De gemeenteraad,
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Gelet op de Wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, en latere wijzigingen.
Gelet op de Wet van 28 januari 1975 betreffende de gemeentebelastingen op het lijkenvervoer, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, en latere wijzigingen.
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 14 mei 2004 tot organisatie, inrichting en beheer van begraafplaatsen en crematoria, en latere wijzigingen.
Gelet op de omzendbrief BA-2006/03 betreffende de toepassing van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en de uitvoeringsbesluiten, en latere wijzigingen.
Gelet op het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen.
Gelet op zijn beslissing van 19 december 2019 waarbij het belastingreglement op de lijk- en asbezorging van personen vreemd aan de gemeente werd goedgekeurd.
Overwegende dat het aangewezen lijkt om voormeld reglement te hernieuwen.
Gelet op de financiële toestand van de gemeente en gelet op de noodzaak om het budgettair evenwicht te houden.
Op voorstel van het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 1.
Met ingang van 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt een belasting geheven op:
Artikel 2.
De belasting is verschuldigd door de aanvrager van de begraving, verstrooiing of bijzetting in een columbarium.
Artikel 3.
Het bedrag van de belasting bedraagt 80,00 euro.
Artikel 4.
De belasting is niet verschuldigd voor:
Artikel 5.
De belasting is betaalbaar door de aanvrager op het ogenblik van de aanvraag tegen afgifte van een betalingsbewijs. Indien de retributie niet onmiddellijk wordt geïnd, dient deze te worden betaald binnen 30 kalenderdagen na verzending van de factuur door de gemeente.
Artikel 6.
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag, de belastingverhoging (in voorkomend geval) of de administratieve geldboete (in voorkomend geval) bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 7.
Dit reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 en 287 van het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen.
Artikel 8.
Een afschrift van deze beslissing zal aan de dienst Financiën, dienst Secretariaat en de dienst Burgerzaken bezorgd worden.