelijke basisschool van Zandhoven;- dat onder bepaalde voorwaarden personeelsleden van de gemeentelijke basisschool Massenhoven en de gemeentelijke basisschool Zandhoven een fiets kunnen leasen.
Gelet op zijn beslissing van 24 maart 2022 waarbij de princiepsbeslissing om beroep te doen op Igean milieu & veiligheid als aankoopcentrale voor het leasen van fietsen voor het personeel van de bij Igean aangesloten besturen werd goedgekeurd;- dat de raamovereenkomst voor de operationele leasing met O2O een looptijd had van 4 jaar en eindigde 31 december 2025.
Gelet op zijn beslissing van 26 juni 2025 betreffende de goedkeuring van de fietspolicy conform de voorwaarden van de raamovereenkomst.
Gelet op zijn beslissing van 23 maart 2023 waarbij de toetreding tot Creat werd goedgekeurd;- dat Creat verschillende raamovereenkomsten en bijhorende dienstverlening aanbiedt;- dat Creat een raamovereenkomst “Bedrijfsfietsen juli” aanbiedt;- dat deze gegund werd aan O2O;- dat er tot op heden geen op- of aanmerkingen zijn aan de samenwerking en de dienstverlening van O2O en er niets een verdere samenwerking met hen in de weg staat.
Gelet op de beslissing van 8 juni 2026 van het college van burgemeester en schepenen betreffende toe te treden tot de raamovereenkomst “Bedrijfsfietsen juli” m.i.v. 1 juli 2026.
Overwegende dat het belangrijk is om op een duidelijke en transparante wijze het beheer en gebruik van ‘leasefiets’ te beschrijven;- dat het alle rechten en verplichtingen die verbonden zijn aan het gebruik en beheer van een leasefiets bepalen;- dat de voorwaarden om een fiets te leasen anders zijn in de raamovereenkomst van Creat t.o.v. de raamovereenkomst met Igean milieu & veiligheid;- dat het aangewezen is een nieuwe fietspolicy op te maken.
Gelet op het ontwerp van fietspolicy dat voorligt.
Overwegende dat met de inhoud van de fietspolicy akkoord kan gegaan worden.
Gelet op het protocol van het onderhandelingscomité van 10 juni 2026.
Artikel 1.
Goedkeuring te verlenen aan de fietspolicy voor personeel van het gemeentelijk onderwijs.
Artikel 2.
De beslissing van de gemeenteraad van 26 juni 2025 m.b.t. de goedkeuring van de fietspolicy wordt ingetrokken.
Artikel 3.
Het college van burgemeester en schepenen worden belast met de verdere uitwerking van dit besluit.
Artikel 4.
Deze fietspolicy zal toegevoegd worden als bijlage aan het arbeidsreglement.
Artikel 5.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Personeel, de gemeentelijke basisschool van Zandhoven en de gemeentelijke basisschool van Massenhoven bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op de wet op het politieambt van 5 augustus 1992, en latere wijzigingen.
Gelet op de Gegevensbeschermingswet van 30 juli 2018, en latere wijzigingen.
Gelet op de wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera’s, en latere wijzigingen.
Gelet op de verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG.
Gelet op de richtlijn (EU) 2016/680 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door bevoegde autoriteiten met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en intrekking van het kaderbesluit 2008/977/JBZ van de Raad.
Gelet op de wet van 30 juli 2018, en latere wijzigingen, betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens (de Kaderwet).
Gelet op het koninklijk besluit van 8 mei 2018 betreffende de aangiften van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera’s en betreffende het register van de beeldverwerkingsactiviteiten van bewakingscamera’s.
Gelet op het koninklijk besluit van 28 mei 2018 tot wijziging van het koninklijk besluit van 10 februari 2008 tot vaststelling van de wijze waarop wordt aangegeven dat er camerabewaking plaatsvindt.
Gelet op het koninklijk besluit van 19 mei 2010 tot oprichting van de Kruispuntbank van de voertuigen.
Gelet op het koninklijk besluit van 22 mei 2019 tot vaststelling van de wijze waarop het gebruik van vaste en tijdelijk vaste camera’s door de politiediensten wordt aangegeven.
Gelet op ministeriële omzendbrief van 10 december 2009 betreffende de wet van 21 maart 2007, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op het Bestuursdecreet van 7 december 2018, en latere wijziging.
Gelet op zijn beslissing van heden betreffende de aanvraag tot principiële toestemming van gebruikscamera’s door politiezone ZARA.
Overwegende dat het wenselijk is om afspraken vast te leggen inzake de verwerking van (tijdelijk) vaste camera’s geplaatst op niet besloten of publiek toegankelijke besloten plaatsen op het grondgebied van Zandhoven en dit voor zowel waarvoor gemeente Zandhoven als politiezone Zara verwerkingsverantwoordelijk is;- dat deze overeenkomst is opgemaakt door de DPO’s van de gemeente Zandhoven en de politiezone Zara.
Overwegende dat gemeente Zandhoven bij het afsluiten van de samenwerkingsovereenkomst vertegenwoordigd moet zijn;- dat het derhalve noodzakelijk is twee personen aan te stellen die bij de ondertekening van bedoelde overeenkomst gemeente Zandhoven zullen vertegenwoordigen en gerechtigd zijn dit contract rechtsgeldig te ondertekenen.
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te geven aan volgende samenwerkingsovereenkomst:
| SAMENWERKINGSOVEREENKOMST CAMERABEWAKING: |
|||
|
|
in het kader van het verwerken van persoonsgegevens (het betreft geen mededeling in de zin van art. 44/11/9 WPA en ook geen overeenkomst/protocol in de zin van art. 28.3 AVG/art. 22.3 Richtlijn Politie-Justitie/art. 20.1 Gegevensbeschermingswet en ook geen gezamenlijke verantwoordelijkheid in de zin van art. 26.1 AVG/art. 21.1 Richtlijn Politie-Justitie/art. 52 Gegevensbeschermingswet) |
||
|
|
TUSSEN |
||
|
|
|
De politiezone ZARA met zetel in Ranst, G. Peetersstraat 7, 2520 Ranst Vertegenwoordigd door de voorzitter van het politiecollege, Bart Goris en de waarnemend korpschef, Karl Vercammen. Hiertoe gemachtigd bij de beslissing van de politieraad |
|
|
|
EN |
||
|
|
|
Het gemeentebestuur van Zandhoven, met zetel in Zandhoven, Liersebaan 12, 2240 Zandhoven Vertegenwoordigd door de voorzitter gemeenteraad, Hans Soetemans en algemeen directeur, Annick Smeets. Hiertoe gemachtigd bij de beslissing van de gemeenteraad van 25 juni 2026. |
|
|
|
WORDT OVEREENGEKOMEN WAT VOLGT |
||
|
|
Artikel 1: Doelstellingen |
||
|
|
Deze overeenkomst beoogt de afspraken vast te leggen tussen de gemeente Zandhoven enerzijds en de politiezone ZARA anderzijds, gezien de politiezone ZARA inzake verwerking van camerabeelden optreedt als verwerkingsverantwoordelijke a posteriori van de beelden afkomstig van (tijdelijke) vaste camera’s geplaatst op niet-besloten plaatsen of op voor publiek toegankelijke besloten plaatsen. Beide types plaatsen bevinden zich op het grondgebied van Zandhoven waarvoor de gemeente Zandhoven aan de basis optreedt als initiële verwerkingsverantwoordelijke. De inzet van de camera’s en de verwerking van de beelden gebeurt conform de adviezen en besluiten van de gemeenteraad ter zake met als doeleinden: |
||
|
|
1. |
De politiecamera’s waarvoor PZ ZARA de verwerkingsverantwoordelijke is worden ingezet voor doeleinden vastgelegd in art. 14 en art. 15 van de Wet op het politieambt en in artikel 27 van de Gegevensbeschermingswet: |
|
|
|
|
a. |
Opdrachten van bestuurlijke politie |
|
|
|
b. |
Opdrachten van gerechtelijke politie |
|
|
|
c. |
Verwerkingen van persoonsgegevens met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing of de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, met inbegrip van de bescherming tegen en de voorkoming van gevaren voor de openbare veiligheid. |
|
|
2. |
De vaste en tijdelijk vaste bewakingscamera’s waarvoor de gemeente Zandhoven optreedt als verwerkingsverantwoordelijke worden ingezet voor doeleinden vastgelegd in art. 3 van de Camerawet: |
|
|
|
|
a. |
Misdrijven tegen personen of goederen voorkomen, vaststellen of opsporen |
|
|
|
b. |
Overlast in de zin van artikel 135 van de nieuwe gemeentewet voorkomen, vaststellen of opsporen, de naleving van gemeentelijke regelementen controleren of de openbare orde handhaven. |
|
|
Artikel 2: Rechtsgrond voor de verwerking van de camerabeelden |
||
|
|
De politiezone ZARA verklaart hierbij voor de doeleinden waarvoor politiecamera’s ingezet worden in orde te zijn met de toepasselijke wetgeving inzake camerabewaking en regelgeving met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens, met name:
De gemeente Zandhoven verklaart hierbij voor de doeleinden waarvoor bewakingscamera’s ingezet worden in orde te zijn met de toepasselijke wetgeving inzake camerabewaking en regelgeving met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens, met name :
|
||
|
|
Artikel 3 : Vertrouwelijkheid en integriteit |
||
|
|
De politiezone ZARA verklaart de camerabeelden waarvoor politiezone ZARA zelf de verwerkingsverantwoordelijke is en de camerabeelden die a posteriori worden verwerkt (afkomstig van camera’s waarvoor de gemeente Zandhoven de initiële verwerkingsverantwoordelijke is) vertrouwelijk en integer te behandelen en alle nodige maatregelen te nemen om de bescherming van de verwerkte persoonsgegevens en een veilige verwerking van de verwerkte persoonsgegevens te waarborgen. De gemeente Zandhoven verklaart de camerabeelden waarvoor de gemeente Zandhoven zelf de verwerkingsverantwoordelijke is vertrouwelijk en integer te behandelen en alle nodige maatregelen te nemen om de bescherming van de verwerkte persoonsgegevens en een veilige verwerking van de verwerkte persoonsgegevens te waarborgen. |
||
|
|
Artikel 4: Register, informatie en GEB/DPIA |
||
|
|
De politiezone ZARA verklaart hierbij de registervereiste, zoals voorzien door art. 25/8 van de Wet op het politieambt, na te leven. De politiezone ZARA verklaart hierbij de informatievereiste, zoals voorzien in door art. 25/2 §2 1° van de Wet op het politieambt en het KB van 22 mei 2019 tot vaststelling van de wijze waarop het gebruik van vaste en tijdelijk vaste camera’s door de politiediensten wordt aangegeven, na te leven. De politiezone ZARA verklaart hierbij een Gegevensbeschermingseffectbeoordeling (GEB/DPIA) te hebben uitgevoerd conform art. 58 en 59 van de Gegevensbeschermingswet, aangezien er voor de verwerking van persoonsgegevens nieuwe technologieën in openbaar toegankelijke ruimten worden gebruikt die, gelet op de aard, de omvang, de context en de doeleinden daarvan waarschijnlijk een hoog risico inhouden voor de rechten en vrijheden van natuurlijke personen. Daarbij verklaart de politiezone ZARA de functionaris voor gegevensbescherming te hebben geraadpleegd. De gemeente Zandhoven verklaart hierbij de registervereiste, zoals voorzien in art. 30 van de AVG en in het KB van 8 mei 2018, na te leven. De gemeente Zandhoven verklaart hierbij de informatievereiste, zoals voorzien in het KB van 28 mei 2018, na te leven. De gemeente Zandhoven verklaart hierbij een Gegevensbeschermingseffectbeoordeling (GEB/DPIA) te hebben uitgevoerd conform art. 35 van de AVG, aangezien er voor de verwerking van persoonsgegevens nieuwe technologieën in openbaar toegankelijke ruimten worden gebruikt die, gelet op de aard, de omvang, de context en de doeleinden daarvan waarschijnlijk een hoog risico inhouden voor de rechten en vrijheden van natuurlijke personen. Daarbij verklaart de gemeente Zandhoven de functionaris voor gegevensbescherming te hebben geraadpleegd. |
||
|
|
Artikel 5: Inzage verwerkte persoonsgegevens |
||
|
|
De politiezone ZARA kan in het kader van haar opdrachten en voor doeleinden vastgelegd in artikel 1 van deze samenwerkingsovereenkomst a posteriori inzage vragen in camerabeelden gemaakt door bewakingscamera’s waarvoor de gemeente Zandhoven de initiële verwerkingsverantwoordelijke is. Een aanvraag tot inzage kan gericht worden aan de ICT dienst van de gemeente Zandhoven. Contactgegevens: ICT dienst Deze aanvragen tot inzage worden gebundeld in een overzicht per werkjaar, dat ter beschikking is van de functionaris voor gegevensbescherming voor controle en audit en uiteraard ook van de bevoegde toezichthoudende autoriteit op diens verzoek. |
||
|
|
Artikel 6: Verwerking en opvraging of doorgifte van verwerkte persoonsgegevens |
||
|
|
De politiezone ZARA staat in voor de verwerking van de camerabeelden van de politiecamera’s waarvoor de politiezone ZARA de verwerkingsverantwoordelijke is. De politiezone ZARA kan toegang krijgen tot de beelden van de bewakingscamera’s van de gemeente Zandhoven mits naleven van de afspraken en de procedure vastgelegd in artikel 5 van deze samenwerkingsovereenkomst. Het vorderen van bewijsstukken is geregeld in de desbetreffende artikelen van de Wet op het politieambt en het Strafrecht. De gemeente Zandhoven staat in voor de verwerking van de beelden van de bewakingscamera’s waarvoor de gemeente Zandhoven de verwerkingsverantwoordelijke is. Wanneer de gemeente Zandhoven niet kan overgaan tot de identificatie van de verdachte, kan de gemeente Zandhoven aangifte doen bij de politiezone ZARA en daar de beelden neerleggen voor verder onderzoek. Na deze doorgifte stopt de verwerkingsverantwoordelijkheid van de gemeente Zandhoven. De politiezone ZARA werkt zelf de verwerking van persoonsgegevens verder af en heeft geen rechtsgrondslag om resultaten terug te koppelen. Na doorgifte van de persoonsgegevens worden deze immers politionele informatie en kan deze informatie niet meer gedeeld worden met derden die daar niet voor bevoegd zijn. Gemeente Zandhoven faciliteert een veilige overdracht van beelden van de bewakingscamera’s van de gemeente naar de politiezone ZARA. De beelden zullen versleuteld via een beveiligd kanaal gedeeld worden. |
||
|
|
Artikel 7: Bewaartermijn van de beelden |
||
|
|
De politiezone ZARA garandeert dat de beelden niet langer dan 30 dagen worden bewaard, behalve indien de opgenomen beelden kunnen aangewend worden om een misdrijf aan te tonen, om schade te bewijzen of om een dader, een ordeverstoorder, een getuige of een slachtoffer te identificeren. In dat geval zullen de beelden langer bewaard blijven voor zolang als nodig is voor het onderzoek en de verdere afhandeling van de processen-verbaal. De gemeente Zandhoven garandeert dat de beelden niet langer dan 30 dagen worden bewaard, tenzij deze beelden een bijdrage kunnen leveren tot het bewijzen van een misdrijf, van schade of van overlast of tot het identificeren van een dader, een verstoorder van de openbare orde, een getuige of een slachtoffer. |
||
|
|
Artikel 8: Onderhoud van de toestellen |
||
|
|
Het (ver)plaatsen en onderhouden van de politiecamera’s enerzijds gebeurt door de politiezone ZARA en van de bewakingscamera’s van gemeente Zandhoven anderzijds gebeurt door de gemeente Zandhoven. |
||
|
|
Artikel 9: Plaatsen waar de verwerking plaatsvindt |
||
|
|
De concrete locaties tot plaatsing van een (tijdelijke) vaste bewakingscamera’s van de gemeente Zandhoven worden in onderling overleg tussen de politiezone ZARA en de gemeente Zandhoven bepaald. Daarbij worden zgn. hotspots niet uit het oog verloren. Voor de tijdelijk vast (vast verplaatsbare) bewakingscamera’s houdt de gemeente een overzicht bij dat regelmatig gedeeld wordt met de politiezone ZARA zodat deze locaties intern binnen de politiezone ZARA kunnen bekend gemaakt worden. Dit kan de onderzoeken bevorderen en sneller tot resultaten leiden. Dit overzicht kan ook opgevraagd worden bij de omgevingsambtenaar (03 410 16 39, milieu@zandhoven.be). Voor de vaste politiecamera’s en de vaste bewakingscamera’s zijn de locaties gekend omwille van de verplichte registratie. De politiezone ZARA kan de locaties visualiseren via de kaartlaag in FOCUS. Deze kaartlaag wordt actueel gehouden via een achterliggende synchronisatie met het systeem dat de aanmelding van de camera’s verwerkt, nl. het unieke register voor geolocalisatie van alle vaste camera’s op het grondgebied van België. |
||
|
|
Artikel 10: Toegang tot de camerabeelden |
||
|
|
De politiezone ZARA voorziet de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat enkel personeelsleden die camerabeelden nodig hebben voor hun politieopdrachten toegang krijgen tot de camerabeelden van de politiecamera’s of a posteriori tot de beelden van de bewakingscamera’s van de gemeente Zandhoven. De maatregelen zorgen er ook voor dat de camerabeelden vertrouwelijk behandeld worden conform de bepalingen in artikel 3 van deze samenwerkingsovereenkomst. Bij overtreding kunnen sancties worden opgelegd. De gemeente Zandhoven voorziet de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat enkel personeelsleden die camerabeelden nodig hebben voor hun opdrachten toegang krijgen tot de camerabeelden van de bewakingscamera’s van de gemeente Zandhoven. De maatregelen zorgen er ook voor dat de camerabeelden vertrouwelijk behandeld worden conform de bepalingen in artikel 3 van deze samenwerkingsovereenkomst. Bij overtreding kunnen sancties worden opgelegd. |
||
|
|
Artikel 11: Procedure bij inbreuk op de beveiliging persoonsgegevens |
||
|
|
De partijen engageren zich in het licht van art. 33-34 van de AVG, van art. 30-31 van de Richtlijn Politie-Justitie, van art. 61 van de Gegevensbeschermingswet, of van andere relevante wet- of regelgeving om elkaar, via de functionaris voor de gegevensbescherming, en zonder onredelijke vertraging op de hoogte te stellen van elke inbreuk op de beveiliging van persoonsgegevens die zich voordoet betreffende de verwerkte persoonsgegevens met impact op beide partijen. In voorkomend geval wordt er onmiddellijk gezamenlijk overlegd teneinde alle maatregelen te nemen om de gevolgen van de inbreuk op de beveiliging te beperken en de beveiliging te herstellen en het meldingsregister voor inbreuken op de beveiliging van persoonsgegevens in te vullen. De partijen verschaffen elkaar alle informatie die ze nuttig of nodig achten om de beveiligingsmaatregelen te optimaliseren. |
||
|
|
Artikel 12: Meldingsplicht |
||
|
|
De partijen brengen elkaar onmiddellijk op de hoogte van wijzigingen van wetgeving, richtlijnen of andere dwingende bepalingen met impact op voorliggende samenwerkingsovereenkomst, zoals bvb. de finaliteit, proportionaliteit, frequentie, duurtijd. |
||
|
|
Artikel 13: Inwerkingtreding en opzegging |
||
|
|
Deze samenwerkingsovereenkomst treedt in werking na ondertekening door beide partijen. Iedere partij kan deze samenwerkingsovereenkomst met eenvoudige kennisgeving en zonder voorafgaande ingebrekestelling eenzijdig beëindigen indien een partij persoonsgegevens verwerkt in strijd met hetgeen bepaald is in deze samenwerkingsovereenkomst, de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), de Richtlijn Politie-Justitie of de Gegevensbeschermingswet of met andere relevante wet- of regelgeving inzake de bescherming van natuurlijke personen bij de verwerking van persoonsgegevens. Deze samenwerkingsovereenkomst eindigt van rechtswege wanneer er geen rechtsgrond meer bestaat voor de beoogde verwerkingen van persoonsgegevens of hun opvraging of hun doorgifte. |
||
Artikel 2.
De heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter van de gemeenteraad en algemeen directeur, worden gemachtigd deze samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen namens gemeente Zandhoven.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan Politiezone Zara (G. Peetersstraat 7 – 2520 Broechem) en dienst Secretariaat bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op de wet op het politieambt van 5 augustus 1992, en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 25/3 en 25/34 dat de mogelijkheid biedt aan politiediensten om vaste en tijdelijke vaste camera’s (die in voorkomend geval intelligent zijn) op zichtbare wijze te gebruiken in het kader van hun opdrachten in niet-besloten en besloten plaatsen mits voorafgaande principiële toestemming van de gemeenteraad.
Gelet op de Gegevensbeschermingswet van 30 juli 2018, en latere wijzigingen, in bijzonder artikel 27.
Gelet op de wet op het politieambt van 5 augustus 1992, en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 14, 15 en 44/11/3septies betreffende de doeleinden van verwerking van de beelden.
Gelet op zijn beslissing van 19 september 2019 betreffende de goedkeuring van het gebruik van camerabewaking op het openbaar domein.
Gelet op het schrijven van de waarnemend korpschef van 8 december 2025 betreffende deze principiële toestemming om gebruik te mogen maken van vaste, tijdelijk vaste en mobiele camera’s die al dan niet intelligent zijnen die op het grondgebied van Zandhoven in gebruik of in gebruik zullen worden genomen.
Overwegende dat het gaat over volgende types van camera’s en doeleinden van verwerking:
Overwegende dat Politiezone Zara een gegevensbeschermingseffectbeoordeling op het vlak van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en op operationeel niveau uitvoerde voor de verwerking van gegevens waarvoor de Lokale Politie Zara de verwerkingsverantwoordelijke is.
Gelet op zijn beslissing van heden betreffende de samenwerkingsovereenkomst camerabewaking: verantwoordelijkheden inzake gegevensbescherming ( tijdelijke) vaste camera’s op het grondgebied van Zandhoven.
Overwegende dat het wenselijk is deze toestemming minstens 1 keer per legislatuur te evalueren en indien nodig aan te passen.
Gelet op het positief advies van de DPO van gemeente Zandhoven op 5 januari 2026.
Gelet op het voorstel van het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 1.
De gemeenteraad geeft zijn principiële toestemming voor het gebruik van vaste, tijdelijk vaste en mobiele camera’s op het grondgebied van Zandhoven aan Lokale Politie Zara.
Artikel 2.
Deze toestemming loopt tot het einde van de legislatuur.
Artikel 3.
De beslissing van de gemeenteraad van 19 september 2019 wordt ingetrokken.
Artikel 4.
Een afschrift van deze beslissing zal aan Politiezone Zara (G. Peetersstraat 7 – 2520 Ranst) en de dienst Secretariaat bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op de wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera’s, en latere wijzigingen.
Gelet op de verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG.
Gelet op de wet van 30 juli 2018, en latere wijzigingen, betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens (de Kaderwet).
Gelet op het koninklijk besluit van 8 mei 2018 betreffende de aangiften van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera’s en betreffende het register van de beeldverwerkingsactiviteiten van bewakingscamera’s.
Gelet op het koninklijk besluit van 28 mei 2018 tot wijziging van het koninklijk besluit van 10 februari 2008 tot vaststelling van de wijze waarop wordt aangegeven dat er camerabewaking plaatsvindt.
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op het Bestuursdecreet van 7 december 2018, en latere wijziging.
Overwegende dat het de bevoegdheid van de gemeenteraad is om toestemming te geven voor het gebruik van camera’s op het openbaar domein.
Overwegende dat de gemeente Zandhoven gebruik wenst te maken van een tijdelijk vaste camera om op een aantal openbare plaatsen camerabewaking te plaatsen;- dat de camera's zullen ingezet worden op de plaatsen waar de gemeente Zandhoven geconfronteerd wordt met overlast, vandalisme en sluikstort;- dat het cameratoezicht een antwoord kan bieden op deze criminaliteit en overlastvormen;- dat de prioritaire doelstelling van het cameratoezicht is om misdrijven en overlast te voorkomen, vast te stellen of op te sporen.
Overwegende dat de gemeente Zandhoven gebruik wenst te maken van camerabewaking voor toezicht in en rond Den Blijk;- dat de camera's zullen ingezet worden om overlast, vandalisme en sluikstort tegen te gaan;- dat het cameratoezicht een antwoord kan bieden op deze criminaliteit en overlastvormen;- dat de prioritaire doelstelling van het cameratoezicht is om misdrijven en overlast te voorkomen, vast te stellen of op te sporen.
Gelet op het advies van de korpschef van 9 juni 2025 als antwoord op de adviesvraag van 5 mei 2025 betreffende het inzetten van tijdelijk vaste camera’s voor het voorkomen of vaststellen van overlast, vandalisme en sluikstort.
Gelet op het advies van de korpschef van 3 februari 2026 betreffende plaatsing van vaste bewakingscamera’s op niet-besloten en voor publiek toegankelijke besloten plaatsen op het grondgebied van Zandhoven.
Overwegende dat het camerasysteem secundair uiteraard alle beelden vastlegt van wat in de openbare camerazone gebeurt;- dat de beelden verwerkt kunnen worden tot bewijsmateriaal en 31 dagen bewaard worden, behalve als ze relevant zijn voor een onderzoek of vervolging;- dat de beelden dus slechts gedurende 1 maand opvraagbaar zijn;- dat enkel de medewerker die aangesteld is door de gemeente Zandhoven, die verantwoordelijk is voor de verwerking, de beelden mag bekijken;- dat het gemeentelijk cameratoezicht in regel is met de voorschriften van de camerawet en privacywet ingevolge zijn beslissing van 23 oktober 2025 waarbij het “Reglement cameratoezicht op openbaar domein”, werd goedgekeurd.
Gelet op het voorstel van het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 1.
De gemeenteraad geeft zijn toestemming voor het gebruik van camerabewaking aan Den Blijk en tijdelijk vaste bewakingscamera’s op het grondgebied van Zandhoven.
Artikel 2.
Een afschrift van deze beslissing zal aan Politiezone Zara (G. Peetersstraat 7 – 2520 Broechem) en dienst Secretariaat bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid, en latere wijzigingen.
Gelet op de Nieuwe Gemeentewet van 24 juni 1988, en latere wijzigingen in het bijzonder artikel 135 §2 inzake openbare orde, veiligheid en rust.
Gelet op het koninklijk besluit van 15 maart 2010 tot regeling van bepaalde methodes van bewaking.
Gelet op het ministerieel besluit van 10 november 2017 tot vaststelling van de wijze van aanduiding van het begin en het einde van een zone op de openbare weg onder toezicht, van de mogelijkheid van uitgangscontrole bij het verlaten van een winkelruimte en van de uitoefening van situationele bevoegdheden, tot uitvoering van de wet tot regeling van de private en bijzondere veiligheid.
Overwegende dat Pulderbos kermis een jaarlijks wederkerend evenement is dat grotendeels plaatsvindt op het openbaar domein;- dat het een groot aantal bezoekers aantrekt, die zich zowel begeven in de evenementzone als op en tussen de terrassen van de nabij gelegen horecazaken.
Overwegende dat telkens een professionele firma ingeschakeld wordt om bewakingstaken uit te voeren;- dat zij echter niet mogen optreden op de openbare weg en de kermiszone, maar enkel in de tent zelf;- dat de overlast zich helaas niet beperkt tot de tent, maar ook in de omgeving daarrond.
Overwegende dat het in het kader van de openbare orde en veiligheid aangewezen lijkt om toezicht en toegangscontrole te organiseren binnen een afgebakende zone zodat de security ook daar hun opdracht kunnen uitoefenen en dit op vraag van de organisatie en de horecazaken;- dat de afgebakende zones opgenomen zijn in bijgevoegd plan.
Artikel 1.
Volgende zones op het openbaar domein worden afgebakend waar private bewaking is toegestaan:
Zone 1: Horecazone
Zone 2: Kermiszone
Artikel 2.
De gemeenteraad verleent zijn goedkeuring aan de private bewaking die operationeel is tijdens het evenement Pulderbos Kermis, op zondag, maandag en woensdag telkens tussen 11.00 uur en 03.30 uur.
Artikel 3.
De afgebakende zones worden aangeduid aan de toegangen, conform de geldende regelgeving inzake private bewaking op de openbare weg.
Artikel 4.
Een afschrift van deze beslissing zal aan Politiezone ZARA (G. Peetersstraat 7 – 2520 Broechem) en de dienst Evenementen bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 249, 250, 251, 252, 260 en 262, en latere wijzigingen.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 betreffende de beleids- en beheercyclus van de lokale besturen, in het bijzonder artikel 30 tot en met artikel 45, en latere wijzigingen.
Overwegende dat de dienst Financiën instaat voor de opmaak van het ontwerp van jaarrekening 2025 met inbegrip van de wettelijke rapporten, met name de beleidsevaluatie, de financiële nota en de toelichting;- dat de verschillende diensten instaan voor de inhoudelijke rapportering over het gevoerde beleid.
Overwegende dat met ingang van BBC2020 de jaarrekening over het jaar 2025 een geïntegreerde jaarrekening van de gemeente en het OCMW zal zijn;- dat de volgende procedure bij de vaststelling van de geïntegreerde jaarrekening van toepassing zal zijn. Eerst gaat de OCMW-raad over tot de vaststelling van de jaarrekening 2025, deel OCMW. Vervolgens gaat de gemeenteraad over tot de vaststelling van de jaarrekening 2025, deel gemeente om aansluitend de jaarrekening 2025, deel OCMW goed te keuren.
Overwegende dat vanaf BBC2020 de gemeente en het OCMW geïntegreerde beleidsrapporten opmaken;- dat het in die context geen zin heeft om nog een gemeentelijke bijdrage aan het OCMW te berekenen en weer te geven in de beleidsrapporten;- dat de PDF-schema's ook geen boekingen mogen bevatten voor de onderlinge transacties tussen de gemeente en het OCMW.
Artikel 1.
De gemeenteraad stelt de jaarrekening 2025 - deel gemeente - vast met volgende cijfers:
Artikel 2.
Volgende documenten zijn als bijlagen toegevoegd en maken integraal deel uit van dit besluit:
Artikel 3.
De gemeenteraad keurt de jaarrekening 2025 deel OCMW goed met volgende cijfers:
Artikel 4.
De jaarrekening 2025 en bijhorende bijlagen zullen worden overgemaakt aan de toezichthoudende overheid conform de voorgeschreven informatiekanalen.
Artikel 5.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst secretariaat en de dienst Financiën bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op de bepalingen van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikels 231 tot 244, en latere wijzigingen, die betrekking hebben op het autonoom gemeentebedrijf.
Gelet op artikel 243, §1, van het decreet Lokaal Bestuur, waarin bepaald wordt dat de raad van bestuur in de loop van het eerste semester na het financiële boekjaar waarop de rekening betrekking heeft, zich uitspreekt over de vaststelling van de jaarrekening.
Gelet op de beslissing van de raad van bestuur van het AGB Zandhoven van 2 juni 2026, waarbij de jaarrekening van 2025 van het autonoom gemeentebedrijf Zandhoven werd vastgesteld.
Overwegende dat de gemeenteraad een advies verleent aan de hand van het verslag van de commissaris-bedrijfsrevisor.
Gelet op het verslag van de commissaris-bedrijfsrevisor m.b.t. de jaarrekening 2025 van het AGB Zandhoven, opgemaakt door de heer Marc Maris (Luikersteenweg 232/4 - 3500 Hasselt).
Gelet op de overwegingen die geleid hebben tot het treffen van de hogervermelde beslissing van de raad van bestuur.
Overwegende dat niets zich lijkt te verzetten tegen het gunstig advies van de door de raad van bestuur vastgestelde jaarrekening 2025.
Artikel 1.
De jaarrekening 2025 van autonoom gemeentebedrijf Zandhoven, vastgesteld door de raad van bestuur van het AGB Zandhoven op 2 juni 2026, wordt gunstig geadviseerd.
Artikel 2.
Akte te nemen van het verslag van de commissaris aan de gemeenteraad van de gemeente Zandhoven inzake autonoom gemeentebedrijf Zandhoven over de jaarrekening van het boekjaar afgesloten op 31 december 2025, opgemaakt door Callens, Vandelanotte & Theunissen bedrijfsrevisoren, vertegenwoordigd door de heer Marc Maris (Luikersteenweg 232/4 - 3500 Hasselt).
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de toezichthoudende overheid en de dienst Secretariaat bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op zijn beslissing van 8 september 2011 waarbij de oprichting en de statuten van het autonoom gemeentebedrijf Zandhoven, afgekort AGB Zandhoven, werden goedgekeurd, en latere wijzigingen.
Gelet op de beslissing van de “Algemene Administratie van de Fiscaliteit – Operationele Expertise en Ondersteuning, Dienst BTW, Belasting over de toegevoerde waarde”, nr. E.T.129.288 van 19 januari 2016, waarin de fiscus het standpunt inneemt dat vanaf 2016 enkel met prijssubsidies kan worden gewerkt in het kader van het winstoogmerk van het AGB.
Overwegende dat het aangewezen is om een renteloze lening van 5.030,38 euro toe te kennen aan het AGB van Zandhoven ter financiering van de investeringen gedaan in de loop van 2025.
Gelet op de beheersovereenkomst tussen de gemeente en het AGB Zandhoven, zoals goedgekeurd in de gemeenteraadszitting van 21 juni 2012, en aanpassingen in zittingen van 19 december 2013, 19 september 2019 en 18 juni 2020, in het bijzonder artikel 8, derde alinea.
Gelet op zijn beslissing van 26 juni 2025 waarbij de verlenging van de beheersovereenkomst tussen gemeente Zandhoven en AGB Zandhoven werd goedgekeurd en dit voor onbepaalde duur.
Overwegende dat de centrale diensten van de BTW-administratie bij “Voorafgaande beslissing nr. 2010.047 van 30.03.2010” bevestigen dat het renteloze karakter van een lening die wordt verstrekt door een gemeente aan een AGB niet wordt aangemerkt als een verkregen abnormaal of goedgunstig voordeel in hoofde van het AGB.
Gelet op het ontwerp van leningsovereenkomst.
Gelet op de goedkeuring van de renteloze lening door de raad van bestuur van het AGB van Zandhoven op 2 juni 2026.
Overwegende dat met de inhoud van hogervermeld leningsovereenkomst kan akkoord gegaan worden en dat niets zich lijkt te verzetten tegen het afsluiten van deze overeenkomst.
Overwegende dat er afgevaardigden dienen aangesteld te worden die gerechtigd zullen zijn de gemeente Zandhoven te vertegenwoordigen en namens de gemeente rechtsgeldig te handelen bij het verlijden van de overeenkomst.
Artikel1.
De gemeenteraad keurt hierna volgende leningsovereenkomst goed:
| LENINGSOVEREENKOMST |
|||||||
|
|
Tussen de ondergetekende: |
||||||
|
|
1. |
Het gemeentebestuur van Zandhoven, vertegenwoordigd door de heer Hans Soetemans, voorzitter van de gemeenteraad en mevrouw Annick Smeets, algemeen directeur, met zetel te 2240 Zandhoven, Liersebaan 12, hierna genoemd ‘Uitlener’, enerzijds |
|||||
|
|
en |
|
|
|
|||
|
|
2. |
Het autonoom gemeentebedrijf Zandhoven, afgekort ‘AGB Zandhoven’, vertegenwoordigd door de heer Rudy Willems, voorzitter van de raad van bestuur en de heer Hans Soetemans, lid van de raad van bestuur, met zetel te 2240 Zandhoven, Liersebaan 12 en ondernemingsnummer 0847.208.490. hierna genoemd ‘Lener’, anderzijds, |
|||||
|
|
hierna samen genoemd ‘de partijen’ wordt een leningsovereenkomst gesloten met volgende voorwaarden: |
||||||
|
|
Artikel. 1. – Voorwerp De Uitlener verleent een lening aan de Lener, die de lening aanvaardt, gelijk aan de hoofdsom, met de duurtijd en volgens de regeling en de voorwaarden, zoals die hierna worden bepaald. |
||||||
|
|
Artikel 2. – Hoofdsom De Lener erkent aan de Uitlener de som van 5.030,38 euro verschuldigd te zijn. |
||||||
|
|
Artikel 3. – Doel van de lening De lening zal uitsluitend worden aangewend voor de financiering van de investeringen van het AGB Zandhoven in de loop van 2025. Elke aanwending van het ontleende bedrag in strijd met deze overeenkomst heeft van rechtswege de onmiddellijke opeisbaarheid van het openstaande bedrag voor gevolg. |
||||||
|
|
Artikel 4. – Duurtijd Deze lening is toegestaan voor een termijn tot 31 december 2035. Tussen partijen is uitdrukkelijk overeengekomen dat al de bepalingen van de huidige overeenkomst na de vervaltijd van toepassing zullen blijven ingeval de terugbetaling, om het even welke reden, niet op de vastgestelde datum zou geschieden, en dit zonder alsdan afbreuk te doen aan de eisbaarheid. |
||||||
|
|
Artikel 5. - Vaststelling renteloosheid Er is door de Lener geen enkele rente verschuldigd gedurende de volledige periode dat de lening loopt. |
||||||
|
|
Artikel 6. – Terugbetaling De Lener verbindt zich er toe om het ontleende bedrag als volgt terug te betalen: |
||||||
|
|
|
Aflossingstabel |
|
||||
|
|
|
Boekjaar 2025 |
|
||||
|
|
|
Totaal bedrag van de lening: 5.030,38 |
|
||||
|
|
|
Looptijd: 10 jaar |
|
||||
|
|
|
Nummer |
Jaar |
Aflossing |
Intrest |
Openstaand saldo |
|
|
|
|
|
|
|
|
€ 5.030,38 |
|
|
|
|
1 |
2025 |
€ 178,52 |
|
€ 4.851,86 |
|
|
|
|
2 |
2026 |
€ 862,29 |
|
€ 3.989,57 |
|
|
|
|
3 |
2027 |
€ 862,29 |
|
€ 3.127,28 |
|
|
|
|
4 |
2028 |
€ 862,29 |
|
€ 2.264,99 |
|
|
|
|
5 |
2029 |
€ 862,29 |
|
€ 1.402,70 |
|
|
|
|
6 |
2030 |
€ 776,74 |
|
€ 625,96 |
|
|
|
|
7 |
2031 |
€ 143,79 |
|
€ 482,18 |
|
|
|
|
8 |
2032 |
€ 143,79 |
|
€ 338,39 |
|
|
|
|
9 |
2033 |
€ 143,79 |
|
€ 194,60 |
|
|
|
|
10 |
2034 |
€ 143,79 |
|
€ 50,82 |
|
|
|
|
11 |
2035 |
€ 50,82 |
|
€ 0,00 |
|
|
|
De terugbetaling gebeurt in eerste instantie door middel van schuldvergelijking met de prijssubsidies die door de Uitlener aan de Lener verschuldigd zijn. De Lener machtigt de Uitlener om het passende bedrag op de prijssubsidies in te houden en te boeken als schuld aan de Lener. Deze inhoudingen worden gelijk gespreid over de vier kwartalen (behoudens akkoord van het directiecomité met een afwijking op de gelijke spreiding over de kwartalen). Indien de prijssubsidies, die door de Uitlener aan de Lener worden toegekend, niet volstaan om de terugbetalingen te voldoen, is het saldo op de vervaldag betaalbaar op rekening BE72 0910 0012 4816 van de Uitlener. |
||||||
|
|
Artikel 7. - Boete bij te late terugbetaling Over te laat terugbetaalde bedragen is door de Lener bij wijze van boete rente verschuldigd tegen het op dat ogenblik geldende Euribor rentepercentage (minimaal 0,00%), verhoogd met 100 basispunten, en zulks ten belope van het aantal maanden laattijdigheid waarbij iedere begonnen maand als een volledige maand zal worden aangerekend. De Uitlener is bevoegd onmiddellijke betaling daarvan te verlangen. Ingeval van niet betaling binnen de vijftien (15) dagen na aanmaning bij ter post aangetekende brief wordt het volledige bedrag der lening onmiddellijk opeisbaar en zal het gehele nog verschuldigde bedrag vermeerderd worden met de rente zoals in vorige alinea berekend. |
||||||
|
|
Artikel 8. – Opeisbaarheid Alle uit hoofde van de lening verschuldigde bedragen kunnen met onmiddellijke ingang worden opgeëist, en de lening geldt bij opeising als opgezegd indien:
Bij niet-naleving door de Lener van haar verplichting(en) heeft de Uitlener het recht onverminderd alle persoonlijk vorderingen en dwangmaatregelen in het algemeen verhaal uit te oefenen op al de goederen van de Lener zowel roerende als onroerende. Alle kosten van beslag, inbegrepen van bewarend beslag, zijn ten laste van de Lener. |
||||||
|
|
Artikel 9. - Wijzigingen Deze leningsovereenkomst bevat de integrale overeenkomst tussen de Uitlener en de Lener en vervangt alle andere mondelinge - of schriftelijke overeenkomsten tussen de Partijen. Deze overeenkomst kan enkel schriftelijk en via uitdrukkelijk akkoord tussen de Partijen worden gewijzigd. |
||||||
|
|
Artikel 10. - Niet-overdraagbaarheid Behoudens in gevallen, vermeld in onderhavige overeenkomst, kan deze overeenkomst, noch enige rechten daarin, geheel of gedeeltelijk worden overgedragen aan derde partijen. |
||||||
|
|
Artikel 11. - Toepasselijk recht Deze Leningsovereenkomst renteloze lening is onderworpen aan het Belgisch recht. Enkel de hoven en rechtbanken van de woonplaats van de Uitlener zijn bevoegd. |
||||||
|
|
Artikel 12. – Splitsbaarheid De nietigheid van één der artikelen van deze overeenkomst of een deel daarvan, tast de geldigheid van de overige bepalingen van deze overeenkomst niet aan, noch van de overeenkomst in haar geheel. Hun afdwingbaarheid blijft onverminderd tot wat wettelijk toegelaten is. Ingeval van ongeldigheid of onafdwingbaarheid van enige bepaling van de overeenkomst zullen partijen ter goeder trouw onderhandelen teneinde deze te vervangen door een bepaling die zoveel mogelijk hetzelfde effect teweegbrengt als de ongeldige of onafdwingbare bepaling. Evenzo zullen partijen te goeder trouw onderhandelen teneinde een voor iedere partij aanvaardbare oplossing te vinden indien zich een situatie voordoet, die niet voorzien is in de overeenkomst. |
||||||
Artikel 2.
De heer Hans Soetemans, voorzitter van de gemeenteraad en mevrouw Annick Smeets, algemeen directeur, worden afgevaardigd om de gemeente Zandhoven te vertegenwoordigen bij ondertekening van de in artikel 1 bedoelde overeenkomst om namens de gemeente Zandhoven rechtsgeldig te handelen.
Artikel 3.
Een afschrift van deze beslissing zal aan AGB Zandhoven, aan de dienst Secretariaat en aan de dienst Financiën bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet van 3 mei 2019 betreffende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten (decreet BOA).
Overwegende dat dit decreet de verantwoordelijkheid voor de organisatie van de buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten bij het lokaal bestuur legt;- dat het lokaal bestuur in zijn regierol de opdracht krijgt om
Gelet op het wijzigingsdecreet BOA van 21 november 2025, met volgende belangrijkste wijzigingen:
Gelet op het wijzigingsbesluit buitenschoolse opvang en activiteiten van de Vlaamse regering van 23 januari 2026.
Overwegende dat lokaal bestuur Zandhoven streeft naar een toegankelijk, gevarieerd en betaalbaar aanbod voor alle kinderen van 2,5 tot 12 jaar, zoals ook opgenomen in het meerjarenplan 2026-2031. Dit beleid heeft als doel
Overwegende dat lokaal bestuur Zandhoven hiervoor vanaf 1 september 2026 subsidies van de Vlaamse overheid ontvangt en verantwoordelijk is voor de verdeling, besteding en opvolging van deze subsidie via een lokaal erkennings- en handhavingskader.
Overwegende dat Vlaanderen via het decreet BOA verwacht dat elk lokaal bestuur een lokaal erkenningskader opmaakt waarin kwaliteitsvoorwaarden voor aanbieders van BOA-aanbod is opgenomen;- dat dit erkenningskader is opgebouwd op basis van volgende kernprincipes: organisatorisch beleid, pedagogisch beleid, medewerkersbeleid, toegankelijkheid, monitoring en evaluatie en verbondenheid;- dat aan het erkenningskader ook een handhavingskader gekoppeld is, waarin wordt opgenomen hoe het erkende aanbod opgevolgd en geëvalueerd wordt, hoe het toezicht gebeurt en wordt opgevolgd, welke handhavingsmaatregelen kunnen worden genomen.
Overwegende dat het lokaal erkenningskader de basis is voor de toekenning van de BOA-subsidies;- dat een erkenning op basis van dit kader een voorwaarde is om in aanmerking te komen voor BOA-subsidies.
Gelet op het voorliggende lokaal erkennings- en handhavingskader BOA Zandhoven dat het lokaal beleidskader vormt voor de Buitenschoolse Opvang en Activiteiten (BOA) in gemeente Zandhoven, waarin de missie en visie, de erkenningsvoorwaarden, de aanvraag-, toezicht- en handhavingsprocedures worden vastgelegd.
Overwegende dat het lokaal erkennings- en handhavingskader BOA Zandhoven zich uitsluitend richt op organisatoren van buitenschoolse kinderopvang (voor- en naschools én tijdens de schoolvrije dagen en -vakanties);- dat voor buitenschoolse vrijetijdsactiviteiten, zoals vakantiekampen, jeugdwerk, sport- en cultuuraanbod en speelpleinwerking - voor zover zij nog niet erkend zijn - een afzonderlijk kader wordt uitgewerkt.
Gelet op het positief advies van het Lokaal Samenwerkingsverband BOA van dinsdag 26 mei 2026 over het lokaal erkennings- en handhavingskader BOA Zandhoven.
Overwegende dat het lokaal erkennings- en handhavingskader BOA Zandhoven periodiek zal geëvalueerd worden in samenwerking met het Lokaal Samenwerkingsverband BOA.
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te verlenen aan navolgende lokaal erkennings- en handhavingskader BOA Zandhoven:
| Lokaal erkennings- en handhavingskader |
|||||
|
|
MISSIE EN VISIE BOA |
||||
|
|
|
Missie |
|||
|
|
|
Lokaal bestuur Zandhoven heeft de regierol voor de implementatie van het BOA-decreet en streeft naar een toegankelijk, gevarieerd en betaalbaar aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten voor alle kinderen van 2,5 tot 12 jaar.
Het lokaal samenwerkingsverband BOA is de adviserende partner van het lokaal bestuur rond het thema buitenschoolse opvang en activiteiten. Het is daarnaast ook aan het lokaal samenwerkingsverband om eventuele acties op te zetten rond dit thema en ervoor te zorgen dat het Nederlands gestimuleerd wordt in de buitenschoolse opvang en activiteiten in Zandhoven. |
|||
|
|
|
Visie |
|||
|
|
|
Het lokaal bestuur van Zandhoven als regisseur wil dit realiseren door:
|
|||
|
|
DOELSTELLING LOKAAL ERKENNINGS- EN HANDHAVINGSKADER |
||||
|
|
|
Het lokaal bestuur neemt de regierol op zich om samen met lokale spelers een kwaliteitsvol aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten te ontwikkelen en is verantwoordelijk voor de erkenning, toezicht en handhaving van opvanginitiatieven binnen een Vlaams kwaliteitskader, vastgelegd via het decreet BOA. Het erkenningskader heeft als doel een kwaliteitsvol aanbod buitenschoolse opvang en activiteiten te voorzien voor elk kind in de gemeente. Het sluit aan bij de doelstellingen van het decreet houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten. De erkenningsvoorwaarden bepalen de kwaliteitsverwachtingen waaraan de organisator en het aanbod moet voldoen. Het erkenningskader wordt opgesteld in overleg met het lokaal samenwerkingsverband BOA. Het is van toepassing vanaf 1 september 2026. Onder het toepassingsgebied van het erkenningskader vallen opvanginitiatieven die actief zijn op het grondgebied van Zandhoven. Het betreft initiatieven die voor- en naschoolse opvang aanbieden alsook opvang tijdens vakantie- en schoolvrije dagen aan schoolgaande kinderen tot en met het zesde leerjaar. Dit kader richt zich uitsluitend op organisatoren van buitenschoolse opvang (voor- en naschools én tijdens de schoolvrije dagen en -vakanties). Voor buitenschoolse vrijetijdsactiviteiten, zoals vakantiekampen, jeugdwerk, sport- en cultuuraanbod en speelpleinwerking, wordt - voor zover zij nog niet erkend zijn - een afzonderlijk kader uitgewerkt. Erkenning is een voorwaarde voor subsidiëring of financiële ondersteuning door het lokaal bestuur en garandeert de kwaliteit, toegankelijkheid en veiligheid van de opvang binnen onze gemeente. Het houdt echter geen automatisch recht op subsidie of financiële ondersteuning in. Om de uniciteit en het DNA van het vrijetijdsaanbod te bewaren in het BOA-landschap besliste de Vlaamse regering dat de BOA-erkenning complementair is aan bestaande erkenningen van andere instanties (jeugd, sport, cultuur). Erkende organisaties (zowel lokaal als bovenlokaal) moeten dus niet opnieuw erkend worden om in aanmerking te komen voor BOA-subsidies. Bij de opmaak van het lokaal erkenningskader werd de structuur gevolgd van de 6 dragers van het Europees kwaliteitskader nl:
|
|||
|
|
ERKENNINGSVOORWAARDEN |
||||
|
|
|
Onderstaand de erkenningsvoorwaarden voor buitenschoolse kinderopvang in gemeente Zandhoven. Dit gaat om de buitenschoolse kinderopvang die op een centrale locatie wordt georganiseerd voor- en naschools alsook tijdens vakantie- en schoolvrije dagen voor kinderen tussen 2,5 en 12 jaar oud. |
|||
|
|
|
|
Kerngebied 1: Organisatorisch beleid |
||
|
|
|
|
|
||
|
|
|
|
Kerngebied 2: Pedagogisch beleid |
||
|
|
|
|
|
||
|
|
|
|
Kerngebied 3: Medewerkersbeleid |
||
|
|
|
|
|
||
|
|
|
|
Kerngebied 4: Toegankelijkheid |
||
|
|
|
|
|
||
|
|
|
|
Kerngebied 5: Monitoring en evaluatie |
||
|
|
|
|
|
||
|
|
|
|
Kerngebied 6: Verbondenheid |
||
|
|
|
|
|
||
|
|
|
|
Bijlagen toe te voegen of beschikbaar bij opvraging: |
||
|
|
|
|
|
In bijlage toe-voegen |
Beschik- baar bij opvraging |
|
|
|
|
1. Organisatorisch beleid |
|
|
|
|
|
|
Beleidsvoerend vermogen |
x |
|
|
|
|
|
Huishoudelijk reglement met missie, visie en doelstellingen, toegangs- en inschrijvingsbeleid met extra aandacht voor kleuters, kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke zorgbehoefte, prijsbeleid. |
x |
|
|
|
|
|
Organisatiestructuur met contactgegevens, functieomschrijvingen, taakverdelingen en verantwoordelijkheden. |
x |
|
|
|
|
|
Verzekeringspolis burgerlijke aansprakelijkheid. |
x |
|
|
|
|
|
Procedures grensoverschrijdend gedrag, ongeval of ernstig incident, crisis, evacuatie en vermist kind. |
|
x |
|
|
|
|
2. Pedagogisch beleid |
|
|
|
|
|
|
Pedagogisch beleid met extra aandacht voor kindbeeld, participatie en opvolging van het kind, pedagogische doelen, stimulatie van het Nederlands, inclusie en de visie op spel, ontspanning en sociale interacties. |
x |
|
|
|
|
|
3. Medewerkersbeleid |
|
|
|
|
|
|
Registratiedocument strafregister model 596-2 van elke begeleider. |
x |
|
|
|
|
|
Lijst anderstalige medewerkers en indien beschikbaar een taalattest (minsten 2.4/B1). |
x |
|
|
|
|
|
Uittreksel uit het centraal strafregister op naam van de rechtspersoon. |
x |
|
|
|
|
|
Overzicht van de vormingen die gevolgd zijn door medewerkers. |
|
x |
|
|
|
|
Competentie en/of scholingsoverzicht van de medewerkers. |
|
x |
|
|
ERKENNINGSPROCEDURE |
||||
|
|
Het lokaal bestuur van Zandhoven voorziet in een transparante procedure voor de aanvraag van erkenningen voor organisatoren van buitenschoolse opvang. Deze procedure is van toepassing op alle erkenningsaanvragen binnen het kader van het BOA-decreet. |
||||
|
|
|
Aanvraagprocedure voor lokale BOA-erkenning |
|||
|
|
|
De organisator vraagt de erkenning aan via het voorziene aanvraagformulier op de website van het lokaal bestuur Zandhoven. Het aanvraagformulier vermeldt de bewijsstukken die de organisator bij de erkenningsaanvraag dient te bezorgen of ter beschikking dient te houden. Het lokaal bestuur beoordeelt de ontvankelijkheid van de aanvraag. Wanneer het aanvraagformulier onvolledig is ingevuld of wanneer de gevraagde bewijsstukken ontbreken, wordt de aanvraag onontvankelijk verklaard. Het lokaal bestuur informeert de aanvrager hierover uiterlijk binnen 30 dagen na ontvangst van het formulier. De organisator heeft na de feedback van het lokaal bestuur 14 dagen de tijd om een volledig aanvraagdossier opnieuw in te dienen. |
|||
|
|
|
Beslissing erkenningsaanvraag |
|||
|
|
|
Het lokaal bestuur beoordeelt op basis van de inhoud van de aanvraag en de ingediende bewijsstukken of de aanvrager voldoet aan de erkenningsvoorwaarden. Het college van burgemeester en schepenen beslist binnen 60 dagen na ontvangst van de ontvankelijke aanvraag over de erkenning. De aanvrager wordt schriftelijk geïnformeerd binnen de 14 dagen na het nemen van de beslissing. Wanneer het lokaal bestuur de erkenningsaanvraag afkeurt, wordt deze beslissing duidelijk gemotiveerd. Het lokaal bestuur informeert het Lokaal samenwerkingsverband BOA over de genomen erkenningsbeslissing(en). |
|||
|
|
|
Geldigheid en opvolging van de erkenning |
|||
|
|
|
De erkenning is geldig tot het einde van de legislatuur + 1 jaar (tem. 2031), mits de organisator blijft voldoen aan de erkenningsvoorwaarden en jaarlijks een opvolgrapportage indient. Elke significante wijziging in de werking moet onmiddellijk worden gemeld aan het lokaal bestuur. Indien nodig wordt een herbeoordeling van de erkenning opgestart. |
|||
|
|
|
Contactpersoon |
|||
|
|
|
Voor vragen over deze erkenningsaanvraag kan u terecht bij jeugd@zandhoven.be. |
|||
|
|
TOEZICHT EN HANDHAVING |
||||
|
|
Het lokaal bestuur van Zandhoven houdt toezicht op de organisator of de erkenningsvoorwaarden nageleefd worden. Het toezicht heeft als doel dat de kwaliteit van het BOA-aanbod opgevolgd wordt. Conform het BOA-decreet voert het bestuur een systematisch, proportioneel en transparant toezicht op de werking van een erkende organisator. Het lokaal bestuur behoudt zich het recht voor om op elk moment administratieve controles of plaats bezoeken uit te voeren. Organisatoren verbinden zich tot volledige medewerking. |
||||
|
|
|
Jaarlijks verslag |
|||
|
|
|
Organisatoren dienen jaarlijks voor 1 mei een inhoudelijk en financieel verslag in waarin ze de besteding van de subsidie verantwoorden. In het inhoudelijk verslag rapporteert de organisator minimaal over de algemene werking, de dienstverlening (bezettingscijfers, vakantiewerking, werkingskosten, inhoudelijke invulling), facturatie aan gezinnen, personeel. Het financieel verslag bevat een overzicht van de kosten en opbrengsten, inclusief eventuele andere ontvangen steun/inkomsten, om een transparante toekenning van middelen mogelijk te maken. Dit verslag wordt besproken binnen de stuurgroep en nadien binnen de 30 dagen voor beoordeling voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen. De organisator heeft 14 dagen tijd om opmerkingen bij de beoordeling van het verslag te bezorgen. Daarna wordt de beoordeling van het verslag definitief. Het college van burgemeester en schepenen kan op basis van alle informatie die beschikbaar is beslissen om bijkomende toezicht uit te oefenen aan de hand van:
|
|||
|
|
|
Jaarlijks overleg |
|||
|
|
|
Jaarlijks wordt een financieel en inhoudelijk overleg georganiseerd tussen het lokaal bestuur en de erkende organisator(en) (stuurgroep) met als doel:
Het overleg vindt plaats uiterlijk in het najaar voorafgaand aan het begrotingsjaar, zodat het lokaal bestuur tijdig kan anticiperen op de financiële impact. |
|||
|
|
|
Klachtenbehandeling |
|||
|
|
|
Lokaal bestuur Zandhoven is verantwoordelijk voor het opvolgen, documenteren en behandelen van klachten met betrekking tot het aanbod en/of de erkende organisator buitenschoolse opvang en activiteiten. Klachten kunnen ingediend worden via het klachtenformulier op de website van de gemeente. De klacht wordt dan mee opgenomen in het klachtenregister van het lokaal bestuur. De procedure wordt toegelicht op de website van Lokaal bestuur Zandhoven. Ingediende klachten bij het lokaal bestuur worden behandeld door de bevoegde gemeentelijke dienst en kunnen aanleiding geven tot bijkomend onderzoek of de opstart van een sanctie procedure. |
|||
|
|
|
Handhaving: sancties bij niet-naleving |
|||
|
|
|
Het lokaal bestuur is in de regierol BOA verantwoordelijk om op te treden als de organisator buitenschoolse opvang en/of activiteiten niet voldoet aan de erkenningsvoorwaarden of wanneer de veiligheid van kinderen en de kwaliteit van het aanbod in het gedrang komen. Als dit het geval is kan het college van burgemeester en schepenen beslissen om te handhaven door via een verbeterplan met verbeteracties op te leggen om tekorten weg te werken. Dit kan via een plan van aanpak met duidelijke doelen, acties, verantwoordelijkheden en timing voor de uitvoering van de verbeteracties. Deze verbeteracties worden door de bevoegde gemeentelijke dienst opgevolgd. Als een organisator bij opvolging van de verbeteracties nog niet voldoet aan de erkenningsvoorwaarden of de veiligheid van de kinderen en de kwaliteit van het aanbod in het gedrang komt, wordt volgende procedure gevolgd:
|
|||
|
|
|
Bewaken van de neutraliteit |
|||
|
|
|
Het is aan het lokaal bestuur en het lokaal samenwerkingsverband BOA om de neutraliteit van het lokaal bestuur te bewaken. Dit door:
|
|||
Artikel 2.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Mens & Welzijn en aan de dienst Jeugd bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet van 3 mei 2019 betreffende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten (decreet BOA).
Gelet op het wijzigingsdecreet buitenschoolse opvang en activiteiten van 21 november 2025.
Gelet op het wijzigingsbesluit buitenschoolse opvang en activiteiten van de Vlaamse regering van 23 januari 2026.
Gelet op het besluit 2012/21/EU van de Europese Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen, hierna genoemd het DAEB-Besluit.
Overwegende dat het decreet BOA bepaalt dat de Vlaamse middelen voor buitenschoolse opvang vanaf 1 september 2026 worden overgedragen aan de gemeenten die voortaan de regierol opnemen over het buitenschoolse aanbod kinderopvang en de opdracht krijgen om beslissingen te nemen over besteding en verdeling van de beschikbare financiële, personele, logistieke en infrastructurele middelen.
Gelet op zijn beslissing van 13 februari 2014 betreffende de goedkeuring van de samenwerkingsovereenkomst tussen vzw Ferm Kinderopvang (toen nog vzw Landelijke Kinderopvang) en de gemeente Zandhoven betreffende de organisatie van het initiatief buitenschoolse kinderopvang en kinderdagverblijf Stekelbees.
Overwegende dat de huidige samenwerkingsovereenkomst vanaf 1 september 2026 niet langer is aangepast aan het decreet BOA en bijgevolg een einde neemt op 31 augustus 2026 voor wat betreft de bepalingen die betrekking hebben op buitenschoolse kinderopvang.
Overwegende dat beide partners de continuïteit van het bestaande aanbod verder wensen te waarborgen terwijl het lokaal bestuur zijn regierol verder uitwerkt en een marktverkenning opzet voor de organisatie van buitenschoolse kinderopvang.
Gelet op de voorliggende nieuwe samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente Zandhoven en vzw Ferm Kinderopvang die tegemoetkomt aan de regelgeving van decreet BOA en geldt als tijdelijke overgangsregeling in het kader van de verdere implementatie van het decreet buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA) binnen gemeente Zandhoven.
Overwegende dat de nieuwe tijdelijke samenwerkingsovereenkomst geldt van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2028;- dat de voorwaarde tot het voldoen aan de vereisten van het lokaal erkennings- en handhavingskader BOA Zandhoven hierin is opgenomen.
Overwegende dat met de inhoud van samenwerkingsovereenkomst akkoord gegaan kan worden.
Overwegende dat gemeente Zandhoven bij het ondertekenen van de samenwerkingsovereenkomst vertegenwoordigd moet zijn;- dat het derhalve noodzakelijk is twee personen aan te stellen die bij de ondertekening de gemeente Zandhoven zullen vertegenwoordigen en gerechtigd zijn deze samenwerkingsovereenkomst rechtsgeldig te ondertekenen.
Overwegende dat de BOA-subsidies noodzakelijk zijn om een deel van de kosten van vzw Ferm Kinderopvang voor het uitbaten van BKO Zandhoven te betalen, aangezien BKO niet kostendekkend is met enkel de ouderbijdragen;- dat de BOA-subsidie dus noodzakelijk is om de buitenschoolse opvang kwaliteitsvol te blijven garanderen.
Overwegende dat buitenschoolse kinderopvang voor kinderen van 2,5 tot 12 jaar (voor- en naschools én tijdens de schoolvrije dagen en -vakanties) een Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB) is;- dat deze opdracht bij huidige beslissing wordt toegekend aan vzw Ferm Kinderopvang voor de periode van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2028 waarbij de concrete modaliteiten worden vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst.
Overwegende dat de financiering van de dienst via de BOA-subsidies gebeurt aan de hand van kwartaalvoorschotten ten belope van 25% van de financiële prognose en uitbetaling van het saldo na jaarlijkse voorlegging van een inhoudelijk en financieel rapport met gedetailleerde melding van alle kosten en inkomsten van de dienst.
Overwegende dat het lokaal bestuur toezicht houdt op de uitvoering en het voldoen aan de voorwaarden van het lokaal erkenningskader via halfjaarlijkse rapportering en overleg met de stuurgroep;- dat er jaarlijks een financieel en inhoudelijk verslag bezorgd wordt door de organisator aan het lokaal bestuur;- dat bij het niet naleven van de erkenningsvoorwaarden er een plan van aanpak kan worden opgesteld en eventueel extra handhavingsmaatregelen, zoals opgenomen in het lokaal erkennings- en handhavingskader.
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te verlenen aan navolgende samenwerkingsovereenkomst tussen vzw Ferm Kinderopvang en gemeente Zandhoven voor de organisatie van buitenschoolse kinderopvang geldig van 1 september 2026 tot en met 31 augustus 2028:
| Samenwerkingsovereenkomst tussen vzw Ferm Kinderopvang en gemeente Zandhoven voor de organisatie van buitenschoolse kinderopvang |
||||||
|
|
Artikel 1: De partners van de samenwerkingsovereenkomst |
|||||
|
|
Deze samenwerkingsovereenkomst wordt gesloten tussen ondergetekenden: |
|||||
|
|
|
Gemeente Zandhoven, voor wie optreden Hans Soetemans, voorzitter gemeenteraad en Annick Smeets, algemeen directeur, in uitvoering van een beslissing van de gemeenteraad van 25 juni 2026, hierna genoemd het ‘bestuur’ |
||||
|
|
en |
|||||
|
|
|
Ferm Kinderopvang vzw, Remylaan 4B, 3018 Wijgmaal, vertegenwoordigd door Ellen Verpeet, directeur, hierna genoemd ‘Ferm Kinderopvang’. |
||||
|
|
Gezamenlijk de ‘partijen’ genoemd; |
|||||
|
|
Artikel 2: Het onderwerp van de samenwerkingsovereenkomst |
|||||
|
|
In opdracht van het bestuur staat Ferm Kinderopvang in voor de organisatie en het beheer van buitenschoolse opvanglocatie met lokale erkenning in Zandhoven: |
|||||
|
|
|
|
||||
|
|
Artikel 3: De oprichting van een stuurgroep |
|||||
|
|
Om de samenwerking te ondersteunen is er een stuurgroep die adviezen formuleert in verband met de samenwerking. De leden van de stuurgroep zijn: |
|||||
|
|
|
|
||||
|
|
De stuurgroep komt minstens 2 maal per jaar samen. |
|||||
|
|
Artikel 4: De verbintenissen van Ferm Kinderopvang vzw |
|||||
|
|
Ferm Kinderopvang verbindt zich: |
|||||
|
|
|
|
||||
|
|
|
|
|
|||
|
|
|
|
||||
|
|
|
|
|
|||
|
|
|
|
||||
|
|
|
|
|
|||
|
|
|
|
||||
|
|
|
|
|
|||
|
|
|
|
|
|
||
|
|
|
|
|
|||
|
|
|
|
|
▪ |
De personeelskosten op basis van het overeengekomen contingent en een loonforfait opgebouwd uit: |
|
|
|
|
|
|
|
- |
een tarief op basis van de loonbarema’s PC331 en de gemiddelde anciënniteit per personeelsgroep binnen de BKO-werking van Ferm Kinderopvang. |
|
|
|
|
|
|
- |
Een overhead van 15% ter dekking van de provinciale en nationale ondersteuning. |
|
|
|
|
|
|
De loonforfait wordt jaarlijks aangepast aan de evolutie van het loonbarema PC331, de gezondheidsindex en aan de evolutie van de gemiddelde anciënniteit binnen Ferm Kinderopvang. |
|
|
|
|
|
|
|
||
|
|
|
|
|
|
- |
een algemeen forfait voor werkingskosten, jaarlijks indexeerbaar op basis van de groeivoet van de gezondheidsindex |
|
|
|
|
|
|
- |
De huurprijs van het gebouw |
|
|
|
|
|
|
- |
Een raming van de aankoopkosten voor vieruurtjes |
|
|
|
|
|
|
||
|
|
|
|
|
|||
|
|
|
|
||||
|
|
Artikel 5: De verbintenissen van het bestuur |
|||||
|
|
Het lokaal bestuur verbindt zich: |
|||||
|
|
|
|
||||
|
|
|
|
|
|||
|
|
|
|
|
|
||
|
|
|
|
|
|||
|
|
|
|
||||
|
|
|
|
|
|||
|
|
|
|
||||
|
|
Er wordt 1x/jaar een grondige evaluatie gemaakt. Op dat moment kan bijsturing afgesproken worden op vlak van werking, infrastructuur en/of financiën. |
|||||
|
|
Artikel 6: De duur van de samenwerkingsovereenkomst |
|||||
|
|
Deze overeenkomst heeft een bepaalde duurtijd en vangt aan op 1 september 2026 en eindigt van rechtswege op 31 augustus 2028 zonder dat enige opzeg nodig is. Deze overeenkomst vervangt de voorgaande samenwerkingsovereenkomst voor wat betreft de bepalingen die betrekking hebben op buitenschoolse kinderopvang. Uiterlijk zes (6) maanden vóór het einde van de samenwerkingstermijn zal het lokaal bestuur indien mogelijk Ferm Kinderopvang schriftelijk informeren over de stand van zaken inzake de verdere organisatie van de dienstverlening na afloop van deze samenwerkingsovereenkomst, met name of Ferm Kinderopvang in aanmerking komt voor de verdere samenwerking dan wel of het lokaal bestuur zal overgaan tot een alternatieve organisatievorm. Deze kennisgeving beoogt Ferm Kinderopvang toe te laten haar personeels-, investerings- en continuïteitsbeslissingen tijdig en zorgvuldig voor te bereiden. |
|||||
|
|
Artikel 7: Ontbinding van de samenwerkingsovereenkomst |
|||||
|
|
Indien één van de ondertekenende partijen ernstig in gebreke blijft m.b.t. de bepalingen van deze samenwerkingsovereenkomst, kan de andere partij de overeenkomst verbreken via aangetekend schrijven, zonder enige vorm van schadevergoeding, mits voorafgaande ingebrekestelling en op voorwaarde dat de werking van het initiatief niet in gevaar wordt gebracht. De ingebrekestelling gebeurt via aangetekend schrijven. In geval van stopzetting door het bestuur blijft het bestuur instaan voor de loonkost zodat de wettelijke opzegtermijnen van de medewerkers gerespecteerd kunnen worden, zelfs indien deze opzegtermijnen de duur van de opzegtermijn van de samenwerkingsovereenkomst overschrijdt. |
|||||
|
|
Artikel 8: vorige overeenkomst |
|||||
|
|
Partijen verklaren door ondertekening van deze overeenkomst formeel een einde te stellen aan de vorige samenwerkingsovereenkomst van 25 februari 2014, enkel voor wat betreft de bepalingen die betrekking hebben op buitenschoolse kinderopvang, en dit met ingang van 1 september 2026. Voor de verduidelijking, deze samenwerkingsovereenkomst van 25 februari 2014 blijft gelden tussen partijen voor het Kinderdagverblijf Stekelbees Zandhoven. |
|||||
|
|
Artikel 9: Bijlagen |
|||||
|
|
De bepalingen van het lokaal erkennings- en handhavingskader BOA maken integraal deel uit van de overeenkomst. |
|||||
Artikel 2.
De heer Hans Soetemans en mevrouw Annick Smeets, respectievelijk voorzitter gemeenteraad en algemeen directeur, worden gemachtigd de samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen namens gemeente Zandhoven.
Artikel 3.
Het lokale bestuur gebruikt de Vlaamse BOA-subsidie om de opdracht betreffende buitenschoolse kinderopvang (voor- en naschools én tijdens de schoolvrije dagen en -vakanties) zoals omschreven in artikel 1 te financieren.
De subsidies worden toegekend met inachtneming van het besluit 2012/21/EU van de Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen.”.
Artikel 4.
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de verdere uitvoering van dit besluit.
Artikel 5.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Financiën, aan de dienst Mens & Welzijn en aan de dienst Jeugd bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 177, en latere wijzigingen.
Overwegende dat de financieel directeur in volle onafhankelijkheid instaat voor het debiteurenbeheer, in het bijzonder de opvolging van de fiscale en niet-fiscale ontvangsten.
Gelet op het rapport van de financieel directeur.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van het rapport van de financieel directeur over het debiteurenbeheer in de loop van 2025
Artikel 2.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Financiën bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 177, 265, 266 en 267, en latere wijzigingen.
Overwegende dat de financieel directeur in volle onafhankelijkheid instaat voor de voorafgaande krediet- en wetmatigheidscontrole van beslissingen met een budgettaire en financiële impact.
Gelet op het rapport van de financieel directeur.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van het rapport van de financieel directeur over de uitvoering van zijn visumplicht over beslissingen van 2025.
Artikel 2.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Financiën bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikelen 302 en 303.
Overwegende dat de algemeen directeur jaarlijks rapporteert aan de gemeenteraad.
Gelet op het jaarverslag 2025 over klachtenbehandeling.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van het jaarverslag 2025 over klachtenbehandeling.
Artikel 2.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat bezorgd worden.
De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, in het bijzonder artikel 219.
Overwegende dat de algemeen directeur jaarlijks, uiterlijk voor 30 juni, rapporteert aan de gemeenteraad.
Gelet op het rapport van de algemeen directeur.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van de rapportering van de algemeen directeur over organisatiebeheersing.
Artikel 2.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Secretariaat bezorgd worden.
Dit punt werd op de dagorde geplaatst door de Vlaams Belang fractie en dhr. Ven P. licht toe als volgt:
Gelet op het feit dat het op- en afrittencomplex volledig heraangelegd is.
Gelet op het feit dat Zandhovensteenweg richting Oelegembaan verboden is voor zwaar verkeer
Gelet op het feit dat er onderaan de afrit er een duidelijke voorselectie is zonder uitwijkmogelijkheden.
Gelet op het feit dat zwaar afslaand (rechts) verkeer na 50 meter een bocht moet maken van 180 graden om terug te keren.
Gelet op het feit dat het verbod een beslissing is van de gemeente Zandhoven.
Gelet op het feit dat de afrit op grondgebied van de gemeente Ranst ligt.
Opdracht:
Het gemeentebestuur van Zandhoven neemt contact op met het gemeentebestuur van Ranst.
Aan het agentschap van wegen en verkeer erop aandringen dat er op de afrit een verkeersbord komt. Op deze manier kan het zwaar verkeer tijdig een voorselectie maken.
Dit punt werd op de dagorde geplaatst door de N-VA fractie en dhr. Stulens D. licht toe als volgt:
In verschillende gemeenten worden tijdens de eindejaarsperiode succesvolle winterdorpen georganiseerd. Dergelijke initiatieven zorgen niet alleen voor extra sfeer en beleving in een gemeente, maar bieden ook kansen aan lokale handelaars, horeca-uitbaters en verenigingen.
Zandhoven beschikt over een actief verenigingsleven, een sterke lokale middenstand en verschillende aantrekkelijke locaties die hiervoor in aanmerking kunnen komen. Bovendien is er, gezien de huidige periode van het jaar, nog voldoende tijd om samen met geïnteresseerde partners een initiatief uit te werken voor de komende winter.
De bedoeling is nadrukkelijk niet dat de gemeente zelf optreedt als organisator. Wel kan de gemeente een faciliterende rol opnemen door geïnteresseerde partijen samen te brengen, logistieke ondersteuning te onderzoeken en eventuele vergunningen en praktische afspraken te coördineren.
Een winterdorp kan bijdragen aan:
Daarom stellen wij voor om de interesse bij lokale ondernemers, horeca-uitbaters en verenigingen te peilen en te onderzoeken of een dergelijk initiatief haalbaar is.
Voorstel van beslissing
De gemeenteraad vraagt het college van burgemeester en schepenen:
Dit punt werd op de dagorde geplaatst door de N-VA fractie en mevr. Van den Heuvel C. licht toe als volgt:
Dagelijks maken duizenden inwoners van Zandhoven gebruik van de N14 als belangrijke verbindingsweg richting de E313, Massenhoven, Zoersel en Lier. Op verschillende locaties langs deze gewestweg versmallen twee rijstroken naar één rijstrook. Tijdens drukke momenten leidt dit regelmatig tot stilstaand of traag verkeer.
In de praktijk merken we dat veel bestuurders reeds ver voor de versmalling invoegen, terwijl anderen het tweede rijvak blijven gebruiken tot vlak voor het einde. Hoewel dit laatste perfect in overeenstemming is met het wettelijk verplichte ritsprincipe, wordt dit door veel weggebruikers ervaren als "voorsteken". Dit zorgt voor irritatie, gevaarlijke manoeuvres, conflicten tussen bestuurders en een minder vlotte verkeersafwikkeling.
Nochtans is het doel van het ritsprincipe net om beide rijstroken maximaal te benutten tot aan de versmalling. Onderzoek toont aan dat een correcte toepassing van het ritsprincipe de beschikbare wegcapaciteit beter benut, de filelengte beperkt en de doorstroming verbetert.
Op verschillende plaatsen in Vlaanderen wordt daarom gebruikgemaakt van bijkomende signalisatie en sensibilisering om bestuurders aan te moedigen correct te ritsen. Duidelijke borden, wegmarkeringen of vooraankondigingen kunnen weggebruikers erop wijzen dat zij beide rijstroken mogen gebruiken en pas op het einde beurtelings dienen in te voegen.
Aangezien de N14 een gewestweg is, behoort de plaatsing van dergelijke signalisatie niet tot de bevoegdheid van de gemeente. De gemeente kan echter wel het initiatief nemen om samen met het Agentschap Wegen en Verkeer te bekijken waar dergelijke maatregelen een meerwaarde kunnen bieden.
Dit voorstel heeft niet alleen betrekking op verkeersdoorstroming, maar ook op het verminderen van frustraties en spanningen tussen weggebruikers tijdens de dagelijkse spitsmomenten.
Voorstel van beslissing
De gemeenteraad beslist:
Dit punt werd op de dagorde geplaatst door de N-VA fractie en dhr. Smets P. licht toe als volgt:
Bij de werken aan de Liersebaan werd ervoor gekozen om in de Sint-Jozefstraat een tijdelijke parking aan te leggen voor gebruikers van Leefschool ’t Zandhofje.
Kan het college toelichten wat de verdere plannen zijn voor deze parking? Wordt deze op termijn opnieuw verwijderd en in haar oorspronkelijke toestand hersteld, of overweegt men een permanente invulling?
Werd hierover reeds overleg gepleegd met de school en de buurtbewoners?
Dit punt werd op de dagorde geplaatst door de N-VA fractie en dhr. Stulens D. licht toe als volgt:
Bij inwoners van Viersel circuleren plannen voor een mogelijke ontwikkeling van het binnengebied tussen de Parochiestraat, Beemdstraat en Veerstraat. Uit ontwerpvoorstellen die ons werden bezorgd, blijken minstens twee scenario's onderzocht te worden: een minimumscenario met ongeveer 28 woningen en 54 parkeerplaatsen en een maximumscenario met ongeveer 41 woningen en 73 parkeerplaatsen.
Hoewel het om private gronden gaat, vernemen wij dat de gemeente mogelijk betrokken is bij de begeleiding van dit traject.
Daarom volgende vragen:
Dit punt werd op de dagorde geplaatst door de N-VA fractie en dhr. Stulens D. licht toe als volgt:
Naar aanleiding van de geplande werken van Aquafin in de Veerstraat, waarbij de bestaande kleinschalige waterzuiveringsinstallatie (KWZI) wordt vervangen door een pompstation en een gescheiden rioleringsstelsel wordt aangelegd, wordt ook een herinrichting van de Veerstraat voorzien.
Volgens de beschikbare informatie wil men de straat omvormen tot een woonstraat, met aandacht voor ontharding, bijkomend groen, een aangepaste verkeerscirculatie en een georganiseerde parkeerinrichting.
Gezien de impact van deze ingrepen op de leefbaarheid, mobiliteit en bereikbaarheid van de buurt, wensen wij hierover een toelichting van het college en een bespreking in de gemeenteraad.
Gezien er tijdens de raadzitting van heden geen opmerkingen worden gemaakt over de redactie van het zittingsverslag en de notulen van de gemeenteraad van 28 mei 2026, overeenkomstig art. 24 van het huishoudelijk reglement en art. 32 van het decreet Lokaal Bestuur, zijn het zittingsverslag en de notulen van bedoelde zitting, goedgekeurd.
Namens gemeenteraad,
Annick Smeets
algemeen directeur
Hans Soetemans
voorzitter gemeenteraad